(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
De richtlijn 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening moet uiterlijk op 23 september 2005 door de lidstaten omgezet zijn in nationale wetgeving.
In artikel 4 van deze richtlijn is bepaald dat de lidstaten ervoor kunnen opteren een aantal bepalingen uit de richtlijn toe te passen op de werkzaamheden inzake bedrijfspensioenvoorzieningen van verzekeringsondernemingen die onder richtlijn 2002/83/EG van 5 november 2002 betreffende levensverzekering ressorteren.
Graag vernam ik van de geachte minister :
1. hoever de regering staat met de omzetting van deze richtlijn;
2. of deze richtlijn ook van toepassing zal worden op de werkzaamheden inzake bedrijfspensioenvoorzieningen van verzekeringsondernemingen die onder de richtlijn 2002/83/EG ressorteren.
Antwoord : Deze vraag betreft de controle op de verzekeringsondernemingen, die uitgeoefend wordt door de Commissie voor het bank-, financie- en assurantiewezen, en behoort dus tot de bevoegdheid van de minister van Economie.
De Richtlijn verleent aan pensioeninstellingen de mogelijkheid om diensten te verstrekken op het gehele grondgebied van de Unie. Artikel 20 van de richtlijn bepaalt echter dat die mogelijkheid geen afbreuk doet aan de nationale bepalingen van arbeids- en socialezekerheidsrecht. Voor België betreft het hier onder meer de bepalingen van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen, welke wel tot mijn bevoegdheid behoort. Bij de omzetting van de richtlijn dient er dan ook over te worden gewaakt dat de beschermingsmaatregelen, die zijn voorzien door de wet op de aanvullende pensioenen niet buiten spel worden gezet, wanneer beroep wordt gedaan op een in het buitenland gevestigde pensioeninstelling.