Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-36

ZITTING 2004-2005

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Vice-eerste minister en minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 3-1985 van mevrouw Hermans d.d. 7 januari 2005 (N.) :
Belgische kerncentrales. — Veiligheid.

De privé-inspectiefirma AIB-Vinçotte Nucleair (hierna afgekort als AVN) richtte een schrijven op 23 juni 2004 aan de exploitant van de Belgische kerncentrales (Electrabel) en aan het Federaal Agentschap voor nucleaire controle (hierna afgekort als FANC).

Dit schrijven stelde dat de installaties van onze kerncentrales technisch wel in orde zijn, maar dat de organisatie van de veiligheid te wensen laat. De directeur van AVN had het in een interview op 15 november 2004 over structurele zwakten in de organisatie van de veiligheid.

Nooit tevoren was het bedrijf dat sinds 1969 in België het nucleaire park controleert, met kritische bedenkingen naar buiten gekomen.

Het gaat niet zo zeer om inbreuken op de veiligheidsregels, doch om verschillende kleinere incidenten die echter de voorbode kunnen zijn van grotere problemen, aldus AVN.

De veiligheidsvoorschriften van de kerncentrales worden minder strikt opgevolgd dan vroeger.

De volgende feiten kwamen aan het licht :

— Doel 1 en 2, de twee oudste centrales van het land, moesten tijdens de hete zomer van 2003 hun energieproductie verminderen. De temperatuur van het koelwater dat de centrale in de Schelde loodste bleek veel te hoog te zijn. Diverse veiligheidsonderdelen van de centrales Doel 1 en 2 bleken niet bestand te zijn tegen de hoge temperaturen. Blijkens het schrijven van AVN vertonen Doel 1 en 2 duidelijk ouderdomsverschijnselen.

— De dubbele wand die de centrales Doel 1 en 2 moeten beschermen, vertoonden microbarsten, waardoor er water insijpelde. Vooral de waterlekken aan de primaire wand zijn onrustwekkend, aldus het AVN. Deze problemen werden vastgesteld in zones waar de veiligheidskleppen en leidingen in contact zijn met de reactor. AVN stelt dat dit een ernstige reden tot ongerustheid moet zijn.

— In de controlekamer van Doel 1 en 2 zijn er nog steeds problemen met de waterdichtheid. Luidens het schrijven van het AVN is dit probleem moeilijk oplosbaar. Het is onduidelijk welke de gevolgen hiervan zijn voor de veiligheid.

— In Doel 3 was er een verontreiniging met Polonium 210. De eigenlijke oorzaak van deze vervuiling werd luidens het jaarverslag 2003 van het AVN niet gevonden.

— In Doel 4 was er op 21 maart 2003 een panne in een turbinesysteem, aldus het voormelde jaarverslag.

— In Doel 4 werden vodden teruggevonden achter de pomp van een systeem dat bij een ongeluk de kernreactor zou moeten afkoelen.

— In de nucleaire centrale van Tihange 1 werden zeven noodstops uitgevoerd in 2003. Dit zijn noodprocedures waarbij de centrale wegens onvoorziene omstandigheden wordt stilgelegd. De reden van de noodstops waren onder meer defecten van bepaalde kleppen, een gebrek in een elektrische kabel, een menselijke fout tijdens een periodieke test, een defect expansievat ...

— In Tihange 2 werden twaalf werknemers blootgesteld aan radioactieve bestraling op 12 oktober 2003.

Naar aanleiding van het schrijven van AVN werd er een interne audit uitgevoerd van juni tot oktober 2004. Tengevolge van deze audit werd een actieplan ingesteld en werden zes ingenieurs in Tihange en twee ingenieurs in Doel aangeworven.

Op 6 december 2004 stelden de vakverenigingen (CNE en CGSP van de nucleaire sector) dat deze aanwervingen enkel eerdere vacatures invullen. Er zou geen sprake zijn van bijkomende krachten. Verder beweren ze dat het fundamentele probleem schuilt in de snelle personeelsinkrimping, die het gevolg is van een toenemend beroep op onderaanneming. In drie jaar tijd is het vast personeel in de centrales van Doel afgenomen van 1 035 tot ongeveer 700 en in Tihange van 950 naar 750.

Verder stellen de vakverenigingen dat bij de bovenvermelde audit enkel de kaderleden werden bevraagd en niet de mensen op het terrein. De onafhankelijkheid van de audit werd in vraag getrokken, aangezien hij werd uitgevoerd door Electrabel, de exploitant van de kerncentrales.

