(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans
Graag vernam ik van de geachte minister of, bij de voorbereiding van de uitvoeringsbesluiten die verband houden met de nieuwe wetgeving op het gerechtelijk akkoord en het faillissement, de verschillende actoren geraadpleegd werden.
Heeft de geachte minister contact genomen met een representatief aantal hoofdgriffiers verbonden aan de rechtbanken van koophandel en de hoven van beroep ?
Wij vernemen dat de geachte minister het voornemen heeft zeer binnenkort over te gaan tot publicatie in het Belgisch Staatsblad van deze nieuwe wetgeving, en deze te laten in werking treden per 1 januari 1998. Ik meen dat een aantal griffies van koophandel terecht vrezen dat deze termijn te kort is om in de praktijk over te schakelen op de toepassing van deze nieuwe wetgeving. Het spreekt voor zich dat het beter ware indien de griffies konden gebruik maken van de pauze die het jaarlijks gerechtelijk verlof hen biedt, om hun methodiek en informatica aan te passen. Deze aanpassing kan immers niet geschieden op enkele dagen tijd.
Heeft de geachte minister deze problematiek besproken met de hoofdgriffiers van koophandel, en wat zijn zijn bevindingen hierover ?
Wat de voorbereiding van de uitvoeringsbesluiten betreft, vraag ik de geachte minister of hij zich terzake liet adviseren door de verschillende actoren : werkgevers- en werknemersorganisaties, de magistraten van koophandel, en de orde van advokaten (curatoren).
Ik meen dat talrijke elementen in deze uitvoeringsbesluiten rechtstreeks betrekking hebben op, en gevolg hebben voor deze actoren. Mijn bezorgdheid wordt mij enkel ingegeven vanuit het principe wereldvreemde wetgeving te voorkomen, en geenszins om zuilen of corporaties de kans te bieden eenzijdig hun belangen veilig te stellen.
Tot slot zou ik de geachte minister willen vragen te willen overwegen een handig vademecum van de administratie en eventueel het kabinet van zijn departement op te stellen, dat op een eenvoudige manier te consulteren is door de magistraten wanneer zij geconfronteerd worden met kleine dagdagelijkse problemen van logistieke aard, en hiervoor noodgedwongen het departement justitie moeten raadplegen. Op dit ogenblik kan men enkel beschikken over de zeer lijvige en onoverzichtelijke uitgaven, die de geachte minister wel bekend zijn, maar eerder onhandig zijn om te consulteren.