Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-4

ZITTING 1999-2000

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 47 van de heer Creyelman d.d. 2 september 1999 (N.) :
Europese Kampioenschappen voetbal. ≠ Handhaving van de openbare orde.

Volgens de Nederlandse nationale ombudsman, de heer Oosting, worden de problemen bij mogelijke ordeverstoringen tijdens het EK voetbal zwaar onderschat. Hij denkt dat de overheid niet goed is voorbereid om voetbalsupporters uit de Europese Unie eventueel te kunnen uitzetten, als zij betrokken zijn bij rellen of andere problemen met de openbare orde. De ombudsman meent dat mensen uit de Europese Unie in principe niet kunnen worden uitgezet, zoals dat wel kan bij mensen van buiten de EU.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken in Nederland vindt daarentegen dat er van een actuele bedreiging geen sprake moet zijn voor het uitzetten van EU-inwoners. De ombudsman vindt dat deze redenering niet opgaat en voorziet daarom veel problemen als de Nederlandse overheid volgens deze redenering gaat optreden tijdens de Europese Kampioenschappen voetbal in Nederland en BelgiŽ volgend jaar.

Volgende vragen dringen zich dan ook op :

1. Heeft de geachte minister hieromtrent al contact opgenomen met zijn collega-minister uit Nederland ?

2. Is het inderdaad zo dat relschoppers uit de EU het land niet kunnen uitgezet worden ?

3. Hoe zal de geachte minister dit probleem verhelpen ?

Antwoord : Ik het de eer het geachte lid het hierna volgende te antwoorden.

1. Met betrekking tot de kwestie die het voorwerp uitmaakt van uw vraag hebben nog geen interministeriŽle contacten plaatsgevonden. Aangaande de binnenkomst, het verblijf en de mogelijke verwijdering van voetbalsupporters vindt wel overleg plaats tussen de Dienst vreemdelingenzaken en de rijkswacht enerzijds en de Immigratie- en Naturalisatiedienst, ressorterend onder het Nederlands ministerie van Justitie, en de Koninklijke Marechaussťee anderzijds.

2 en 3. Krachtens artikel 43 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, kunnen de binnenkomst en het verblijf aan een onderdaan van de Europese Unie geweigerd worden om redenen van openbare orde of openbare veiligheid. Dergelijke maatregelen mogen uitsluitend gegrond worden op het persoonlijk gedrag van de betrokkene.

Artikel 7, eerste lid, 3ļ, van dezelfde wet bepaalt dat een vreemdeling die noch gemachtigd, noch toegelaten is tot een verblijf van meer dan drie maanden in het Rijk of om er zich te vestigen, onderworpen kan worden aan een bevel om het grondgebied te verlaten, wanneer hij door zijn gedrag geacht wordt de openbare orde te kunnen schaden. Het tweede lid van hetzelfde artikel laat toe dat de betrokken vreemdeling, om dezelfde reden, zonder verwijl naar de grens van het land van herkomst wordt teruggeleid.

Uit een gezamenlijke lezing van beide artikelen volgt dat voetbalsupporters uit andere lidstaten van de Europese Unie van het Belgisch grondgebied kunnen worden verwijderd, inzoverre zij door hun persoonlijk gedrag een bedreiging vormen voor de openbare orde of de openbare veiligheid. Het actueel karakter van die bedreiging wordt gevormd door de voetbalwedstrijd(en), die voor sommigen de aanleiding zijn om zich te buiten te gaan aan gewelddaden en wangedrag. Dergelijke verwijderingsmaatregelen zijn volledig in overeenstemming met het gemeenschapsrecht.

In een officiŽle mededeling aan de Raad en aan het Europees Parlement van 19 juli 1999 heeft de Commissie van de Europese Gemeenschappen overigens erkend dat de lidstaten een discretionnaire bevoegdheid bezitten om individuele maatregelen van openbare orde en openbare veiligheid te nemen ten aanzien van ingezetenen van de Europese Unie, om geweld en hooliganisme tijdens sportmanifestaties te voorkomen, voor zover die maatregelen uitsluitend gegrond worden op het persoonlijk gedrag van de betrokkenen.