Op de laatste ondernemingsraad van Tihange benadrukten de vakverenigingen dat het systematische beroep op onderaanneming zowel de interne veiligheid (risico's wegens gebrek aan vakkennis en ervaring) als de externe veiligheid (terrorisme) in het gedrang brengt.

Verder wezen de vakverenigingen erop dat de infrastructuur niet meer preventief wordt onderhouden. Als voorbeeld haalden ze de panne aan van het afkoelingssysteem van de centrale van Tihange door de proliferatie van schelpdieren op de wanden van de afkoelingstoren. Dit incident kon plaatsvinden door een gebrek aan preventieve chemische controle.

Verder wordt er gewag gemaakt van ernstige gebreken (branden en explosies) aan de elektriciteitspanelen en de hoogspanningskabels in Tihange.

Deze incidenten kunnen zware gevolgen hebben voor de veiligheid van de centrales.

Op 20 november 2004 was er een sterke rookontwikkeling op de nucleaire site van Tihange 2. Deze werd veroorzaakt door een kortsluiting in een elektrisch paneel. De schade zou volgens Belga aanzienlijk zijn.

Op 27 november 2004 gaf de beleidscel van Binnenlandse Zaken toe dat de gegevensbank voor veiligheidsscreenings niet altijd perfect werkt. De nationale databank van de politie wordt niet in « real time » gevoed. Hierdoor kan het even duren alvorens de processen-verbaal in de gegevensbank opgenomen worden.

Tevens werd toegegeven dat sommige maatregelen om, in uitvoering van de wet op de kerncentrales, de opwerkingsfabrieken en opslagplaatsen voor nucleair afval beter te beschermen tegen terreuraanslagen en sabotage, nog niet werden geïmplementeerd. De kans op een terroristische aanslag op een kerncentrale of een nucleair onderzoekscentrum is nochtans niet denkbeeldig. De Nederlandse Justitie stelde onlangs vast dat terroristen plannen hadden voor aanslagen op onder meer de kerncentrale van Borssele. Een verdachte werd aangehouden en men ontdekte een map met plattegronden van de gebouwen.

Luidens Gazelco (de socialistische vakvereniging van de werknemers uit de gas- en elektriciteitssector) is de dagelijkse controle van de centrales in handen van een ploeg van tien mensen. In Duitsland en Frankrijk bestaat het controleteam uit 18 mensen.

Graag had ik van de geachte minister een antwoord ontvangen omtrent volgende vragen :

1. In het jaarverslag 2003 van AVN staat de volgende passage « The degradation of the steam generators of both Doel 1 and Doel 2 remains stable and seems to be under control. The crack indications in the reactor vessel head penetration nozzles seem to be stable at Doel 2 but at Doel 1 a measurable evolution was noticed without compromising short-term safety of the unit. The leak tightness of the primary containment of both units needs to be further improved. For both units the as found values for primary containment penetrations leak rate can be a concern. The leak tightness of the Doel 1 secondary containment is also to be watched ». Kan de geachte minister aangeven of het probleem van de lekken in zowel de primaire als de secundaire wanden van Doel 1 en 2 structureel is opgelost en zo ja, op welke wijze ?

2. Kan de geachte minister aangeven of het aangehaalde probleem betreffende de lekdichtheid van de controlekamer van Doel in het jaarverslag 2003 van het AVN (« The problem of the leak tightness of the control room is still present and seems difficult to be resolved ») reeds definitief is opgelost ? Zo ja, op welke wijze ? Zo neen, waarom niet ?

3. Kan de geachte minister aangeven of er buiten Doel 1 en 2 nog kerncentrales zijn waar er lekken en/of microbarsten zijn in de primaire en/of de secundaire wand ?

4. Tijdens de warme zomer van 2003 bleken diverse veiligheidsonderdelen van de centrales Doel 1 en 2 niet bestand te zijn tegen de hoge temperaturen. Zijn deze onderdelen reeds aangepast, waardoor dergelijke pannes tengevolge van een hittegolf niet meer mogelijk zijn ?

5. Betreffende Doel 1 staat er nog een opvallende opmerking in het jaarverslag van het AVN in 2003 : « Two INES level 1 events occurred in 2003 in Doel 1. One concerned the discovery of unavailability of numerous fire-resistant penetrations. ». Is dit probleem van vuurresistente toegangen structureel opgelost en kan dit worden toegelicht ?

