2-173

2-173

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 17 JANVIER 2002 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Frans Lozie au ministre de la Justice sur «la lenteur inacceptable des procédures judiciaires en raison de la mauvaise communication entre le parquet de Bruxelles et le parquet général de Bruxelles» (nº 2-655)

De heer Frans Lozie (AGALEV). - Naar aanleiding van een concreet gerechtelijk dossier ben ik tot een voor mij onaanvaardbare vaststelling gekomen. Het is geenszins mijn bedoeling om dat dossier te beïnvloeden maar wel om verduidelijking te krijgen over de werking van het parket en het parket-generaal van Brussel.

Het dossier in kwestie betreft een klacht met burgerlijke partijstelling van een ambtenaar van de diplomatieke diensten over mogelijke fraude met visa in de Belgische ambassade van Sofia in het begin van de jaren 90. Dit onderzoek is nog steeds een onderzoek tegen onbekenden. Er werden reeds verschillende achtereenvolgende onderzoeksrechters met dit onderzoek belast, helaas een voor ons geen onbekend gegeven.

Bij de laatste en zoveelste wijziging van de onderzoeksrechter werd meteen ook overgegaan van de Franstalige naar de Nederlandstalige taalrol. Deze taalwijziging wordt momenteel aangevochten voor de Kamer van Inbeschuldigingstelling.

De zaak werd in april 2001 bij de KI aanhangig gemaakt maar is tot op vandaag nog niet ingeschreven op de rol van de KI. Eind vorig jaar vroeg de advocaat van de betrokken ambtenaar waarom dit zo lang duurde. De procureur-generaal van Brussel antwoordde dat de procureur van Brussel hem op dat ogenblik, ruim een half jaar na het opstarten van de procedure, het dossier nog steeds niet had overhandigd.

Het is volgens mij onaanvaardbaar dat dit feit dergelijke lange termijnen doet ontstaan.

Graag had ik van de minister vernomen of de traagheid in dergelijke situaties een constant gegeven dan wel uitzonderlijk is. Als het een uitzonderlijke situatie is, kan hij ons wellicht zeggen welke bijzondere omstandigheden hier een rol hebben gespeeld. Als het een structureel probleem is, had ik van de minister graag de oorzaken vernomen en de voorstellen van het parket of het parket-generaal om eraan te verhelpen. De korpschefs die toch managementskwaliteiten moeten hebben, moeten immers in staat zijn oplossingen aan te reiken.

De heer Marc Verwilghen, minister van Justitie. - De procureur-generaal bij het Hof van Beroep te Brussel ontkent met klem dat dergelijke dossiers in het kader van regeling der rechtspleging regelmatig met vertraging zouden worden overgemaakt, noch door het Brusselse parket, noch door de andere parketten van het ressort. Integendeel, gelet op de meestal noodzakelijke eerbiediging van geldende wettelijke termijnen genieten deze dossiers bijna altijd voorrang inzake instaatstelling tot overmaking aan de procureur-generaal.

Het door u bij wijze van illustratie aangehaalde geval, dat overigens op 15 januari voor de Kamer van Inbeschuldigingstelling werd behandeld en waarin eerstdaags arrest zal volgen, is dus als uitzonderlijk te beschouwen. Er is ter zake kennelijk geen structureel probleem.

Los van de problematiek van het al dan niet tijdig overmaken van het dossier en zonder daarover een polemiek te willen aangaan of te verklaren dat er sprake is van enig misbruik, meldt de procureur-generaal mij overigens dat de talrijke demarches en tussenkomsten van de betrokken ambtenaar, persoonlijk of via haar raadsman, de duur van de afhandeling van het aangehaalde dossier hebben beïnvloed. Aangezien het dossier onlangs door de Kamer van Inbeschuldigingstelling werd behandeld, mogen we wellicht een spoedige afhandeling verwachten.

De heer Frans Lozie (AGALEV). - Dat deze zaak door de KI werd behandeld, is goed nieuws.

De vraag rijst waarom dit dossier als uitzonderlijk moet worden beschouwd. Uit het antwoord van de procureur-generaal kan worden afgeleid dat de huidige evolutie van de zaak te maken heeft met de demarches van de betrokken persoon. Dat is verwonderlijk.

-L'incident est clos.