Fedasil-centra - Opvanginfrastructuur en -begeleiding voor kinderen en jongeren - Kwaliteitsnormen - Tekortkomingen - Vlaams Kinderrechtencommissariaat - Jaarverslag - Bezorgdheden, bevindingen en aanbevelingen - Opvolging
rechten van het individu
politiek asiel
Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers
kind
sociaal welzijn
| 25/11/2025 | Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 25/12/2025) |
| 12/1/2026 | Antwoord |
Uit het recentste jaarverslag van het Vlaams Kinderrechtencommissariaat blijkt een structureel en ernstig probleem met de kwaliteit van de asielopvang voor kinderen en jongeren in ons land. De meldingen die het commissariaat ontving, wijzen op schrijnende leefomstandigheden die onder de minimumnormen duiken en een ernstige impact hebben op het welzijn van de betrokkenen.
De tekortkomingen betreffen de meest elementaire basisbehoeften:
– woonkwaliteit en veiligheid: er is sprake van te weinig privacy en veiligheid, gebrek aan hygiëne (met meldingen van uitwerpselen aan muren, camera's in douches, en hygiëneproblemen zoals tuberculose), slechte infrastructuur (waarbij ingrepen twee jaar in beslag nemen), en nachtlawaai en geweld. Er zijn situaties waarbij gezinnen door enkel een gordijn of kasten gescheiden van andere gezinnen in één kamer verblijven;
– zorg en omkadering: er is een tekort aan medische en psychologische zorg, onvoldoende pedagogische omkadering (soms één nachtwaker voor veertig niet-begeleide minderjarigen), en tekorten aan kleren en eten;
– onderzoek en opvolging: de bevindingen van het Kinderrechtencommissariaat worden bevestigd door interne audits van Fedasil zelf, die stellen dat centra op verschillende punten hun eigen minimumnormen niet halen, en door een eigen Fedasil-tevredenheidsmeting bij niet-begeleide minderjarigen die voor «eten, sanitair en veiligheid» de knipperlichten op rood zet.
Het Kinderrechtencommissariaat stelt dat het ontbreekt aan voldoende gevolg; aanbevelingen worden niet systematisch omgezet in structurele verbeteringen. Fedasil heeft het actieplan «Fix the basics» aangekondigd om de basisvoorwaarden te garanderen, maar hoe en wanneer dit tot tastbare verbeteringen zal leiden, is nog onduidelijk.
Bovendien spreekt het Kinderrechtencommissariaat haar bezorgdheid uit over de afbouw van de lokale opvanginitiatieven (LOI's), die net dankzij hun kleinschalige en huiselijke sfeer een veilige en stabiele omgeving bieden, persoonlijke begeleiding en snelle integratie bevorderen voor minderjarigen, wat in schril contrast staat met de huidige tekorten in de collectieve centra.
Graag had ik van u een antwoord gekregen op de volgende vragen:
1) Parlementaire transparantie over normen: bent u bereid om de door Fedasil gehanteerde interne minimumnormen voor de kwaliteit van de opvanginfrastructuur, met name de woonkwaliteit, onmiddellijk integraal openbaar te maken voor het Parlement en het brede publiek? Zo neen, waarom niet?
2) Harmonisatie met Vlaamse normen: zijn de huidige Fedasil-normen voor woonkwaliteit in overeenstemming met de Vlaamse woningkwaliteitsnormen? Zo neen, welke stappen zal u ondernemen om deze harmonisatie te bewerkstelligen en zo te garanderen dat kinderen in een gezonde en veilige leefomgeving worden opgevangen?
3) Opvolging Kinderrechtencommissariaat: wat is uw concrete en tijdgebonden actieplan om de bezorgdheden, bevindingen en aanbevelingen die het Vlaams Kinderrechtencommissariaat in haar laatste jaarverslag heeft gedeeld, structureel op te volgen en op te lossen? Kunt u in detail ingaan op de maatregelen die genomen zullen worden om de tekorten op het gebied van hygiëne, privacy, veiligheid, en psychologische of medische zorg aan te pakken?
