Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-10

ZITTING 1999-2000

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken

Vraag nr. 388 van de heer Maertens d.d. 28 januari 2000 (N.) :
Grensoverschrijdende waterlopen. ≠ Verdrag van Helsinki (17 maart 1992). ≠ Toepasselijkheid op de IJzer.

Op de Ministerraad van 21 januari 2000 werd een voorontwerp van wet goedgekeurd waarbij het Verdrag van Helsinki van 17 maart 1992 samen met de bijlagen I, II, III en IV door BelgiŽ wordt bekrachtigd.

Dit verdrag over de bescherming en het gebruik van grensoverschrijdende waterlopen, moet de internationale samenwerking bevorderen voor de preventie, het beheersen en het verminderen van de vervuiling van de grensoverschrijdende waterlopen, en het duurzame gebruik van deze wateren aanmoedigen.

Tevens tekent het verdrag de krijtlijnen uit voor de bilaterale en multilaterale samenwerking met betrekking tot het beheer van deze waterlopen.

Naar verluidt zou het stroomgebied van de IJzer, dat voor 1/3 in Frankrijk ligt, niet in dit verdrag zijn opgenomen. Anderzijds bestaat er in het Vlaamse Gewest wel een beperkte vorm van samenwerking met Frankrijk inzake de IJzer, maar een afdwingbaar juridisch kader ontbreekt naar verluidt daartoe nog steeds. Dit heeft tot gevolg dat Frankrijk nog altijd ongestoord ongezuiverd water over de grens kan laten vloeien, wat rechtstreeks terechtkomt in het waterwingebied van de IJzer en Blankaert. Het Verdrag van Helsinki bevat nochtans diverse maatregelen om (moeilijke) grensoverschrijdende waterverontreiniging te voorkomen, te beheersen en te beperken.

Graag had ik dan ook vernomen :

1. of de IJzer al dan niet onder de toepassing valt van dit verdrag, en zo ja, op basis van welke bepalingen;

2. welke in het negatieve geval de reden is van het niet van toepassing zijn van het verdrag op de IJzer;

3. welke juridisch afdwingbare mogelijkheden er in het negatieve geval overblijven om de grensoverschrijdende vervuiling tegen te gaan.

Antwoord : Ik kan het geachte lid mededelen dat uit geen enkel element van het Helsinki-Verdrag, dat een pan-Europees verdrag is, kan worden afgeleid dat het verdrag niet op de IJzer zou toepasselijk zijn.