Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 1-59

ZITTING 1997-1998

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Financiën en Buitenlandse Handel (Financiën)

Vraag nr. 523 van de heer Vandenbroeke d.d. 21 oktober 1997 (N.) :
Financiering van gewesten en gemeenschappen. ­ Tweede vraag.

Op een gestelde vraag in verband met de financiering van de gemeenschappen en de gewesten, ingediend en beantwoord tijdens de zitting 1996-1997 onder nummer 151, kregen we een omvattende en gewaardeerde toelichting omtrent de aangebrachte probleemstelling. Concreet ging het namelijk om de mogelijke overheveling aan de gewesten van de nalatigheidsintresten geïnd inzake de registratie- en successierechten, enerzijds, en om een mogelijke toewijzing aan de gewesten van eventuele boeten op de successierechten, anderzijds.

We onthouden uit het antwoord dat een geëigende regeling dienaangaande een voorafgaand overleg met de gewestregeringen impliceert. Dat op de vraagstelling omtrent een mogelijke uitsplitsing over de gewesten tot nader order niet kan geantwoord worden, is in de gegeven omstandigheden aanvaardbaar. Het gaat hier met andere woorden om een discussiepunt dat nadere opvolging verdient en als vanzelf naar een definitieve regeling doet uitkijken. Voorafgaand aan zo'n uitwerking, houden we het dan ook bij het opvragen van de globale bedragen waarover het gaat.

Vandaar een tweeledige vraagstelling :

1. Graag zouden we vernemen met betrekking tot de nalatigheidsintresten om welke bedragen het jaarlijks precies gaat en dit sinds 1989.

2. Graag zouden we vernemen met betrekking tot de fiscale boetes, verschuldigd bij toepassing van het Successiewetboek, om welke bedragen het jaarlijks precies gaat en dit sinds 1989.