4) Heroriëntatie LOI's: bent u, gezien de verontrustende gegevens over de leefomstandigheden in de collectieve centra en de problematiek van het jaarlijkse verdwijnen van alleenstaande minderjarige kinderen in België, bereid om uw beslissing tot afbouw van de LOI's te herzien en deze in plaats daarvan specifiek te heroriënteren en te versterken ten gunste van de meest kwetsbare profielen: alleenstaande minderjarige asielzoekers en gezinnen met kinderen? Zo neen, op welke andere manier zal u garanderen dat de specifieke noden van deze kwetsbare groepen in de opvang onmiddellijk en structureel worden geremedieerd?
1) De minimale normen van opvang zijn een onderdeel van een ruimer kwaliteitssysteem met monitoring, interne audits, aanbevelingen en actieplannen. De normen kunnen niet los gezien worden van de ondersteunende en controlerende processen binnen het globale kwaliteitssysteem.
Gezien deze onlosmakelijkheid met deze andere instrumenten, kan ik de kwaliteitsnormen op zich niet openbaar maken. Het gaat om interne richtlijnen die het voor Fedasil mogelijk moeten maken hun werk in alle sereniteit uit te voeren.
2) De opvang van verzoekers van internationale bescherming is een federale bevoegdheid. De minimale normen zijn bijgevolg van toepassing op alle opvangstructuren in België. De regionale woonwetgeving was een belangrijke basis bij het opstellen van de minimale normen. Echter, de normen wijken soms licht af van de regionale woonwetgeving van één of meerdere Gewesten, gezien ook de onderlinge verschillen tussen de drie wooncodes. Verder zijn sommige normen minder strikt dan de woonwetgeving gezien de relatief korte verblijfsduur in een opvangplaats (bijvoorbeeld een waterpunt op de slaapkamer van een alleenstaande bewoner wordt niet opgenomen als minimale norm), anderzijds oordeelt het Agentschap dat bepaalde veiligheidsrisico’s groter zijn (bijvoorbeeld inzake brandveiligheid) door het samenleven van verschillende alleenstaande bewoners of families en de bij aanvang beperkte kennis van onze taal en gebruiken.
3) Naar aanleiding van het project «Kind in een asielcentrum» dat gefinancierd werd door het Europese AMIF fonds (Asylum, Migration and Integration Fund), wordt momenteel een actieplan gefinaliseerd om de kansen en rechten van de minderjarigen in de opvangstructuren te versterken. Het betreft acties met betrekking tot de infrastructuur van de centra, protocollen ter preventie en opvolging van onveilige situaties in de centra, opleiding voor medewerkers, enz.
Een van de belangrijkste prioriteiten van het Agentschap voor 2026 blijft «fix the basics».
4) De crisismaatregelen die ik deze zomer heb laten goedkeuren, zijn er juist op gericht een betere organisatie en een efficiëntere opvang van de verzoekers om internationale bescherming (VIB) mogelijk te maken. Door de druk op de opvangcentra te verminderen, onder meer via vrijwillige terugkeermaatregelen en een prioritering van de begunstigden van de opvang (gezinnen met kinderen of niet-begeleide minderjarige vreemdelingen – NBMV), ontlasten wij het opvangnetwerk en maken wij het efficiënter en conform aan de vastgestelde normen.
Verder willen we meer inzetten, conform het regeerakkoord, op kleinere collectieve opvangcentra, specifiek voor de opvang van kwetsbare groepen zoals alleenstaande minderjarigen. Dergelijke centra bestaan reeds in onder meer Overijse en Dilbeek. De geplande gefaseerde afbouw van het opvangnetwerk zal, zoals bepaald in het regeerakkoord, worden verdergezet.