3-100

3-100

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 10 MAART 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Jean-Marie Dedecker aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over ęhet rookvrij maken van horecazakenĽ (nr. 3-614)

De heer Jean-Marie Dedecker (VLD). - De minister is onlangs op schoolreis geweest naar ItaliŽ en Ierland om na te gaan hoe de bevolking daar reageert op het rookverbod in horecazaken.

De overheid heeft de morele plicht de burgers ervan bewust te maken dat roken gevaarlijk is en dat wie rookt, Russische roulette speelt. Als liberaal ben ik echter voorstander van de vrijheid van het individu. Ik citeer Mario Vargas Llosa: "Stukje bij beetje zelfmoord plegen is een recht dat op het lijstje van de elementairste mensenrechten mag opduiken."

Ik ben echter vooral verontrust door de verklaringen die de minister naar aanleiding van deze reis heeft afgelegd. Ik weet nu dat tabakhandelaars in dit land meer bedreigd zijn dan wapenhandelaars.

Werd inmiddels overleg gepleegd met de sector? Zullen er in de toekomst in horecazaken aparte ruimtes voor rokers moeten komen of zal de minister een absoluut rookverbod in horecazaken invoeren?

De horeca is bijzonder verontrust over de verklaring van de minister in de pers dat hij de uitbaters van een zaak aansprakelijk zal stellen indien een personeelslid overlijdt aan een ziekte die het gevolg is van het roken.

De horeca in ons land bevindt zich in een crisis. Vorig jaar waren er 6.000 faillissementen. De horecasector was al het slachtoffer van allerlei pesterijen, onder meer de legionella-aanpassingen. Vanuit mijn liberale visie moet de horeca-uitbater vrij kunnen beslissen of in zijn zaak al dan niet gerookt mag worden.

De heer Rudy Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - Sinds mijn terugkeer uit Rome en Dublin heb ik nog niet de kans gehad met de vertegenwoordigers van de horecasector te praten. Tijdens deze reis heb ik wel met een aantal van hen gesproken. Ik kan daaromtrent echter nog niets meedelen. Ik zal de vertegenwoordigers in de loop van de volgende weken opnieuw ontmoeten. Ik neem aan dat ze inmiddels ook een gemeenschappelijk standpunt zullen hebben.

Ik heb nog geen definitief standpunt over deze kwestie. Mijn voorkeur gaat uit naar het Italiaanse systeem, dat soepeler is dan het Ierse. Ik kan me echter nog niet definitief uitspreken, omdat er problemen zijn met de uitvoeringsbepalingen, die onder meer met de horecasector moeten worden besproken.

Ik zal de maatregelen genomen in het kader van het federaal plan ter bestrijding van het tabaksgebruik, ten uitvoer leggen. Alle gefedereerde entiteiten moeten de WHO-kaderconventie ter bestrijding van het tabaksgebruik bekrachtigen.

De heer Jean-Marie Dedecker (VLD). - Hoe zit het nu met de uitspraak dat de uitbaters van horecazaken persoonlijk aansprakelijk kunnen worden gesteld als een personeelslid sterft aan een ziekte die te wijten is aan tabak?

De heer Rudy Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. - Ik heb die opmerking nooit gemaakt. Wel heb ik de mensen die mij naar ItaliŽ en Ierland hebben vergezeld erop gewezen, dat de vakbonden in die landen van plan waren acties te voeren om uitbaters in dergelijke gevallen te vervolgen.