2-1279/3

2-1279/3

Belgische Senaat

ZITTING 2002-2003

13 NOVEMBER 2002


Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen en de wet van 20 februari 1939 op de bescherming van de titel en van het beroep van architect


Evocatieprocedure


AMENDEMENTEN


Nr. 2 VAN DE HEER D'HOOGHE

Art. 2

Het tweede lid van het voorgestelde artikel 1bis, § 1, vervangen als volgt :

« Verkoopsovereenkomsten die een in het eerste lid bedoeld beding bevatten, moeten in een afzonderlijk lid en in ander en vetter letterteken, vermelden dat de koper het recht heeft de nietigheid van dat beding in te roepen. »

Verantwoording

Dit amendement betreft een tekstcorrectie.

Nr. 3 VAN DE HEER D'HOOGHE

Art. 2

Het derde lid van het voorgestelde artikel 1bis, § 1, aanvullen als volgt :

« en het inroepen van deze nietigheid brengt de nietigheid met zich van elke eventuele subsequente aannemingsovereenkomst ».

Verantwoording

De gevolgen van de nietigheid van de clausule op de eventuele volgende aannemingsovereenkomst zijn onvoldoende uitgewerkt.

Het is niet ondenkbaar dat er na het verlijden van de notariėle akte met betrekking tot de grond een aannemingsovereenkomst wordt gesloten op basis van een beding dat later wordt nietig verklaard. In dit geval is het lot van de aannemingsovereenkomst mogelijk onzeker.

Nr. 4 VAN DE HEER D'HOOGHE

Art. 2

Het voorgestelde artikel 1bis, § 1, aanvullen met een vierde lid, luidende :

« Een authentieke verkoopakte van grond kan slechts worden verleden nadat de instrumenterende ambtenaar de koper uitdrukkelijk op het bestaan van de huidige bepaling heeft gewezen. »

Verantwoording

Het verdient aanbeveling expliciet deze verplichting op te nemen voor de instrumenterende ambtenaar om op deze bepaling te wijzen.

Doorgaans zal dit uiteraard automatisch gebeuren, doch deze expliciete verplichting stelt een scherpere verantwoordelijkheid voor de instrumenterende ambtenaar.

Nr. 5 VAN DE HEER D'HOOGHE

Art. 2

In het voorgestelde artikel 1bis, § 2, de volgende wijzigingen aanbrengen :

A. In het eerste lid na het woord « mag » de woorden « , op straffe van nietigheid, » invoegen.

B. In het tweede lid de woorden « de aannemingsovereenkomst » vervangen door de woorden « de aannemingsovereenkomst niet gesloten na het verlijden van de notariėle akte met betrekking tot het perceel of de percelen ».

Verantwoording

De Confederatie bouw heeft er terecht op gewezen dat de ontworpen tekst niet sluitend is in de zin dat er zou kunnen uit volgen dat een aannemingsovereenkomst, gesloten na het verlijden van de notariėle akte maar voor het verstrijken van de maand na de authentieke akte, ook nietig zou kunnen verklaard worden.

Dit kan uiteraard niet de bedoeling zijn. Dit amendement brengt de nodige duidelijkheid.

Nr. 6 VAN DE HEER D'HOOGHE

Art. 4

In dit artikel de woorden « 30 juni 2002 » vervangen door de woorden « 30 november 2002 ».

Verantwoording

De huidige overgangsregeling is eerder in het voordeel van een aantal grote marktspelers, aangezien blijkt dat deze beter in staat zijn in te spelen op de juridische actualiteit en sneller evoluties in de wetgeving detecteren en opvangen.

Een ruimere overgangsmaatregel kan eventuele distorsies in de markt in het nadeel van de kleinere actoren, gedeeltelijk helpen ondervangen.

Jacques D'HOOGHE.