Vragen en Antwoorden


Bulletin 1-50

Belgische Senaat

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Landsverdediging

Vraag nr. 78 van de heer Destexhe van 13 juni 1997 (Fr.) :
Militairen van het actief kader op non-activiteit. ­ Voorwaarden.

Er zijn thans verscheidene koninklijke besluiten in voorbereiding om de op non-actiefstelling te regelen van een aantal militairen van het actief kader van de krijgsmacht met toepassing van artikel 3, § 1, 1º, van de wet van 26 juli 1996 strekkende tot realisatie van de budgettaire voorwaarden tot deelname van België aan de Europese Economische en Monetaire Unie.

Kunt u mij de volgende informatie meedelen :

1. Zijn er contacten geweest met uw collega van Financiën om te waarborgen dat de op non-actiefgestelde militairen de forfaitaire aftrek voor beroepskosten genieten ?

2. Volgens de ingediende ontwerpen worden op non-actiefgestelde militairen geacht in actieve dienst te zijn. Blijven zij kosteloze medische verzorging genieten zoals vóór hun non-actiefstelling ?

3. Blijven zij om dezelfde reden kleedgeld ontvangen ?

4. Werd er reeds een onderzoek gewijd aan de invloed van de periode van op non-actiefstelling op de berekening van het overlevingspensioen van de echtgenoot ?

5. Kan uw bestuur de pensioenbedragen precies berekenen die besteed moeten worden om de maandelijks aan de betrokkene te storten bedragen te berekenen ? Zo neen, welke maatregelen overweegt u om de correcte bedragen te storten ?

6. Gesteld dat er militairen ambtshalve on non-actief worden gesteld, van welke criteria gaat u uit om de personen aan te wijzen waarop die maatregel toepassing krijgt ?


Antwoord : Het geachte lid kan hierna de antwoorden op zijn vragen vinden.

1. Het ontwerp van koninklijk besluit betreffende het in disponibiliteit stellen van de militairen is voldoende duidelijk. Er wordt met name uitdrukkelijk gesteld dat « de tijd van de in disponibiliteit stelling voor de toepassing van de wetgeving betreffende de sociale zekerheid en de inkomstenbelasting een periode van werkelijke dienst is ».

2. Ja.

3. Neen.

4. De in disponibiliteit stelling zal geen enkele invloed hebben op de berekening van het overlevingspensioen van de echtgenoot/echtgenote.

5. Gezien de bevoegdheden ter zake is het de administratie der Pensioenen die de fictieve berekening zal uitvoeren van het rustpensioen van de betrokken militairen.

6. De eventuele specifieke criteria zullen slechts later kunnen worden bepaald in functie van de resultaten van het geheel van de afvloeiingen. Objectieve criteria zullen worden gehanteerd, zoals bijvoorbeeld de graad en de leeftijdsgroep of het aantal resterende dienstjaren. De keuze van de criteria wordt bepaald door het aantal militairen dat moet afvloeien ten opzichte van de in de personeelsenveloppe voorziene effectieven per graad.