1-245

1-245

Sénat de Belgique

Belgische Senaat

Annales parlementaires

Parlementaire handelingen

SÉANCES DU JEUDI 11 FÉVRIER 1999

VERGADERINGEN VAN DONDERDAG 11 FEBRUARI 1999

(Vervolg-Suite)

MONDELINGE VRAAG VAN DE HEER VANDENBROEKE AAN DE MINISTER VAN VERVOER OVER « DE UITSPRAKEN VAN DE HEER E. SCHOUPPE OMTRENT HET BINNENLANDS TREINVERKEER »

QUESTION ORALE DE M. VANDENBROEKE AU MINISTRE DES TRANSPORTS SUR « LES DÉCLARATIONS DE M. E. SCHOUPPE CONCERNANT LA CIRCULATION DES TRAINS EN SERVICE INTÉRIEUR »

De voorzitter. ­ Aan de orde is de mondelinge vraag van de heer Vandenbroeke.

Het woord is aan de heer Vandenbroeke.

De heer Vandenbroeke (VU). ­ Mijnheer de voorzitter, begrijpe wie begrijpen kan. België is aan het dichtslibben en beide deelstaten doen er alles voor om de mobiliteit te blijven garanderen om de economie draaiende te houden. Op een dergelijk moment laat de afgevaardigd bestuurder van de NMBS zich wel erg laatdunkend uit over het openbaar vervoer in het algemeen en over het treinverkeer in het bijzonder.

De heer Schouppe sprak eergisteren bij de opening van het nieuwe logistieke centrum van de pakjesafdeling ABX in Merelbeke. Zijn uitlatingen over het binnenlands treinverkeer roepen zacht gezegd toch nogal wat weerwerk op bij de treingebruikers en ook bij het personeel van de NMBS. Het voorbije jaar werden de reizigers zoals men weet allesbehalve verwend wegens de vele mankementen bij de NMBS. Ik citeer de heer Schouppe : « Het spoorwegnet zal niet of nauwelijks nog groeien ... Van het binnenlands reizigersverkeer verwachten we beter geen wonderen. » Bij regelmatige treingebruikers moet een dergelijke uitspraak compleet onaanvaardbaar overkomen.

Daarom stel ik de minister de volgende vragen.

Is het aanvaardbaar dat het binnenlands treinverkeer op zo een negatieve manier wordt benaderd en wordt bestuurd ?

Is het niet dringend tijd dat het beleid inzake openbaar vervoer en het treinverkeer in het bijzonder, aan de deelstaten wordt toegewezen ?

De voorzitter. ­ Het woord is aan de minister Daerden.

De heer Daerden, minister van Vervoer. ­ Mijnheer de voorzitter, ik zal ook de heer Schouppe citeren : « ABX is een onderneming in volle expansie. De resultaten die we de laatste jaren optekenen, moedigen ons inderdaad aan om met ABX absoluut de weg van economische uitbreiding in te slaan. Het is ook een noodzaak. In deze sector, zoals in zoveel andere sectoren, wordt de concurrentiestrijd meer en meer in de internationale arena geleverd. »

Dit zijn de woorden van de heer Schouppe bij de inhuldiging van het nieuwe logistieke centrum van ABX te Merelbeke. Dat zijn positieve woorden. Het is normaal dat de activiteit welke die dag in de schijnwerpers stond, werd bewierookt. Dat betekent niet dat de andere activiteiten van de NMBS daarom minder waard zijn.

Aangezien de NMBS het monopolie behoudt over het binnenlands reizigersvervoer, bestaat er wat die activiteit betreft geen concurrentie met andere spoorwegmaatschappijen. Deze activiteit vloeit voort uit de bepalingen van het beheerscontract dat de NMBS met de Belgische Staat heeft gesloten.

De uitlatingen van de heer Schouppe, waarnaar in de vraag werd verwezen, dienen terug in hun context te worden geplaatst. Er moet immers een onderscheid worden gemaakt tussen activiteiten die onderhevig zijn aan concurrentie en de opdrachten van de openbare dienst. Deze laatste opdrachten, waaronder onder meer de uitbouw van het spoorwegnet, hangen af van de investeringskredieten die de Staat toekent voor de tienjarenplannen.

Voorts wil ik nog benadrukkken dat er voor het binnenlands reizigersvervoer een belangrijke rol is weggelegd bij het verhogen van de mobiliteit, onder andere door het opdrijven van de prestaties over de korte afstand.

De regionalisering van het spoorvervoer werd niet in de regeringsverklaring opgenomen en is dus niet aan de orde.

Nu sommige spoorwegdiensten voor concurrentie worden opengesteld, dient de spoorwegmaatschappij veeleer te worden versterkt, zodat ze het kan opnemen tegen giganten als de Deutsche Bahn en de Franse Spoorwegen.

De voorzitter. ­ Het woord is aan de heer Vandenbroeke voor een repliek.

De heer Vandenbroeke (VU). ­ Mijnheer de voorzitter, ik zou de minister te goeder trouw een suggestie willen doen. Een deel van de activiteiten van de spoorwegen werden gefilialiseerd : ik denk onder andere aan de goederendienst ABX. Iedereen in België verheugt zich over het succes van deze activiteiten.

De hoofdopdracht van de NMBS is echter het binnenlands reizigersvervoer. De minister heeft dat zelf beklemtoond.

De minister weet wellicht ­ en mocht hij dat nog niet weten, dan zal hij het nu vernemen ­ dat er zowel bij het personeel als bij de pendelaars groot ongenoegen heerst. De klachten van de pendelaars zijn de jongste weken wat geluwd, dat wil ik toegeven. Bij het personeel blijft de malaise echter immens. Ik wil de minister aanraden om deze week eens Knack te lezen. Het probleem komt daarin uitvoerig aan bod.

De malaise is zo groot geworden dat zelfs de syndicale middens bereid zijn voor de regionalisering van de spoorwegen te kiezen, zo de toestand niet snel opklaart, wat toch aantoont dat de malaise zeer groot is.

De filialisering heeft vruchten afgeworpen, maar daarom moet de hoofdopdracht nog niet in het gedrang komen.

M. le président. ­ La parole est à M. Daerden, ministre.

M. Daerden, ministre des Transports. ­ Monsieur le président, je répète une fois encore que la mission principale de la SNCB est évidemment d'assurer le transport des voyageurs sur le réseau intérieur. À mes yeux, il convient cependant de s'inscrire dans une logique qui dépasse cette seule activité et de mener une réflexion plus globale de logistique, tant sur le plan national qu'international.

Enfin, je suis conscient des difficultés et du malaise qui existent au niveau du personnel, notamment en matière de recrutement. À cet égard, je voudrais rassurer notre collègue : tout est mis en oeuvre pour réaliser ce grand plan de recrutement, notamment en 1999, tant pour les conducteurs que pour les accompagnateurs de trains.

De voorzitter. ­ Het incident is gesloten.

L'incident est clos.