(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
Tijdens het televisieprogramma « Controverse » van 31 mei 1998 op RTL-TVI is de « buit » van de belastingambtenaren ter sprake gekomen. Naar aanleiding daarvan heeft de heer Delporte, adjunct-administrateur-generaal van de belastingen, verklaard dat de « buit » van elke ambtenaar de maatstaf is waarmee de ware professionele kwaliteiten van de controleur wordt gemeten.
Dergelijke verklaringen zullen ertoe leiden dat het « netto-rendement » van verschillende ambtenaren zal worden vergeleken. Volgens mij komt dat neer op een ernstige ontsporing van de democratie en gaat zulks voorbij aan de rol van de fiscus, namelijk een correcte belastinginning verzekeren.
Als op een bepaald ogenblik belastingverlichting gegeven wordt, betekent dit wellicht dat de belastingen ten onrechte zijn geheven of dat de fiscale procedure niet is nageleefd. Daartegenover staat dat wanneer de belastingplichtigen de wet naleven, er geen belastingsupplementen dienen te worden geheven.
Anderzijds lijkt het mij niet wenselijk dat belastingsupplementen geheven in regio's met een beperktere economische activiteit worden vergeleken met, bijvoorbeeld, die welke vastgesteld werden door gespecialiseerde controlecentra.
Ten slotte komt het mij voor dat een dergelijke redenering sommige belastingambtenaren ertoe zal aanzetten te allen prijze supplementen na te streven, ongeacht de vigerende wetsbepalingen. Wat dit betreft, heb ik vernomen dat sommige belastingplichtigen met opzet een duidelijke vergissing in hun aangifte aanbrengen om zo de belastingambtenaar, die aldus een supplement kan realiseren, tevreden te stellen.
Deelt de geachte minister mijn vrees in verband met het potentiėle gevaar van de uitspraken van de heer Delporte ?
Indien het werkelijk de bedoeling is om een « netto-buit » per belastingambtenaar vast te stellen, kan de geachte minister mij dan zeggen hoe men in de praktijk tewerk zal gaan wanneer bijvoorbeeld het volgende geval zich voordoet : een dienst van de BBI heeft ten laste van een enkele vennootschap een belasting gevestigd van 5 miljard frank; vijf of tien jaar later beslist de belastingadministratie zelf, ontheffing te verlenen (de zaak is zelfs niet voor de rechter gebracht); de ambtenaren die de belasting geheven hebben, bekleden op dat ogenblik echter niet langer dezelfde functie maar nemen ondertussen andere taken waar. Hoe wordt die « netto-buit » berekend ?
Antwoord : Naar het voorbeeld van wat gebruikelijk is in andere sociale of economische activiteitensectoren, is het daadwerkelijk de bedoeling van mijn departement een geheel van kwalitatieve of kwantitatieve criteria op te stellen die het mogelijk maken de prestaties van de diensten en van de ambtenaren en met name van de controlediensten, te vergelijken en te meten.
Eén van de vergelijkingscriteria die in aanmerking zullen worden genomen, is zeker de bekwaamheid van de taxatie-ambtenaren om een juiste belastingheffing te verzekeren, de enige waarborg voor een gelijke behandeling van de belastingplichtigen. Dit criterium zal in verband worden gebracht met andere elementen, waaronder het soort gecontroleerde activiteiten, de samenstelling van de herzieningen, de verschillen tussen de regio's of de opdracht van de diensten.
Zo is het normaal dat de « rendementen » verschillen wat het bedrag ervan betreft al naargelang de controle wordt uitgevoerd door een klassiek centrum, door een controlecentrum AOIF of door de BBI. Verder is het mijn bedoeling de taxatiediensten te responsabiliseren in het kader van het voorafgaand geschil en het geschil. Deze taxatiediensten zullen instaan voor de opvolging van de dossiers, zowel op het vlak van het administratief beroep als van de verdediging van de dossiers op het niveau van de rechtsmachten in eerste aanleg en in beroep. De diensten zullen in dat opzicht veel aandacht hebben voor de draagwijdte van de rechtspraak ten opzichte van de situaties waarmee ze te maken hebben.
Nu al is een cel van het algemeen secretariaat van het ministerie van Financiėn belast met het opstellen van een rapport over de huidige werkwijze op het vlak van het meten van de prestaties binnen de fiscale administraties.
Wat meer in het bijzonder de grondige controles aangaat, is het belangrijk dat :
a) het evaluatiesysteem het mogelijk maakt om zowel de kwaliteit te beoordelen van de taxaties die tot zo weinig mogelijk geschillen mogen leiden als het uiteindelijk resultaat daarvan, d.w.z. de financiėle weerslag voor de Staat;
b) de evaluatie van de controleresultaten per team gebeurt, zonder daarom de evaluatie van het werk dat elke ambtenaar binnen zijn team presteert uit het oog te verliezen. Het zou bijvoorbeeld onlogisch zijn om het ganse team te onderwaarderen omwille van de prestaties van één teamlid. Men mag overigens niet vergeten dat samenstelling van de teams regelmatig wijzigt, waardoor het nutteloos zou zijn om enkel het team te evalueren.