3-51

3-51

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 1 APRIL 2004 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Jean-Marie Dedecker aan de minister van Landsverdediging over «de openbare verkopen van Defensie» (nr. 3-270)

De voorzitter. - De heer Marc Verwilghen, minister van Ontwikkelingssamenwerking, antwoordt namens de heer André Flahaut, minister van Landsverdediging.

De heer Jean-Marie Dedecker (VLD). - De programmawet van 19 juli 2001 verschaft het departement Defensie de juridische basis voor de verkoop van overtollig materieel. De verkoopdienst MRMP-SDV is hiervoor bevoegd.

Vooral de verkoop van uitrusting en kledij voor jeugdbewegingen is sommige handelaars die om den brode gelijksoortig materieel verkopen binnen het normale commerciële circuit, een doorn in het oog. Niet onterecht wordt hier gesproken van oneerlijke concurrentie, vooral omdat Defensie het materieel tegen zeer lage prijzen van de hand doet. Gelet op de duurzaamheid van het verkochte materiaal kan één verkoopsronde per regio ertoe leiden dat die handelaars hun potentiële klanten, de erkende jeugdverenigingen, verliezen.

Ik heb er niets op tegen dat de jeugdverenigingen goedkoop materieel van het leger kunnen kopen, maar er moeten toch bepaalde regels blijven gelden. Officieel zijn de verkopen bedoeld om de band tussen het leger en de natie of tussen het leger en de jeugd te verstevigen. Ook dat is op zich een goed idee.

Wat is de jaarlijkse bruto-opbrengst per product van deze niet-openbare verkopen? Kan de minister aantonen dat het doel, namelijk het verstevigen van de band tussen leger en natie of tussen leger en jeugd, wordt bereikt? Hoeveel klachten ontving de minister sinds 2001 van zelfstandige handelaars of van zelfstandigenorganisaties in verband met dergelijke verkopen? Met welke parameters wordt er rekening gehouden bij het bepalen van de prijs van het materiaal? Hoe zal men de prijs vastleggen in vergelijking tot de gangbare marktprijzen? Is het niet mogelijk om de verkopen zo te organiseren dat de handelaars kunnen meegenieten van de stockliquidatie?

De heer Marc Verwilghen, minister van Ontwikkelingssamenwerking. - Tot nu toe zijn twee verkopen georganiseerd speciaal voor jeugdbewegingen. In Ieper in 2002 bedroeg de opbrengst 13.863 euro en in Landen in 2003 bedroeg de opbrengst 53.176,50 euro.

Daarnaast werden op enkele public-relations-activiteiten, zoals de vierdaagse van de IJzer, de Europese Mars van de herdenking en de vriendschap (EMVH), de nationale feestdag en de defensiedagen een gelijksoortig assortiment artikelen verkocht aan alle bezoekers van deze activiteiten.

In 2002 werden tijdens de EMVH voor 469,40 euro souvenirs verkocht; in 2003 voor 2.082 euro. Op de nationale feestdag, enkel in 2002, was de opbrengst 5.615,50 euro. Op de defensiedagen in Bevekom werd in 2002 voor 9.067 euro verkocht en in Koksijde in 2003 voor 9.459 euro. Op de vierdaagse van de IJzer werd in 2002 voor 2.046,50 euro en in 2003 voor 329 euro. In totaal bedroeg de opbrengst dus 31.061,40 euro in 2002 en 66.491,50 euro in 2003.

Voor 2002 gaat het om 107 jeugdverenigingen en in 2003 waren het er 324. Het aantal particuliere kopers op de public-relations-activiteiten is niet exact bekend, maar op de nationale feestdag in 2002 werden een 950-tal klanten bediend.

De verkoop gaat in stijgende lijn omdat de verkoopstand werd uitgebreid en klantvriendelijker gemaakt, bijvoorbeeld met een speciale tent en een elektronische kassa. Zo werden de kopers op de eerste public-relations-activiteit in 2002 door 5 mensen bediend; op alle volgende verkopen was er een ploeg van circa 13 personen.

We merken ook een stijgende belangstelling van de jeugdverenigingen, zoals gezegd van 107 naar 324. Er is publiciteit gevoerd via de koepels van de erkende en gesubsidieerde jeugdverenigingen in de drie gemeenschappen. In 2003 werden artikels geplaatst in een zevental kranten en kwamen, naast Televox, twee tv-zenders opnamen maken voor het journaal. Steeds meer jeugdverenigingen contacteren de verkoopdienst rechtstreeks via mail, fax of telefoon of via interventie van de minister. Dit heeft te maken met de naamsbekendheid door de diverse verkopen in de verschillende windstreken van het land.

Er is een reactie gekomen van het neutraal syndicaat voor de zelfstandigen op de verkoop van overtollig materiaal op 19 februari 2003. Voor het groot materieel wordt een restwaardeformule toegepast die gebaseerd is op de logistieke NAVO-richtlijnen. Bij het schatten van het klein materieel, zoals een gamel, een helm of een slaapzak, wordt rekening gehouden met de algemene staat van de goederen en de gebruikswaarde van het artikel. Waar mogelijk wordt een vergelijking gemaakt met de gangbare prijzen in het commerciële circuit.

Stockliquidatie, zoals vroeger door het departement toegepast, kwam hoofdzakelijk ten goede aan de groothandelaars, bracht doorgaans minder op en had geen enkele uitstraling. Het bracht dus ook geen nieuwe band tot stand tussen het leger en de natie of tussen het leger en de jeugd. De huidige verkoopsfilosofie omvat een eerste cash-and-carry-ronde die open staat voor het grote publiek, gevolgd door een stockliquidatie.

De heer Jean-Marie Dedecker (VLD). - Ik dank minister Verwilghen; ik hoor dat hij nog toekomst heeft als minister van Landsverdediging.