6. Graag zou ik tevens de aandacht willen vestigen op de volgende niet onbelangrijke passage in het jaarverslag 2003 van het AVN : « On October 26th, a high collective exposure of a dozen workers took place during the removal of the internal structures from the reactor vessel (37 men-mSv). The individual annual legal dose limit (20 mSv) was not exceeded. This event, due to a lack of work preparation and the non-application of the existing ALARA procedure, was classified INES level 1. ». Een van de aanklachten in het schrijven van het AVN van 23 juni 2004 en van de vakverenigingen is net de structurele zwakte in de organisatie van de veiligheid.

Welke maatregelen werden getroffen om de organisatie van de veiligheid te verhogen ? Kan de geachte minister dit uitvoerig toelichten ?

7. Tengevolge van de kritiek van AVN werd weliswaar een interne audit uitgevoerd, doch ze werd uitgevoerd door Electrabel. Meent de geachte minister dat deze audit voldoende garanties inzake onafhankelijkheid biedt, aangezien Electrabel eveneens de uitbater is van de centrales ? Zo ja, kan hij dit uitvoerig toelichten ?

8. Een paar jaar geleden nodigde Nederland het Internationaal Atoomagentschap in Wenen uit voor een inspectieopdracht. Alhoewel Nederland overtuigd was dat alles in orde zou zijn, stootte het Atoomagentschap op allerlei tekortkomingen. Dit getuigt van goed beleid. Is de geachte minister bereid om een externe audit te laten voeren naar de organisatie van de veiligheid in de kerncentrales en zo ja, tegen wanneer ? Zo neen, kan hij dit uitvoerig toelichten, alsook aangeven welke andere maatregelen hij nuttig acht ?

9. Kan de geachte minister aangeven welke bedragen de laatste vijf jaar en dit jaar, per jaar werden uitgegeven aan het onderhoud van de centrales in respectievelijk Doel en Tihange ?

10. Op drie jaar tijd verminderde het vast personeel in Doel van 1 035 naar 700 en in Tihange van 950 naar 750. Dit werd opgevangen door onderaanneming. Welke taken verrichtten in 2003 het personeel in onderaanneming ? Vielen onderhoudstaken van de centrale hieronder en zo ja, acht de geachte minister dit compatibel met de strenge veiligheidseisen die een dergelijke technologie vereist ?

11. Worden de personeelsleden die in onderaanneming werken in de diverse nucleaire centrales, systematisch gescreend ? Zo ja, om hoeveel mensen gaat het en hoeveel mensen werden geweigerd ? Zo neen, waarom worden er geen systematische veiligheidsscreenings uitgeoefend ?

12. Een aantal maatregelen om, in uitvoering van de wet op de kerncentrales, de opwerkingsfabrieken en opslagplaatsen voor nucleair afval beter te beschermen tegen terreuraanslagen en sabotage van 11 april 2003 werden nog niet uitgevaardigd. Dit diende te geschieden via koninklijke besluiten. Gezien onder meer de hoger aangehaalde dreiging van aanslagen in Nederland, is dit dringend. Kan de geachte minister aangeven wanneer deze zullen worden uitgevaardigd alsook wat de belangrijkste beleidslijnen zullen zijn ?

13. Kan de geachte minister aangeven welke investeringen er jaarlijks worden gedaan in preventief onderhoud van het materiaal en dit jaar per jaar voor de laatste vijf jaar ?

14. Kan hij aangeven of en zo ja, binnen welk tijdsbestek men zal overgaan tot de vervanging van de elektriciteitspanelen en de hoogspanningskabels van Tihange gezien de ernstige gebreken en de incidenten zoals bleek op 20 november 2004 ?

15. Klopt het dat er voor de dagelijkse controle van de centrales een ploeg van tien mensen instaat ? Zo ja, acht de geachte minister dit voldoende en kan hij dit toelichten ? Zo neen, hoeveel mensen staan er dan wel in voor de dagelijkse controle van de centrales en wat is hun hoedanigheid ?

