2-141

2-141

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 19 JULI 2001 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Erika Thijs aan de minister van Binnenlandse Zaken over «de einddatum voor de regularisatie-operatie» (nr. 2-702)

Mevrouw Erika Thijs (CVP). - De regularisatie van de sans-papiers moest een eenmalige, krachtige en efficiënte operatie zijn. Dat was trouwens haar bestaansreden. In plaats van dossier per dossier te regulariseren op basis van een voorstel van de diensten van het ministerie, zoals het de vorige legislaturen gebeurde, heeft de regering gekozen voor een grootschalige one shot-operatie.

De datum van beëindiging van deze operatie werd reeds meerdere malen verschoven. Het is niet mijn bedoeling de verschillende - en soms kleurrijke - evenementen op te sommen die tot deze herhaalde vertragingen hebben geleid. Wel stel ik vragen bij de haalbaarheid van de nieuwe ultieme termijn van 31 oktober 2001.

De minister had de einddatum vastgelegd op 1 juli 2001, maar die werd niet gehaald. Daarna kondigde hij opnieuw een termijn aan, die de regularisatiecommissie nu al onrealistisch noemt. Volgens de krant De Morgen van dinsdag 17 juli zou het werk niet eens halfweg zijn. De regularisatiecommissie, die ik samen met andere senatoren heb bezocht, heeft uitdrukkelijk verklaard niet klaar te zullen zijn voor 31 december 2001.

De commissie stelt zelf de datum van maart 2002 als mogelijke einddatum voor. Met een beetje cynisme zouden we kunnen beweren dat dit weer een nieuwe deadline is. Maar er is meer. De personen die nog niet werden geregulariseerd, hebben in beginsel geen recht op OCMW-steun en hebben dus geen bestaansmiddelen. Naar verluidt werd het voorstel om deze mensen toch OCMW-steun te geven zelfs nog niet goedgekeurd in de Kamer.

Hoe denkt de minister de deadline van 31 oktober te halen, wetende dat nog torenhoge dossierstapels bij de commissie op behandeling wachten. Waarom maakt de minister het zichzelf zo moeilijk door telkens een onhaalbare datum voorop te stellen? Hierdoor worden de mensen opgejaagd en ontstaat een groot verloop. Vraag dat maar eens na bij mevrouw Leduc, die een opsomming heeft gemaakt van alle moeilijkheden. Wat meent de minister daarmee te bereiken?

M. Antoine Duquesne, ministre de l'Intérieur. - Je tiens d'abord à attirer votre attention sur la nécessité de distinguer les travaux du secrétariat d'instruction de ceux des chambres de la Commission de régularisation.

Pour le secrétariat, l'administrateur s'est engagé à finir le traitement des dossiers - à son niveau - pour le 21 juillet prochain, à l'exception de 2.700 dossiers qui ne peuvent être achevés à très court terme, pour toutes sortes de raisons. Environ 500 dossiers font l'objet d'une saisie par les autorités judiciaires ; certains dossiers médicaux plus complexes nécessitent des vérifications. De plus, pour un nombre considérable de dossiers se pose un problème plus sérieux d'ordre public.

Ainsi, d'ici à la semaine prochaine, le secrétariat aura achevé plus de 20.000 dossiers qui pourront être envoyés chez le ministre. Le secrétariat de recherche aura alors terminé ses activités, sauf pour les dossiers que je viens d'évoquer.

Le retard auquel vous faites allusion devra donc éventuellement être examiné au niveau des chambres. Comme vous le savez sans doute, des possibilités supplémentaires ont été proposées aux chambres par le passé, notamment la création de trois chambres supplémentaires lorsqu'il s'est avéré que les objectifs auxquels leurs premier président et vice-premier président avaient souscrit dans le plan de gestion ne seraient pas atteints.

Le gouvernement a aussi pris des mesures supplémentaires afin de permettre aux chambres de remplir l'objectif relatif au délai. Ainsi, plusieurs suppléants supplémentaires ont été désignés pour permettre aux chambres de siéger au maximum. Ce matin encore, le conseil des ministres a approuvé l'engagement de 22 membres suppléants supplémentaires représentants d'une ONG.

De plus, une partie importante du personnel du secrétariat de recherche pourra être engagée dès la semaine prochaine pour le fonctionnement du greffe. D'ailleurs, il faut souligner que la commission de régularisation dispose, pour les tâches matérielles, d'une vingtaine d'étudiants pendant les vacances. Un maximum d'efforts est toujours fourni pour remplacer à court terme le personnel sortant. Dès lors, contrairement à ce qui est parfois suggéré, on ne peut parler d'un cadre insuffisamment rempli.

Je pense que les chambres disposent maintenant de tous les moyens nécessaires à la réalisation de l'objectif auquel s'est engagé le premier président, M. Coppens, lors de la réunion de la task force régularisation, sous la présidence du premier ministre.

Mevrouw Erika Thijs (CVP). - Ik dank de minister voor zijn antwoord. Dat al deze mensen worden aangeworven om de regularisatiekamers te laten draaien is bijzonder positief, maar de minister weet toch ook dat ze moeten worden opgeleid vóór ze effectief kunnen deelnemen aan de werkzaamheden. Daarop werd ook tijdens ons bezoek aan de regularisatiecommissie gewezen. Dit betekent opnieuw een vertraging, ook al beloopt die misschien maar één of twee maanden.

Ik vind het dan ook niet correct de mensen die een regularisatie hebben aangevraagd, opnieuw voor te spiegelen dat eind oktober de hele operatie afgerond zal zijn, om hen dan, op 30 oktober, opnieuw te moeten ontgoochelen. Waarom geeft de minister deze mensen elke keer weer hoop? Intussen zijn ze al bijna twee jaar aan het hopen. Begrijpt de minister dan niet wat een psychologische druk dat op hen legt? Het zou toch veel beter zijn de datum die de regularisatiecommissie vooropstelt, over te nemen in de plaats van de commissie met extra aanwervingen en jobstudenten onder druk te zetten om vroeger af te ronden. Zo'n druk is niet goed, noch voor de aanvragers, noch voor de mensen van de regularisatiecommissie.

Het gevolg kan zijn dat er morgen een crimineel uit Georgië binnenkomt, overmorgen een uit Rusland enzovoort. We lopen dan het risico dat we overspoeld worden door de georganiseerde criminaliteit, zoals we dat overal in onze samenleving zien, en dat we over een half jaar dan weer maatregelen moeten nemen om deze mensen het land uit te krijgen. Er moet nú, bij het begin worden ingegrepen.

De ambtenaren van de regularisatiecommissie hebben gelijk dat ze elk dossier fatsoenlijk willen behandelen. Als er door hun toedoen een of andere crimineel binnenkomt, dan worden ze afgedankt omdat ze hun dossier niet deftig hebben behandeld. We moeten hen voldoende tijd geven om de dossiers goed te onderzoeken, vooral ook omdat op het ogenblik al 12% van de aanvragen naar de Staatsveiligheid moet worden doorgestuurd.