Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1996-1997


Bulletin 1-38

18 FEBRUARI 1997

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Binnenlandse Zaken

Vraag nr. 199 van de heer Hatry d.d. 10 januari 1997 (Fr.) :
Beveiliging van het vervoer van splijtstoffen.

Naar aanleiding van een luchttransport van Duitse nucleaire brandstof tussen de luchthavens van Oostende en van Wick in Schotland, zijn op 11 september 1996 13 buitenlandse leden van de organisatie Greenpeace International de luchthaven binnengedrongen. Zij zijn erin geslaagd tot in het vliegtuig te geraken zonder dat de rijkswacht dit kon beletten. Er werd zelfs gezegd dat sommige rijkswachters blijk gaven van sympathie voor de betogers.

Dit incident was een grove tekortkoming van het beveiligingssysteem voor transporten van splijtstoffen dat België moet toepassen in het kader van de verplichtingen ten opzichte van het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie.

Het wekt verbazing dat de minister van Binnenlandse Zaken, die verantwoordelijk is voor de rijkswacht ­ die in dit geval heeft gefaald ­ de buitenlandse Greenpeace-activisten openlijk heeft gefeliciteerd met hun actie.

Kan de geachte minister mij een antwoord geven op de volgende vragen :

1. Werd er een onderzoek geopend om de redenen van het falen van de rijkswacht vast te stellen, zodat dit in de toekomst kan voorkomen worden ?

2. Zullen er sancties getroffen worden ten aanzien van wie voor dit falen verantwoordelijk is ?

3. Vormen de in het openbaar geuite lofbetuigingen van de minister van Binnenlandse Zaken ten aanzien van de Greenpeace-actie :

a) geen aanmoediging voor andere gelijkaardige manifestaties;

b) geen uiting van een bijzondere sympathie van de geachte minister voor Greenpeace, die aan de basis ligt van het lakse optreden of zelfs de collusie van de rijkswachters die belast zijn met de beveiliging van transporten van splijtstoffen, met als gevolg dat de openbare veiligheid in het gedrang komt ?

4. Op basis van welke criteria heeft de geachte minister het luchtvervoer van nucleaire stoffen vanuit de luchthaven van Oostende opgeschort, die alle bestaande nationale en internationale veiligheidsvoorschriften naleeft ?

5. Wanneer zal de geachte minister het verbod opheffen ?