Antwoord : Vooreerst dient opgemerkt dat een aantal van de door het geachte lid aangehaalde « feiten » een interpretatie zijn van tekstpassages uit documenten van AVN, zoals jaarverslagen, waarvan de draagwijdte in sommige gevallen verkeerd begrepen werd. Een deel van de aangehaalde problemen hebben slechts een beperkt of zelfs helemaal geen veiligheidsbelang. Enkele voorbeelden :

— « Diverse veiligheidsonderdelen van de centrales Doel 1 en 2 bleken niet bestand te zijn tegen de hoge temperaturen. »

Een tijdelijke lichte overschrijding van de ontwerptemperatuur van een uitrusting betekent nog niet dat er zich een veiligheidsprobleem stelt. Het ontwerp van veiligheidsuitrustingen houdt voldoende veiligheidsmarge in om in dergelijke gevallen problemen te vermijden.

— « ln de controlekamer van Doel 1 en 2 zijn er nog steeds problemen met de waterdichtheid. »

Er zijn geen problemen met de waterdichtheid van de controlezaal van Doel 1 en 2 (zie eveneens 2).

— « In Doel 3 was er een verontreiniging met Polonium 210. »

De verontreiniging met Po 210 is zeer beperkt gebleven. Op basis van de uitgevoerde metingen kan men stellen dat een hoeveelheid van minder dan 1 &#%CE;&#%BC;g Po 210 (1 miljoenste van een gram) in het ganse primair circuit (dat meer dan 200 000 liter water omvat) aanwezig geweest is.

— « In de nucleaire centrale van Tihange 1 werden zeven noodstops uitgevoerd in 2003. »

Er zijn vijf noodstops geweest in Tihange 1 in de loop van 2003. Dit bewijst dat het veiligheidssysteem werkt !

— « In Tihange 2 werden twaalf werknemers blootgesteld aan radioactieve bestraling op 12 oktober 2003. »

Zoals duidelijk in het rapport van AVN staat, zijn de wettelijke limieten voor blootgestelde personen niet overschreden geweest. Dat betekent niet dat men geen aandacht moet hebben voor het voorval, maar dat men, met de nodige voorzichtigheid, het voorval moet evalueren. Dit voorval werd trouwens op niveau 1 van INES geklasseerd. Ter herinnering, de internationale INES-schaal klasseert de gebeurtenissen die de veiligheid van een nucleaire installatie aantasten in een schaal van 1 tot 7 waar niveau 1 een anomalie betreft en waar niveau 7 een ernstig ongeval betreft met verstrekkende verspreiding van radioactief materiaal. Tevens dient herinnerd te worden dat de INES-schaal enkel te beschouwen is als een communicatiemiddel naar het publiek toe en niet mag gebruikt worden voor andere doeleinden.

1. Er zijn geen lekken in de wanden van het primaire omhulsel van Doel 1 en 2. Deze wanden zijn gemaakt uit koolstofstaal en zijn perfect dicht. Het verslag van AVN spreekt van lekken ter hoogte van de afsluiters die de isolatie van het primair omhulsel moeten verzekeren. Deze lekken worden periodiek gemeten en de mogelijke evolutie daarvan wordt opgevolgd. Indien nodig worden herstellingen uitgevoerd. De lekdichtheidscriteria die van toepassing zijn voor deze afsluiters zijn zeer streng en een bepaalde verhoging van het gemeten lek kan een reden tot bezorgdheid zijn. Dit betekent geenszins dat er zich een veiligheidsprobleem stelt. De globale aanvaardingscriteria werden gerespecteerd en de afsluiters werden hersteld. Wat betreft het secundaire omhulsel in beton zijn er inderdaad kleine lekken. Veiligheidssystemen zorgen ervoor dat de ruimte tussen het primaire en het secundaire omhulsel steeds in onderdruk is en het lek wordt systematisch bewaakt. De veiligheidscriteria betreffende dit omhulsel blijven eveneens gerespecteerd. Ook voor de andere kerncentrales kan men stellen dat dergelijke lekken bestaan, systematisch bewaakt worden en dat de veiligheidscriteria ten allen tijde gerespecteerd blijven.

2. De lekdichtheid van de controlezaal wordt periodiek getest en vertoont inderdaad lichte gebreken. Deze lekdichtheid is aanbevolen om te vermijden dat mogelijks toxische gassen van buitenaf in de controlezaal zouden binnendringen (bijvoorbeeld een toxische gaswolk die ontsnapt na een calamiteit in één van de nabijgelegen chemische bedrijven) en het werk van de operatoren in de controlezaal zouden verstoren. In noodgevallen beschikken de operatoren in de controlezaal over volgelaatsmaskers om zich voldoende te beschermen tegen de aanwezigheid van mogelijks toxische gassen. De lekdichtheid van de controlezaal blijft de nodige aandacht krijgen en wordt verder behandeld om de operatoren het nodige comfort en veiligheid te bieden.

