Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1996-1997


Bulletin 1-30

22 OKTOBER 1996

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking, toegevoegd aan de Eerste minister

Vraag nr. 39 van de heer Anciaux d.d. 29 augustus 1996 (N.) :
ABOS. ­ Artsen zonder grenzen. ­ CVBA Transfer.

Uit een doorlichting van de anti-fraudecel van het ABOS blijkt dat Artsen zonder grenzen niet altijd correct gebruik maakt van het systeem van het zogenaamde prefinancieringssysteem, waarbij ABOS geld beschikbaar stelt aan NGO's om hen toe te laten snel te kunnen reageren op noodsituaties. Zo vorderde op 18 oktober 1993 de toenmalige staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking Erik Derycke 18,5 miljoen van Artsen zonder grenzen en dit omwille van het niet-kunnen verantwoorden van de door het ABOS geprefinancierde sommen. Twee jaar lang gebeurde er echter niets en AzG betaalde de vordering niet terug. Na deze periode verlaagt u als nieuwe staatssecretaris deze vordering tot 13,5 miljoen frank. Het OSI-team ontdekt echter dat het geld bijna drie jaar lang rente heeft opgebracht via de CVBA Transfer, wat een honderd procent commerciële dochteronderneming is van AzG. Dit relaas blijkt echter geen alleenstaand voorval te zijn. Er zouden namelijk verschillende dossiers ontdekt zijn waarbij het door het ABOS beschikbaar gestelde geld langer dan vijf jaar op de Transfer-rekeningen zijn blijven staan.

Graag zou ik van de geachte staatssecretaris de volgende vragen beantwoord krijgen.

1. Kan de geachte staatssecretaris het hierboven geschetste relaas bevestigen ?

2. Hoe verklaart de geachte staatssecretaris zijn beslissing tot het verlagen van de vordering van 18,5 naar 13,5 miljoen terwijl het door AzG verschuldigde ABOS-geld ondertussen intrest heeft opgebracht ten voordele van Artsen zonder grenzen ?

3. Inzake welke andere AzG-dossiers zijn er gelijkaardige zaken te bespeuren ? Om welke bedragen ging het hier ? Om welke projecten ging het hierbij ?

4. Welke maatregelen zal de geachte staatssecretaris treffen tegen AzG in het bijzonder ? Welke maatregelen zal de geachte staatssecretaris treffen om dergelijke toestanden, waarbij NGO's « geld verdienen » op basis van belastinggeld, in de toekomst te vermijden ?


Antwoord : 1. Neen.

2. Inzake de vordering waarvan sprake in de vraag van het geachte lid heb ik geen enkele beslissing genomen. Uit een schrijven van het ABOS aan Artsen zonder Grenzen (AzG) in juni 1994 blijkt dat een bedrag van 13,5 miljoen zal teruggevorderd worden. De vaststelling van dit bedrag gebeurde dus één jaar voor mijn aantreden als staatssecretaris. De terugvordering heeft correct plaatsgevonden, overeenkomstig de geldende administratieve procedure waarvan algemeen bekend is dat ze veel tijd in beslag neemt.

3. Een noodhulpactie heeft in se een dringend karakter. De niet-goevernementele organisaties (NGO's) kunnen een dergelijke actie ­ met Belgische overheidsfinanciering ­ starten na mijn principiële schriftelijke goedkeuring. Deze goedkeuring bevat ook de datum vanaf wanneer de kosten in aanmerking kunnen genomen worden. Mijn administratie belast zich nadien met de verdere administratieve afhandeling, die doorgaans maanden in beslag neemt. Dit houdt in dat deze NGO's hun noodhulpacties moeten prefinancieren. Dit principe staat zelfs als dusdanig ingeschreven in het koninklijk besluit op de noodhulp van 6 september 1995.

Ik wil er in dit verband op wijzen dat de terugvordering van toelagen in de NGO-sector courant gebeurt en zeker in de sector van de medefinanciering, indien de NGO's niet de gepaste verantwoordingsstukken kunnen voorleggen voor de verkregen toelagen.

4. Uit bovenstaande antwoorden blijkt dat het een verkeerde voorstelling van zaken is, als zouden de NGO's met belastingsgeld « geld verdienen ». In een ontwerp-wijziging van het koninklijk besluit op de noodhulp zal ik de NGO's verplichten om per noodhulpactie een aparte bankrekening te openen, waarop zowel negatieve als positieve intresten verrekend kunnen en moeten worden in functie van de bedoelde actie.