Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 1-76

ZITTING 1997-1998

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Financiën

Vraag nr. 705 van de heer Vandenbroeke d.d. 12 december 1997 (N.) :
Opbrengst eurovignetten. ­ Grensovergangen.

De verkoop van eurovignetten, als tegenhanger van de « péages », wordt onder meer toegepast in de Benelux-landen, Duitsland en Denemarken. Vanaf volgend jaar geldt dit ook voor Zweden. Vrachtwagens, vanaf twaalf ton, moeten er over een geëigend vignet beschikken voor het berijden van de autosnelwegen en expresswegen. Voor buitenlanders kunnen ze uitgereikt worden zowel op dag- als op jaarbasis. Per dag bedraagt de kostprijs voor buitenlandse truckers (ongeveer) 250 frank. Doorgaans worden ze aangeschaft voor slechts enkele dagen, dermate dat ze dan telkens weer hernieuwd worden. Weinig vrachtwagenchauffeurs durven het aan zich aan dit stelsel van eurovignetten te onttrekken, dit vanuit het gegeven dat de bestraffing een onmiddellijk te betalen boete inhoudt van 10 000 frank. Ook is het zo dat het aanschaffen van zo'n vignetten vooral plaats vindt aan de grensposten zelf. Een typevoorbeeld dienaangaande vormt onder meer de grenspost te Rekkem waar dagelijks, de klok rond, zich drie mensen daarmee inlaten.

Vandaar enkele concrete vragen :

1. Wat is namelijk, voor de voorbije jaren en uitgesplitst per jaar, de gerealiseerde opbrengst van eurovignetten in België ?

2. Wetende dat er meerdere verkooppunten zijn (onder meer in Noord-Frankrijk) waar men zich zo'n eurovignet kan aanschaffen, wat is uiteindelijk het belang van de grensposten zelf ten opzichte van de totaal gerealiseerde opbrengsten ?

3. Kan het belang van de grenspost van Rekkem zelf nader gepreciseerd worden in vergelijking met de totale opbrengst van eurovignetten in België ?

4. Welke bestemming wordt er uiteindelijk in België gegeven aan de opbrengst van eurovignetten ? Is de opbrengst bestemd voor het onderhoud van autosnelwegen en expresswegen of worden deze opbrengsten op een andere manier benut en ingezet ?

Antwoord : Het geachte lid gelieve hierna de antwoorden te vinden op zijn vragen.

1 en 4. Ik heb de eer het geachte lid te verwijzen naar het antwoord dat ik heb verstrekt op de vraag nr. 905 van de heer Van Aperen van 23 mei 1997 (bulletin van Vragen en Antwoorden , nr. 92, Kamer van volksvertegenwoordigers, gewone zitting 1996-1997, blz. 12634 en 12635).

2. Behoudens de inningskantoren die van de Belgische administratie der Directe Belastingen (41 kantoren) en der Douane en Accijnzen (21 kantoren) afhangen, hebben de vijf (vanaf 1998, zes) Eurovignet-landen een netwerk voorzien dat buiten het EUV-grondgebied voor de verkoop van certificaten moet zorgen.

Met inachtneming van de door de Europese richtlijn nr. 93/89/EEG bepaalde regel volgens dewelke het gebruiksrecht op dusdanige wijze moet worden geïnd dat de doorstroming van het verkeer zo min mogelijk wordt gehinderd en iedere verplichte verificatie of controle aan de binnengrenzen van de Unie wordt vermeden, zijn momenteel in Frankrijk 108 verkooppunten operationeel waarvan slechts drie zich in de grenszone bevinden, in casu alle drie bij dezelfde operator in Halluin op Frans grondgebied (aanpalende gemeente van Rekkem).

Het belang van de grensposten is dus op basis van die gegevens opmerkelijk gering.

3. Gelet op het feit dat de drie grensterminals door dezelfde persoon worden beheerd en dat die persoon bovendien een vennootschap naar Frans recht is, kan het omzetcijfer van die vennootschap onmogelijk kenbaar worden gemaakt.

Om volledig te zijn kan ook gemeld worden dat het bureau der douane en accijnzen te Menen-LAR gelegen te Rekkem ­ maar dat stricto sensu geen grenspost is ­ 2 134 certificaten voor het jaar 1996 heeft afgeleverd voor een bedrag van 833 757 frank en 1 764 certificaten voor het jaar 1997 (tot en met 30 november) voor een bedrag van 665 965 frank.