3. Wat betreft het primaire omhulsel worden de lekken ter hoogte van de isolatieafsluiters ook in de andere kerncentrales op systematische wijze gecontroleerd en waar nodig hersteld. Wat betreft het secundaire omhulsel wordt hetzelfde systeem van onderdruk en bewaking van het lek toegepast in alle Belgische centrales (zie ook het antwoord op vraag 1). Het dient tevens vermeld te worden dat het principe van een dubbel omhulsel, zoals toegepast in België, geen algemene internationaal toegepaste praktijk is en dat een aantal landen (zoals bijvoorbeeld Frankrijk) dit principe niet steeds toepast.

4. Een tijdelijke lichte overschrijding van de ontwerptemperatuur van een uitrusting betekent niet dat er zich een veiligheidsprobleem stelt. Tijdens de hittegolf van 2003 werden geen pannes op de veiligheidsuitrustingen vastgesteld. Het ontwerp van de veiligheidsuitrustingen houdt voldoende veiligheidsmarge in om in dergelijke gevallen problemen te vermijden. Naar aanleiding van de hittegolf van 2003 werd een grondige studie hieromtrent uitgevoerd om voorbereid te zijn op eventuele toekomstige hittegolven. Een aanpassing van deze veiligheidsuitrustingen werd niet nodig geacht.

5. Het aangehaalde incident betrof de vaststelling dat een aantal doorvoeren in de scheidingswanden van de diesellokalen niet voldoende afgedicht waren na installatie van bijkomende leidingen, waardoor de brandbestendigheid van deze scheidingswand niet meer gegarandeerd was. Aangezien het ontbreken van de brandbestendigheid een overtreding van de technische specificaties inhoudt en aangezien deze overtreding niet tijdig opgemerkt werd, werd dit incident op de INES-schaal geklasseerd op het niveau 1. De uitbater heeft onder toezicht van AVN de nodige correctieve maatregelen genomen om het probleem onmiddellijk op te lossen en om een eventueel terugkerend karakter van zulke problemen te vermijden.

6. Naar aanleiding van het voorval werden een aantal acties ingevoerd om de organisatie van de interventies te verbeteren. Zo werd onder meer de toepassing van de ALARA-procedure en de procedure voor de werkvoorbereiding grondig onder de loep genomen en aangepast. Tevens dient vermeld te worden dat de uitbater prompt gereageerd heeft na het voorval. Ter illustratie van de verbeteringen kan vermeld worden dat het terugplaatsen van de interne delen van de reactor geleid heeft tot een totale collectieve dosis die 100 maal kleiner was dan deze bij het vermelde voorval.

7. De interne audit, uitgevoerd door Electrabel betreft één van de actiepunten van het actieplan dat Electrabel opgesteld heeft naar aanleiding van de brieven van AVN. Deze audit heeft bijgevolg ook nooit als doel gehad een onafhankelijke doorlichting van de organisatie uit te voeren. De interne audit heeft de uitbater toegelaten om een aantal zwakkere punten in zijn organisatie te onderkennen en de nodige verbeteringsacties te voorzien en uit te voeren. De interne audit van Electrabel werd verder aangevuld met de analyses uitgevoerd door AVN, alsook de audit die het Federaal Agentschap voor nucleaire controle (FANC) uitgevoerd heeft op de sites van Tihange en Doel. Het synthese rapport van de audit van het FANC werd gepubliceerd op zijn website. Voorts voorziet Electrabel in de loop van 2005 een externe audit te laten uitvoeren door een team van experten van WANO (World Association of Nuclear Operators). De resultaten van de interne audit, de analyses van AVN, de resultaten van de audit van het FANC, alsook de resultaten van de WANO audit zullen zeker bijdragen tot een globale doorlichting van de organisatie met voldoende garanties voor een onafhankelijk karakter van deze doorlichting.

