2-262 | 2-262 |
De heer Michiel Maertens (AGALEV). - In uitvoering van de wet van 20 januari 1999 heeft de minister van Leefmilieu op 4 december 2002 in Oostende aangekondigd dat hij over een paar weken een koninklijk besluit zou uitvaardigen dat de beschermde mariene gebieden zou vastleggen. Dat besluit zou evenwel nog geen invulling geven aan concrete beschermende maatregelen omdat de minister die pas na een rijp maatschappelijk debat wil nemen. De minister wil ook een wetenschappelijke adviesraad de opdracht geven de beheersmaatregelen en beheersplannen te begeleiden. In feite wil hij de hele kwestie in de volgende legislatuur in alle rust kunnen afwerken. Persoonlijk vind ik dat een goede zaak, maar op het terrein ontstaat er enige ongerustheid. Die stel ik onder meer vast bij bepaalde kustburgemeesters, die een zekere graad van politieke dementie beginnen te vertonen. Anderen maken zich ongerust omdat het koninklijk besluit dat de natuurgebied moet afbakenen, na bijna twee maanden nog altijd niet is gepubliceerd. Nu beslist is de verkiezingen wat te vervroegen, vrezen ze dat het er niet meer van zal komen. Vanuit hun bevoegdheid voor de reddingsdiensten zeggen sommige burgemeesters zelfs dat ze niet eens meer weten waar de mensen nog zullen mogen zwemmen.
Persoonlijk heb ik het volste vertrouwen in de minister wat de afbakening van de natuurgebieden betreft. Maar gelet op de zure oprispingen van een aantal kustburgemeesters, lijkt het me wenselijk dat de minister duidelijkheid brengt op een aantal punten.
Wil hij het bewuste koninklijk besluit nog voor begin april uitvaardigen?
Waarop zal hij de afbakening van de beschermde mariene gebieden steunen?
Welke maatregelen in algemene zin zal hij nemen om die afbakening concreet in te vullen?
Op welke wijze zal de minister het maatschappelijk debat of het open forum, zoals hij het zelf noemt, organiseren? Is hij van plan de kustburgemeesters daarbij te betrekken? Blijkbaar willen ze het debat helemaal naar zich toe trekken, ook al reikt hun bevoegdheid slechts tot aan de laagwaterlijn.
Welk tijdschema stelt de minister voor?
Hoe wil hij de adviesraad samenstellen? Aangezien de materie zowel een federale als een gewestelijke bevoegdheid is, moet die raad een zeer ruime samenstelling kennen om goed te kunnen functioneren. Als we het debat in de volgende legislatuur willen laten plaatsvinden, is het bovendien wenselijk dat de adviesraad nog voor april wordt samengesteld.
De heer Jef Tavernier, minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu. - De kustburgemeesters hebben met vertraging gereageerd op mijn aankondiging van begin december dat er mariene gebieden als beschermde gebieden zullen worden afgebakend. Mijn boodschap is blijkbaar ook slecht begrepen. De inhoud van mijn mededeling was de volgende: ten eerste, er zullen beschermde mariene gebieden bij koninklijk besluit worden afgebakend; ten tweede, de maatregelen ingevolge die afbakening zullen later worden gepreciseerd; ten derde, dat zal gebeuren na overleg met alle betrokkenen - onder meer de lokale besturen en dus de kustburgemeesters - en op basis van wetenschappelijke gegevens.
Bedoeling is gebieden af te bakenen waarvoor het natuurbehoud een belangrijke factor voor hun ontwikkeling. Activiteiten in die gebieden zullen worden getoetst op hun duurzaam karakter. Die toetsing zal uitgebreider zijn dan voor andere gebieden.
Voor de afbakening van die gebieden heb ik mij gebaseerd op wetenschappelijke gegevens, hoofdzakelijk de aanwezigheid van bepaalde vogelsoorten. Die gegevens werden onder meer verstrekt door het Vlaams Instituut voor Natuurbehoud.
