(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
Het hoofdcomponent van PVC-bouwmaterialen zoals ramen, deuren en planchetten is het PVC-polymeer. Om de verwerkbaarheid en de eigenschappen te verbeteren worden additieven toegevoegd. Tot op heden zijn de voornaamste bestanddelen van deze additieven (in de fysische vorm van poeder) meestal metallische loodverbindingen. De reden tot toevoeging van deze additieven is de goede warmtestabiliserende eigenschappen om de mogelijkheid van chemische ontbinding van het polymeer tijdens de verwerking te voorkomen alsook het over een lange periode goede reststabiliteit geven aan het eindproduct bij UV-belichting.
Het gebruik van metallisch lood zorgt tijdens de productiefase soms voor een ernstige vervuiling van de werkomgeving. Over de ernst van de loodvervuiling veroorzaakt door de verwerking (verzagen van stukken PVC) van afgewerkte producten en het verbranden van PVC-afval bestaat onduidelijkheid. Het bulktransport (per vrachtwagen) van de poedervormige additieven naar de plaats waar deze met het PVC-polymeer worden vermengd zou problematisch zijn. Deze transporten zouden immers geen ADR-attest behoeven, meer nog, de vervoersdocumenten bij dergelijke bulktransporten zouden geen info bevatten over lood, wat bij een ongeval voor hulpdiensten een gevaarlijke onwetendheid is.
Zowel acute loodvergiftiging als langdurige loodblootstelling kan ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid. Bij een acute loodintoxicatie zijn de loodspiegels in het bloed meestal zeer hoog (vanaf 80 µg/dl). Bij chronische blootstelling zijn reeds veel lagere waarden schadelijk. Vanaf 10 µg/dl kan er al sprake zijn van zenuwgeleidingsstoornissen, libidovermindering, groeivertraging, enz.
Het gebruik van zware metalen tijdens de productie van PVC is nochtans niet nodig; ze kunnen technisch perfect worden vervangen door lichte metalen zoals aluminium. Enig nadeel is dat het gebruik van lichte metalen iets duurder uitvalt voor de producent. De VS en Duitsland zijn twee landen waar men reeds is overgegaan tot het gebruik van lichte metalen.
Graag kreeg ik van de geachte minister een antwoord op volgende vragen :
1. Wat is de wettelijke omkadering inzake de bescherming van de werknemers en van het werkmilieu tegen de vervuiling met lood ?
2. Kunt u mij een overzicht bezorgen van het aantal gerechtigden op een vergoeding voor beroepsziekte alsook de respectievelijke schadelasten ten gevolge van blootstelling aan metallisch lood gedurende de laatste 10 jaar ?
3. Wat zijn de gevolgen voor bedrijf en werknemer(s) wanneer te hoge concentraties lood in het bloed van werknemers worden vastgesteld ? Wat indien deze concentraties veroorzaakt worden door structurele onzorgvuldigheden inzake de bedrijfsvoering ?