3-87

3-87

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 9 DECEMBER 2004 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Fauzaya Talhaoui aan de vice-eerste minister en minister van Justitie over źde Belgische deelname aan de co÷rdinatie van het Europese drugsbeleid╗ (nr. 3-469)

Mevrouw Fauzaya Talhaoui (SP.A-SPIRIT). - Ik had de minister graag ondervraagd over een mededeling van de Commissie aan de Raad en aan het Europees Parlement van 22 oktober 2004 in verband met de resultaten van de eindevaluatie van de EU-Drugsstrategie en het EU-Actieplan, en meer bepaald over de instelling van de nationale drugsco÷rdinatoren. De Europese Unie staat een multidisciplinaire en integrale aanpak van het drugsprobleem voor.

In de beleidsnota in verband met de drugsproblematiek van 19 januari 2001 wordt gesteld dat er prioritair werk zal worden gemaakt van een Cel Drugsbeleid. Er wordt ook vermeld dat die zal worden geleid door een drugsco÷rdinator. Voorgesteld wordt dat die drugsco÷rdinator op federaal niveau zou worden aangesteld door de minister van Volksgezondheid, de heer Rudy Demotte. De Cel Gezondheidsbeleid Drugs is er ondertussen en er zou een aanloop worden gemaakt met de oprichting van een algemene Cel Drugsbeleid. Die zou er komen tegen eind 2002. Volgens onze bronnen wachten we nog op de handtekeningen van de Waalse, de Duitstalige en de Brusselse overheden.

Uit het bijvoegsel bij voornoemde mededeling leren we dat Frankrijk, Duitsland, Luxemburg, Portugal, ItaliŰ, Spanje en Zweden een drugsco÷rdinator hebben aangesteld en dat Oostenrijk, Griekenland, Ierland en Finland drugsco÷rdinatie-eenheden hebben opgericht. BelgiŰ komt in geen van beide lijsten voor.

Verder wordt de taak van de drugsco÷rdinator beschreven. Mijns inziens is dat een niet onbelangrijke taak.

Naar mijn bescheiden mening gaat het om een niet onbelangrijke taak. De man of vrouw in kwestie zal zich moeten opstellen als verbindingspersoon tussen Volksgezondheid, Justitie, Binnenlandse Zaken, Buitenlandse Zaken en eventueel Begroting. Daarnaast zal hij ook nog als verbindingspersoon moeten fungeren in het overleg met het maatschappelijke middenveld.

Hoe ver staat BelgiŰ wat dat betreft? Wat hebben we al aan Europa gerapporteerd? Hebben we een drugsco÷rdinator of drugsco÷rdinatie-eenheden? Hoe functioneert een en ander in ons federaal bestel? Is dit alleen een zaak van de federale overheid of zullen ook de deelgebieden erbij betrokken worden?

Mevrouw Laurette Onkelinx, vice-eerste minister en minister van Justitie. - De informatie over de bekrachtiging van het samenwerkingsakkoord tussen de Staat, de Gemeenschappen, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, de Franse Gemeenschapscommissie en de Gewesten voor een globaal en ge´ntegreerd drugsbeleid is juist.

De minister van Volksgezondheid, de heer Demotte, belast met de tenuitvoerlegging van dit akkoord, ziet erop toe dat de Gemeenschappen en Gewesten die het akkoord nog niet hebben bekrachtigd, zulks zo spoedig mogelijk doen, zodat het in werking kan treden.

Ik herinner eraan dat de federale overheid het akkoord heeft bekrachtigd bij de wet van 11 mei 2003, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 juni 2003.

Op het Europese niveau zal de Europese Raad van 17 december 2004 de nieuwe antidrugsstrategie van de Europese Unie voor de periode 2005-2012 bekrachtigen. Zoals mevrouw Talhaoui terecht onderstreept, wordt de Europese Commissie verzocht om op grond van die strategie twee opeenvolgende actieplannen voor vier jaar uit te werken, die begin 2005 moeten worden voorgesteld.

In de actieplannen komt het verminderen van het aanbod en van de vraag aan bod. De plannen zullen worden besproken in de bevoegde werkgroepen van de Raad, voornamelijk in het kader van de Horizontale Groep Drugs, die pijleroverschrijdend is.

De federale overheidsdienst Buitenlandse Zaken is belast met de co÷rdinatie van het dossier voor BelgiŰ, zowel op het federale niveau als op dat van de gefedereerde entiteiten. Mijn departement neemt rechtstreeks deel aan de werkzaamheden van de Horizontale Groep Drugs van de EU.

(Voorzitter: de heer Luc Van den Brande.)

Mevrouw Fauzaya Talhaoui (SP.A-SPIRIT). - Ik onderstreep nog even dat de drugsco÷rdinator, zeker in een ingewikkeld land als BelgiŰ, inderdaad als verbindingsfiguur voor alle overheden kan fungeren. Het is bovendien van het grootste belang dat de bevolking op de hoogte is van het bestaan van die functie.