1-1205/9

1-1205/9

Belgische Senaat

ZITTING 1998-1999

23 MAART 1999


Wetsontwerp betreffende de mogelijke overdracht door de Federale Participatiemaatschappij van haar aandelen van het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet


Evocatieprocedure


TEKST AANGENOMEN DOOR DE COMMISSIE VOOR DE FINANCI╦N EN DE ECONOMISCHE AANGELEGENHEDEN


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, de Federale Participatiemaatschappij gelasten om alle of een deel van de aandelen over te dragen die zij bezit in het maatschappelijk kapitaal van de naamloze vennootschap Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet, hierna genoemd ź CBHK ╗.

De voorwaarden van de overdrachten bedoeld in het voorgaande lid dienen vooraf te worden goedgekeurd door de minister van FinanciŰn, de minister van Economische Zaken en de minister van Begroting.

De Koning kan de Federale Participatiemaat-schappij, bij een in Ministerraad overlegd besluit, eveneens gelasten ofwel om in te schrijven op een kapitaalverhoging van het CBHK, ofwel om de splitsing van het CBHK in vennootschappen naar privaat recht te organiseren met het oog op de overdracht van een deel of het geheel van de aandelen van de vennootschappen voortkomend uit de splitsing, ofwel om de inbreng door het CBHK van een deel van haar werkzaamheden in een dochtervennootschap naar privaat recht te organiseren, met het oog op de overdracht van het geheel of een deel van de aandelen van deze laatste.

Art. 3

In artikel 61 van de geco÷rdineerde wet van 24 december 1996 tot organisatie van de openbare kredietsector en van de deelnemingen van de openbare sector in bepaalde privaatrechtelijke financiŰle vennootschappen wordt het derde lid opgeheven.

Art. 4

Met het oog op de overdrachten bedoeld in artikel 2, en zonder afbreuk te doen aan artikel 89 van dezelfde geco÷rdineerde wet, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, alle nuttige maatregelen treffen, en desgevallend de op het CBHK toepasselijke wettelijke bepalingen wijzigen of opheffen teneinde :

1║ de regels vast te leggen voor de nodige verrichtingen, met inbegrip van :

a) de overdrachten of omwisselingen van schulden, schuldvorderingen, roerende waarden of verhandelbare rechten;

b) de inbreng of overdracht van activa, passiva of bedrijfstakken;

c) de oprichting van nieuwe vennootschappen of de inschrijving in geld of in natura op kapitaalverhogingen van het CBHK of van nieuwe vennootschappen;

d) de uitgifte van al dan niet stemrechtverlenende verhandelbare rechten of roerende waarden die al dan niet het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen;

2║ de bepalingen te wijzigen betreffende de oprichting, organisatie, taken, werkwijze, financiering, controle, ontbinding en vereffening van het CBHK;

3║ de op het CBHK toepasselijke bijzondere bepalingen op te heffen die verschillen van de bepalingen van gemeen recht die gelden voor naamloze vennootschappen van privaat recht.

De minister van FinanciŰn brengt bij de Wetgevende Kamers verslag uit over de in artikel 2 bedoelde overdrachten en de krachtens het eerste lid bedoelde maatregelen.

Art. 5

ž 1. De besluiten die krachtens artikel 4 worden getroffen, kunnen de van kracht zijnde wettelijke bepalingen wijzigen, aanvullen, vervangen of opheffen.

ž 2. De bevoegdheden die door artikel 4 aan de Koning worden opgedragen, vervallen op 31 december 1999.

Na deze datum kunnen de besluiten die krachtens artikel 4 zijn getroffen, alleen bij een wet worden gewijzigd, aangevuld, vervangen of opgeheven.

Art. 6

De minister van FinanciŰn brengt bij de Kamer van volksvertegenwoordigers verslag uit over de in artikel 2 bedoelde overdrachten en de krachtens artikel 4 getroffen maatregelen.