8. Zoals reeds geantwoord op mondelinge vragen gesteld in de Kamer van volksvertegenwoordigers door Philippe De Coene (12 januari 2005, CRIV51COM459), Muriel Gerkens (20 januari 2005, CRIV51PLEN114), Magda De Meyer en Servais Verherstraeten (2 februari 2005, CRIV51COM489) werd inmiddels een internationale veiligheidsaudit aangevraagd voor de Belgische kerncentrales, die zal worden uitgevoerd onder de auspiciën van het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) te Wenen. Er wordt nogmaals benadrukt dat deze audit niet mag geïnterpreteerd worden als een blijk van fundamenteel wantrouwen tegenover het nationale controlebeleid en de instanties die daarbij betrokken zijn. Voorts dient opgemerkt dat het niet opportuun zou zijn om deze audit door de IAEA onmiddellijk te laten uitvoeren. Naar aanleiding van de brieven van AVN en de daaropvolgende audit van het FANC heeft de uitbater van de Belgische centrales reeds diverse acties gestart, waarbij onder meer een aanpassing van de interne organisatie en de aanwerving van bijkomend personeel. De uitbater dient zijn aandacht naar deze punten te kanaliseren, hetgeen onvermijdelijk de nodige tijd zal vergen. Bovendien is de WANO review (zie vraag 7) voor 2005 voorzien. Dergelijke audits vergen de nodige voorbereiding en aandacht en mogen geenszins de uitbater afleiden van zijn veiligheidsopdrachten. Het is bijgevolg aangewezen om de audit door het IAEA te laten uitvoeren als sluitstuk van dit omvangrijke reviewproces.

9. De gevraagde financiële informatie is niet bekend bij de veiligheidsautoriteiten en valt niet onder hun bevoegdheid. Omwille van concurrentiële redenen is deze informatie bovendien vertrouwelijk.

10. Het personeelsbestand is als volgt geëvolueerd : op de site van Doel daalde het aantal personeelsleden van 867 (december 2000) tot 701 (december 2004); op de site van Tihange daalde het aantal van 908 (december 2000) tot 691 (december 2004). Deze vermindering is deels te wijten aan het feit dat sommige ondersteunende diensten (zoals aankoop, boekhouding, personeelsdienst) gecentraliseerd werden op niveau Electrabel en dat de betrokken personeelsleden niet meer als personeel van de kerncentrales genoteerd worden. Anderzijds dient opgemerkt te worden dat zowel de kerncentrales van Doel als deze van Tihange dit jaar en de volgende jaren tientallen nieuwe personeelsleden zullen aanwerven, vooral ter voorbereiding van het feit dat een aantal werknemers binnen enkele jaren op rust zullen gaan. Zoals overal in de procesindustrie wordt voor gespecialiseerde werken een beroep gedaan op onderaannemers. De hoeveelheid uitbesteed werk ligt voor de Belgische kerncentrales op een gemiddeld niveau ten opzichte van buitenlandse centrales. Voor de zeven reactoren samen wordt gemiddeld ongeveer 2 000 000 uren per jaar gepresteerd. Op gebied van veiligheid is het personeel van deze onderaannemers aan dezelfde strenge regels onderworpen als het Electrabel personeel. Zij hebben, waar nodig, een systeem van kwaliteitsborging en er wordt streng toegezien op de correcte uitvoering van de werken.

11. Onderaannemers die zelfstandig een taak dienen uit te voeren in de gecontroleerde zone, moeten een veiligheidsmachtiging aanvragen bij de nationale veiligheidsoverheid en deze ook effectief bekomen voor de aanvang van de werken. Voor alle andere taken dienen de onderaannemers steeds de procedure van de snelle screening te doorlopen. Een deel van het antwoord werd vroeger reeds geformuleerd naar aanleiding van de mondelinge vraag nr. 4653 van volksvertegenwoordiger Muriel Gerkens (8 december 2004, CRIV51COM430). In 2003 heeft het FANC in totaal 20 790 aanvragen tot snelle screening ontvangen, waarvan bijna 1 % (205 aanvragen) een negatief advies gekregen hebben.

12. Het stelsel van de fysieke bescherming steunt op de categorisering van het nucleair materiaal waardoor het mogelijk is de classificatie ervan te definiëren evenals deze van de zones van de installaties, van het nucleair vervoer en van de hiertoe behorende documenten. Er zijn drie koninklijke besluiten voorzien om dit stelsel van fysieke bescherming te structureren :

— Het koninklijk besluit dat de categorieën van het nucleair materiaal bepaalt, kan dus worden gekwalificeerd als « basisbesluit ». Dit besluit heeft eveneens betrekking op de classificatie van dit materiaal, de zones waar het zich bevindt en het vervoer. De wet van 11 december 1998 betreffende de classificatie en de veiligheidsmachtigingen vormt een sleutelelement van het stelsel van de fysieke bescherming, zoals voorzien, vermits de personen die toegang tot deze materies, zones, of dit transport wensen te hebben overeenkomstig deze zelfde wet moeten gemachtigd zijn.

