Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-39

ZITTING 2004-2005

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Vice-eerste minister en minister van Begroting en Overheidsbedrijven (Overheidsbedrijven)

Vraag nr. 3-2130 van de heer Brotcorne d.d. 24 januari 2005 (Fr.) :
NMBS. — Jaarabonnementen. — Dubbele prijsverhoging.

Op 1 januari 2003 lanceerde de NMBS een promotiecampagne om de klanten die een abonnement voor een langere periode kopen aan zich te binden.

Als een reiziger een trajecttreinkaart voor een jaar kocht, betaalde hij 9 maanden in de plaats van 12.

Dat was een goed initiatief om de reizigers ertoe aan te zetten de trein te gebruiken als vervoermiddel en het bood een alternatief voor de auto.

Twee jaar later werd die prijsverlaging afgeschaft met ingang van 1 januari 2005. Voor de reiziger komt dat neer op een prijsverhoging van 10 %.

Tegelijkertijd werd beslist de prijs van de jaarabonnementen met 11 % op te trekken.

Die gecombineerde tariefverhogingen hebben menig reiziger verrast. Zij zijn een heuse hap in het gezinsbudget. Een jaarabonnement voor een trajecttreinkaart tussen Doornik en Brussel kost 1 508 euro, dat is een prijsstijging met meer dan 250 euro. Voor een koppel werknemers uit Doornik die beslist hebben zich met de trein naar hun werk in de hoofdstad te begeven, betekent het een extra jaarlijkse uitgave van meer dan 500 euro.

Principieel wil men het gebruik van de trein aanmoedigen. Is de minister het in het licht daarvan eens met die prijsstijging ? Werd hij geraadpleegd ? De verhoging bedraagt meer dan 21 %. Wat stelt hij voor aan de benadeelde reizigers die, in ieders belang, ervoor gekozen hebben om dagelijks de trein te gebruiken in de plaats van de auto ?

Antwoord : In antwoord op de gestelde vragen heb ik de eer het geachte lid het volgende mee te delen.

Als gevolg van de toenemende verkeersdrukte werden de voorbije jaren verschillende maatregelen genomen om het gebruik van de treinkaarten te bevorderen :

— 1 februari 2000 : verkoop van de jaartreinkaarten tegen 9 × de prijs voor 1 maand in plaats van 10 × de prijs voor 1 maand (10 % korting);

— 1 april 2001 : verhoging van de werkgeversbijdragen met 6 %;

— vanaf 1 december 2002 tot einde 2004 : 10 % extra (directe) korting voor de jaartreinkaarten, 7,5 % korting voor een maandtreinkaart, 8 % korting voor een driemaandelijkse treinkaart en 5,8 % korting voor een weektreinkaart door storting in de persoonlijke elektronische portefeuille;

— tot begin 2004 bestond er tevens een systeem van Bonus Passen waarbij gratis reizen werden toegekend in verhouding tot de geldigheidsperiode van de treinkaart.

Ondertussen bestaat de mogelijkheid om een overeenkomst met de NMBS te sluiten waarbij de werkgever 80 % (wettelijk momenteel al 60 % gemiddeld) van de treinkaart voor zijn rekening neemt en de overheid 20 % met als gevolg dat de werknemer gratis naar zijn werk kan sporen.

Om een kwaliteitsvolle service te kunnen blijven bieden heeft de NMBS beslist om de prijzen van de jaartreinkaarten vanaf l oktober 2004 opnieuw aan te bieden tegen 10 × de prijs voor 1 maand.

Aangezien de doorsnee werknemer meer dan 10 maanden per jaar (gemiddeld 10,5 maanden) naar het werk pendelt, is een jaartreinkaart nog steeds voordeliger. Door de evenredige aanpassing van de tussenkomst van de werkgever weegt deze verhoging minder zwaar voor de klant die het voormelde gratis woon-werkverkeer (nog) niet kan genieten.