Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 8-262

van Liesa Scholzen (MR) d.d. 30 juni 2025

aan de minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met Beliris

Illegale immigratie - Bestrijding - Controles binnen het Belgische grondgebied - Herinvoering - Toepassingsperiode - Rechtvaardiging - Schengengrenscode - Conformiteit - Dagelijkse grenspendelaars - Uitsluiting van controles

grenscontrole
grensarbeider
Dienst Vreemdelingenzaken
illegale migratie
openbare orde
verordening (EU)
transportnetwerk
spoorwegnet
politie

Chronologie

30/6/2025Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 31/7/2025)

Vraag nr. 8-262 d.d. 30 juni 2025 :

Op 19 juni 2025 hebt u, samen met de minister van Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt, aangekondigd dat er deze zomer binnen het Belgische grondgebied controles zullen plaatsvinden om illegale immigratie te bestrijden. Deze controles zullen zich in eerste instantie richten op strategische knooppunten, zoals internationale bus- of treinverbindingen.

In dat verband wil ik u de volgende vragen stellen:

1) Voor welke periode zijn deze controles precies gepland?

2) Wat is de politieke en juridische rechtvaardiging voor deze maatregelen?

3) Op welke domeinen identificeert u een «ernstige bedreiging voor de openbare orde of de binnenlandse veiligheid»(overeenkomstig artikel 23 van de Schengengrenscode - verordening (EU) 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen) die dergelijke grenscontroles zou rechtvaardigen?

4) Kunt u garanderen dat er geen vaste grenscontroles komen aan de buitengrenzen met Luxemburg, Duitsland, Frankrijk en Nederland?

5) Kunt u garanderen dat de geplande maatregelen geen enkele beperking zullen opleveren voor de dagelijkse grenspendelaars?

Deze vraag is transversaal van aard, aangezien ze zowel betrekking heeft op bevoegdheden van het federale niveau als op bevoegdheden van de deelstaten.

De organisatie van grenscontroles en de beoordeling van de dreiging voor de openbare orde behoren tot de federale bevoegdheden, met name van de federale politie, de Dienst Vreemdelingenzaken en het beleid inzake binnenlandse veiligheid.

De rechtstreekse gevolgen van deze controles betreffen echter ook de Gewesten, met name in grensgebieden waar grensoverschrijdende verplaatsingen frequent voorkomen, onder andere om beroeps-, onderwijs- of familiale redenen. Deze maatregelen kunnen dus een concrete impact hebben op de mobiliteit, het werk en het dagelijkse leven van burgers, wat ook de Gewesten en de Gemeenschappen bij de aanpak van deze gevolgen betrekt.

Coördinatie tussen de verschillende beleidsniveaus is dan ook van essentieel belang om de fundamentele rechten te eerbiedigen en tegelijkertijd de openbare veiligheid te waarborgen.