Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-44

ZITTING 2004-2005

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Vice-eerste minister en minister van Begroting en Overheidsbedrijven (Overheidsbedrijven)

Vraag nr. 3-2766 van de heer Van Overmeire d.d. 26 mei 2005 (N.) :
Treinreizigers die niet over een geldig vervoerbewijs beschikken. — Formulier « C170 ». — Bevoegdheden van de treinbegeleiders. — Tussenkomst van de politie.

Wanneer een treinreiziger over geen geldig vervoerbewijs beschikt, en zich geen vervoerbewijs wil of kan aanschaffen, wordt een formulier « C170 » (« vastgestelde onregelmatigheid van een reiziger ») opgesteld. Wanneer de treinreiziger zijn of haar identiteit niet wil of kan bekendmaken, wordt de tussenkomst van de politie gevorderd.

1. Wat is de evolutie in het aantal opgestelde formulieren C170 de voorbije vijf jaar ?

2. In hoeveel gevallen was de tussenkomst van de politie noodzakelijk ?

3. Overweegt de regering de uitbreiding van de bevoegdheden van de treinbegeleiders, zodat de tussenkomst van de politie niet langer noodzakelijk is ?

4. In hoeveel gevallen ging het opstellen van een formulier C170 gepaard met agressie van de betrokken reiziger ?

5. Klopt het dat reizigers zonder geldig vervoerbewijs niet bij de eerstvolgende halte de trein moeten verlaten, maar dat ze hun reis kunnen verder zetten tot de door hen gekozen bestemming ?