Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-44

ZITTING 2001-2002

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Telecommunicatie en Overheidsbedrijven en Participaties belast met Middenstand (Overheidsbedrijven enParticipaties)

Vraag nr. 1550 van de heer Buysse d.d. 20 september 2001 (N.) :
De Post. ­ Raad van bestuur. ­ Regionale managers. ­ Taalpariteit.

Op 1 april 2001 werden door de raad van bestuur van De Post « regionale managers » aangesteld. Zij kunnen gezien worden als de vervangers van de vroegere « gewestelijke directeurs ».

Elke regionale manager is verantwoordelijk voor één van de vijf gewesten.

Van de vijf regionale managers blijken er vier op de Franse taalrol te staan, waarbij zelfs een Franstalige regionale manager verantwoordelijk is voor de regio Oost- en West-Vlaanderen.

Mijn vragen :

1. Is de taalverhouding 4-1 niet strijdig met de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 betreffende het taalgebruik in bestuurszaken ? Is er hier geen duidelijke overtreding van de taalpariteit voor directiefuncties ?

2. Is het feit dat een Franstalige regionale manager wordt aangeduid voor Oost- en West-Vlaanderen geen overtreding van de taalwetgeving ?

3. Waren er niet voldoende bekwame Nederlandstalige kandidaten voor de functie van regionale manager ?

4. Hoe zal dit taalonevenwicht verholpen worden ?

Antwoord : De naamloze vennootschap van publiek recht De Post deelt mij terzake het volgende mee.

1. De regionale managers zijn niet de vervangers van de gewestelijke directeurs. Die functie werd opgeheven. Binnen de nieuwe structuur worden de regiomanagers beschouwd als deel uitmakend van een centrale dienst (artikelen 39 tot 43bis van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 betreffende het taalgebruik in bestuurszaken).

Krachtens de taalwetgeving worden de ambtenaren met een graad gelijk aan of hoger dan directeur en die werkzaam zijn in dergelijke diensten verdeeld onder drie kaders; Nederlands, Frans en een tweetalig kader in een verhouding van 40 %, 40 % en 20 %. De aanstelling van betrokken regionale managers als dusdanig impliceert niet dat dit in strijd is met de gecoördineerde taalwetten. Er kan immers worden vastgesteld dat deze aanstellingen in een ruimere context moet worden gezien; het is slechts op het globaal niveau van de betrokken taaltrap dat het principe van pariteit moet worden nageleefd.

2. Het besproken personeelslid is in het bezit van een attest dat aantoont dat hij voldoende kennis heeft van de Nederlandse taal zoals dit is voorgeschreven bij artikel 12 van het koninklijk besluit van 8 maart 2001 tot vaststelling van de voorwaarden voor het uitreiken van de bewijzen omtrent de taalkennis voorgeschreven bij artikel 53 van de gecoördineerde taalwetten.

3. De vacatures werden aan alle personeelsleden van De Post aangeboden op 4 september 2000. De uiteindelijke kandidaten werden weerhouden na het doorlopen van een grondige en objectieve selectieprocedure in samenwerking met een onafhankelijke consulent en na een diepgaand functioneringsgesprek met meerdere managers binnen De Post.

4. Zoals reeds gesteld onder punt 1 moet het taalevenwicht binnen de betrokken taaltrap worden nageleefd.