— Het tweede koninklijk besluit is exclusief gewijd aan de bescherming van de geclassificeerde documenten en is geïnspireerd door het koninklijk besluit van 24 maart 2000 houdende uitvoering van voornoemde wet.

— Het derde koninklijk besluit schrijft een reeks maatregelen voor die van technische, administratieve en organisatorische aard zijn en essentieel dienen om de pogingen tot diefstal van materiaal of tot sabotage op te sporen en te vertragen : concreet is er dus in het bijzonder sprake van fysieke barrières, van toezicht en andere alarmsystemen die het fysieke beschermingssysteem vormen dat door de exploitant werd opgericht en door het FANC werd goedgekeurd.

Deze koninklijke besluiten zijn bijna klaar. Het besluit dat de categorisering van het nucleair materiaal regelt, vereist, opdat deze regelgeving van toepassing zou kunnen zijn, een aanpassing van de wet van 11 december 1998. De ervaring leert ons inderdaad dat er gevallen bestaan waarin het niet realistisch is om een machtiging te eisen waarvan de afleveringstermijn gemiddeld een jaar vergt : het betreft hier bijvoorbeeld onderhoudspersoneel dat door externe firma's werd aangeworven, nieuw aangeworvenen in afwachting van hun machtiging of waarvan het arbeidscontract voor een kortere termijn dan de bovenvermelde afleveringstermijn werd afgesloten. Om het hoofd te bieden aan dit soort situaties die zich ook in andere dan de nucleaire sector voordoen, maken de fysieke en rechtspersonen evenals de betrokken overheden sinds lange tijd, maar meer systematisch ingevolge de aanslagen van 11 september 2001, gebruik van de veiligheidscontroles die, in slechts enkele dagen uitgevoerd, bepaalde garanties bieden betreffende de betrouwbaarheid van de betrokken personen en waarop, op de site, vervolgens bijkomende veiligheidsmaatregelen worden toegepast, zoals de begeleiding.

13. De gevraagde financiële informatie wordt om concurrentiële redenen als vertrouwelijk beschouwd. Wel kan vermeld worden dat voor beide sites samen het totale investeringsbedrag de voorbije jaren ongeveer 100 miljoen euro per jaar bedroeg.

14. Vooreerst dient opgemerkt dat de problemen die vastgesteld werden in Tihange enkel betrekking hebben op de niet-veiligheidsgebonden uitrustingen. De genoemde incidenten hebben nooit de veiligheid van de installatie in het gedrang gebracht. De rookontwikkeling op 20 november 2004 betrof een kleine brand in een verlichtingspaneel en werd zeer snel gedoofd. De vervanging van een aantal niet veiligheidsgebonden hoogspanningskabels is voorzien in de loop van 2005-2006. In het kader van het verouderingsprogramma worden ook de veiligheidsgebonden uitrustingen in acht genomen en, waar nodig, vervangen.

15. Over de bewaking van de kerncentrales kan geen informatie worden vrijgegeven omdat deze materie strikt vertrouwelijk is. De bemanning en organisatie van de bewakingsdienst van de centrales wordt besproken in overleg met de bevoegde federale diensten. Wat het toezicht qua veiligheid op de centrales betreft, bestaan de uitbatingsploegen in vol-continu-dienst van de verschillende eenheden in Doel bijvoorbeeld uit 28 personen, verdeeld over de verschillende productie-installaties. Daarnaast zijn er nog operatoren in dagdienst. In totaal bestaat de uitbatingsdienst uit 320 personen. Naast de uitbatingsdienst beschikt de centrale ook over een dienst voor fysische controle (« CARE »), die zich zowel met de aspecten nucleaire veiligheid als met de stralingsbescherming bezighoudt. Hier zijn een vijftigtal Electrabel personeelsleden tewerkgesteld. Tijdens belangrijke werkzaamheden worden deze diensten ook in een vol-continu-systeem ingeschakeld. Verder is er de permanente controle door erkende deskundigen van de erkende instelling (AVN) en het toezicht door de nucleaire inspecteurs van het Federaal Agentschap voor nucleaire controle.