Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1995-1996


Bulletin 1-28

24 SEPTEMBER 1996

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ­ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Justitie

Vraag nr. 68 van de heer Verreycken d.d. 24 november 1995 (N.) :
Repressie. ­ Teruggave van persoonlijke documenten.

De Tweede Wereldoorlog werd gevolgd door een repressie, waarover ik reeds meermaals mijn bedenkingen signaleerde. Duidelijk is alleszins dat toen zeer vele dossiers werden aangelegd over personen die ondertussen overleden zijn, of ten individuelen titel in eer werden hersteld.

Graag verneem ik van u wat er gebeurde met de persoonlijke documenten die in de onderzoeksdossiers berusten. Ik denk dan aan huwelijksfoto's, jeugdbewegingsfoto's, zangboeken, zelfs gebedenboeken,... die soms werden meegenomen door de onderzoekers.

Hoe kunnen de nabestaanden van de overledenen of de in eer herstelden zélf hun persoonlijke documenten terugkrijgen ? Het gaat mij hier niet over getuigenissen, die eventueel werden afgelegd en die voor nieuwe veten zouden kunnen zorgen, maar wel om de persoonlijke documenten die dikwijls een emotionele waarde hebben voor de betrokkenen of hun nabestaanden.

Om een inzicht te krijgen over de omvang van een eventuele teruggeef-operatie, verneem ik ook graag hoeveel van dergelijke repressiedossiers vandaag bestaan.


Antwoord : Ik heb de eer het geachte lid mee te delen dat, in het algemeen, zaken (documenten of andere zaken, al dan niet met emotionele waarde) die inbeslaggenomen zijn in het kader van een gerechtelijk onderzoek teruggegeven worden overeenkomstig hetgeen voorzien is door het koninklijk besluit nr. 260 van 24 maart 1936 op de bewaring ter griffie en de procedure tot teruggave van de in strafzaken in beslag genomen zaken.

De eerste twee artikelen van dit koninklijk besluit luiden als volgt :

Artikel 1 : « De griffier zorgt voor de bewaring van de in strafzaken in beslag genomen zaken, die op zijn griffie werden neergelegd en voor de teruggave ervan nadat de bevoegde gerechtelijke overheid opheffing van het beslag heeft verleend. »

Artikel 2 : « De zaken worden, behoudens een andersluidend bevel van de rechter, teruggegeven aan de persoon in wiens handen beslag werd gelegd. »

Twee hypotheses kunnen zich hoofdzakelijk voordoen :

Ofwel zit de zaak nog steeds in gerechtelijk onderzoek of in opsporingsonderzoek, en in dat geval behoort de opheffing van het beslag tot de bevoegdheid van de onderzoeksrechter of, in voorkomend geval, van de procureur des Konings.

Ofwel werd reeds een vonnis gewezen, en in dat geval is het de procureur des Konings die bevoegd is om het beslag op te heffen.

Indien de eigenaar (of zijn rechthebbenden) van de zaak niet geďdentificeerd kan worden of nog, indien hij zich onthoudt van de zaak te komen ophalen, kan de zaak in kwestie gedurende vele jaren opgeslagen blijven in de kelders van de griffie. Nochtans, wegens plaatsgebrek gebeurt het zelden dat de griffies de bewaring van inbeslaggenomen goederen langer dan 15 tot 20 jaar verzekeren. Als deze termijn verstreken is, worden de inbeslaggenomen goederen die nog geen bezitter hebben gevonden meestal, alnaargelang het geval, in de schatkist gestort, verkocht of vernietigd.

Tenslotte heb ik de eer het geachte lid te melden dat het aantal geopende dossiers inzake incivisme 405 067 bedraagt.