Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1996-1997


Bulletin 1-32

19 NOVEMBER 1996

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Vervoer

Vraag nr. 62 van de heer Hazette d.d. 29 augustus 1996 (Fr.) :
Verdeling van de rokers- en niet-rokersplaatsen in de trein.

Naar aanleiding van een klacht van een rokende pendelaar in verband met de verdeling van rokers- en niet-rokersplaatsen in de trein, heeft de ombudsdienst van de NMBS de maatschappij gevraagd om de 90/10-verhouding in het voordeel van de niet-rokers toe te passen, die zij heeft aangekondigd bij de voorstelling van de nieuwe wagons I 11.

Er werd de NMBS ook gevraagd de nodige maatregelen te nemen voor de treinen met een bovenverdieping.

De NMBS lijkt geen gevolg te willen geven aan deze aanbeveling.

1. Hoe verklaart de geachte minister dat de NMBS het in haar correspondentie van juni 1995 heeft over een verhouding 90/10, terwijl zij zelf toegeeft dat die verhouding na een onderzoek in 1994 was vastgesteld op 80/20 ?

2. Welke maatregelen zal de geachte minister nemen om de aanbeveling van de ombudsdienst te doen respecteren en welke verdeling zal hij voorstaan ?

Antwoord : De NMBS, deelt mij in antwoord op de door het geachte lid gestelde vraag het volgende mede.

1. Uit een in 1994 gehouden enquête is gebleken :

­ Dat 20 pct. van de respondenten rokers waren en 80 pct. niet-rokers;

­ Dat slechts 14 pct. van de respondenten in een rokersafdeling reisde;

­ Dat, bij het invoeren van een algemeen rookverbod, 93 pct. van de respondenten (rokers en niet-rokers) evenveel of zelfs meer dan vroeger met de trein zou reizen.

Op basis van deze enquête hebben de beleidsinstanties van de NMBS beslist om het aantal rokersplaatsen in de treinen, zoveel als technisch mogelijk is, te beperken.

In de persmap over het rijtuig I 11 was inderdaad sprake van een verdeling 90/10. Door de schikking van de zitplaatsen is het, technisch gezien, niet altijd mogelijk om overal tot dezelfde verdeling te komen. In de rijtuigen I 11 is 10 pct. van de plaatsen bestemd voor rokers en in de elektrische motorrijtuigen type 96, 14 pct.

2. Gelet op de talrijke klachten die vóór het verminderen van het aantal plaatsen voor rokers in februari 1995, door de niet-rokers werden geuit, is de NMBS van oordeel dat de geleidelijke vermindering van het aantal rokersplaatsen het comfort van de reizigers ten goede komt.

Bijgevolg kan ze geen rekening houden met de aanbeveling van de ombudsdienst die gebaseerd is op een beperkt aantal klachten van rokers.