1-86 | 1-86 |
Sénat de Belgique |
Belgische Senaat |
Annales parlementaires |
Parlementaire handelingen |
SÉANCES DU JEUDI 16 JANVIER 1997 |
VERGADERINGEN VAN DONDERDAG 16 JANUARI 1997 |
De voorzitter. Aan de orde is de mondelinge vraag van de heer Goris aan de vice-eerste minister en minister van Binnenlandse Zaken over « het `huren' van rijkswachters door gemeenten ».
Het woord is aan de heer Goris.
De heer Goris (VLD). Mijnheer de voorzitter, enige tijd geleden las ik met verbazing dat de gemeente Lint naar alle waarschijnlijkheid twee rijkswachters zou huren om het eigen politiekorps te versterken. Lint zou hiermee de eerste gemeente zijn die over een met rijkswachters aangevuld politiekorps beschikt.
Graag vernam ik van de vice-eerste minister het volgende.
Is het inderdaad zo dat Lint twee rijkswachters kan huren om het eigen politiekorps te versterken ? Op welke basis kan Lint van deze gunstmaatregel genieten ? Hoeveel zal het de gemeentekas kosten ?
Hoeveel gemeenten hadden voordien reeds een aanvraag tot het huren van rijkswachters ingediend ? Waarom werd hun deze gunst ontzegd ?
Denkt de vice-eerste minister aan een structurele ondersteuning van de gemeenten die kampen met een tekort aan politiemensen, of is het de bedoeling dat politiekorpsen van de gemeenten systematisch met rijkswachters worden aangevuld ?
De voorzitter. Het woord is aan vice-eerste minister Vande Lanotte.
De heer Vande Lanotte, vice-eerste minister en minister van Binnenlandse Zaken. Mijnheer de voorzitter, wij moedigen het aanvullen van politiekorpsen met rijkswachters zeker niet aan. De wet heeft erin voorzien dat dit echter uitzonderlijk en tijdelijk mogelijk moet zijn. Met uitzonderlijk bedoelt men dat het om een situatie moet gaan die zich in andere gemeenten niet of zelden voordoet. Tijdelijk betekent dat het enkel geldt voor de periode die nodig is om te komen tot een volledige opvulling van het kader dat moet overeenstemmen met de veiligheidsnormen.
Enkele jaren geleden was dit het geval in de gemeenten Balen, Martelange en Daverdisse. Een aantal gemeenten hebben vroeger een dergelijke aanvraag gedaan als definitieve oplossing. Ik heb in de Senaat hierover regelmatig gediscussieerd met de heer Van Hooland, die dat inderdaad als een definitieve oplossing zag. Nu zullen wij waarschijnlijk worden geconfronteerd met een vraag uit Lint. Ik heb het dossier nog niet gekregen en ik zal een oordeel vellen wanneer ik het kan inkijken. Volgens de huidige berekeningen bedraagt de kostprijs voor het huren van twee mensen per jaar 3,7 miljoen. Ik herhaal echter nogmaals dat ik geen voorstander ben van een dergelijk systeem.
De voorzitter. Het woord is aan de heer Goris voor een repliek.
De heer Goris (VLD). Mijnheer de voorzitter, ik verwijs naar een verzoek dat ik als burgemeester van Linter in augustus 1995 aan de vice-eerste minister heb gericht. Wij zaten toen onder de veiligheidsnorm en hadden een acuut gebrek aan mensen. De vice-eerste minister heeft ons verzoek toen afgewezen ook al hadden we expliciet vermeld dat het ging om een tijdelijke maatregel voor een periode van zes maanden.
Ik vraag de vice-eerste minister om een duidelijke maatregel uit te werken die voor alle gemeenten op dezelfde wijze wordt toegepast, zodat alle gemeenten die er echt nood aan hebben, tijdelijk rijkswachters kunnen inhuren.
De voorzitter. Het incident is gesloten.
L'incident est clos.