Voor de bepaling van de beperkingen die aan een marien gebied zullen worden opgelegd, zullen alle betrokkenen worden uitgenodigd. Dat werd voorgesteld door de Europese Commissie op een werkvergadering in dat verband in september 2002. Er zal dus een breed maatschappelijk debat worden gevoerd. Heel wat groepen en individuen hebben al hun interesse laten blijken.
In het ontwerp van koninklijk besluit zal worden vermeld dat er een adviescommissie wordt opgericht. Die zal bestaan uit vertegenwoordigers van alle betrokken en bevoegde overheden, zowel federale, gewestelijke als provinciale; vertegenwoordigers van verenigingen voor natuurbehoud, en vertegenwoordigers van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven. Daarnaast zullen er experts en belanghebbenden worden uitgenodigd. Het is de bedoeling dat de kustburgemeesters een structurele vertegenwoordiging krijgen.
Ik had gehoopt het voorontwerp van koninklijk besluit vóór einde 2002 klaar te hebben. De betrokken diensten waren niet klaar en waren bovendien de laatste weken volop bezig met de bestrijding van een mogelijke olievervuiling in de Noordzee ten gevolge van de aanvaring van de Vicky.
Uit ervaring weten we dat het opstellen van een beheersplan drie tot vijf jaar duurt.
Er is een heel duidelijk verschil tussen natuurreservaten en afgebakende mariene beschermde gebieden. In die laatste gebieden gaat de bescherming minder ver en is ze algemener.
Het is natuurlijk mogelijk dat er in die gebieden beperkte stukken natuurreservaat worden aangewezen. De bestaande activiteiten kunnen behouden blijven. De nieuwe activiteiten zullen worden getoetst op hun duurzaamheid en op het risico van het aantasten van de natuurwaarde.
Tenzij ik mij vergis, schaadt zwemmen in zee de natuur en het milieu niet. Het is een gezonde en duurzame activiteit. Kustburgemeesters die zich daarover zorgen maken, kan ik geruststellen. Ik heb de indruk dat er meer zones zijn waar je niet mag zwemmen omdat de burgemeesters het bij gebrek aan bewaking terecht verbieden, dan zones waar dat niet kan met het oog op de bescherming van de natuurwaarde. Ook zeilen is een activiteit met een duurzaam en natuurvriendelijk karakter.
De heer Michiel Maertens (AGALEV). - Ik dank de minister voor zijn antwoord, maar ik ben voor een stuk op mijn honger gebleven.
Op mijn vraag of het koninklijk besluit nog in de lopende zittingsperiode zal worden gepubliceerd, kreeg ik geen antwoord.
De minister heeft verwezen naar het werk dat zijn diensten hadden met de bestrijding van een mogelijke olievervuiling op zee. Dat is geen goed excuus voor het uitblijven van het voorontwerp van koninklijk besluit. Over `mariene reservaten' heb ik het zelf niet gehad.
Wie de duurzaamheid van het marien milieu bestudeert, moet niet alleen kijken naar wat zich boven de zeespiegel bevindt, maar ook naar wat daaronder leeft. Zo moet ook rekening worden gehouden met heel kleine vissen en schelpsoorten, ook al zijn die vanuit commercieel oogpunt niet interessant. Wordt daarmee wel rekening gehouden?
Bij de burgemeesters is inderdaad in zekere mate sprake van geheugenverlies. De betrokkenen moeten zich inderdaad beter informeren en hadden de teksten die de minister bij zijn persconferentie heeft meegedeeld, beter moeten lezen.
Ten slotte zou ik graag van de minister vernemen of het koninklijk besluit nog in deze legislatuur wordt gepubliceerd, want anders hebben we niets in de hand.
De heer Jef Tavernier, minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu. - Op enkele punten kan ik bijkomende concrete informatie verschaffen.
De betrokken burgemeesters worden op 22 januari op mijn kabinet uitgenodigd voor overleg.
Ten tweede, zal het ontwerp van koninklijk besluit eind deze maand klaar zijn en voor advies worden voorgelegd aan onder andere de Raad van State. Ik hoop dus dat het koninklijk besluit in de loop van de maand maart zal kunnen worden gepubliceerd.