Asielzoekers - Niet-begeleide minderjarige - Opvang - Kwaliteit en toegankelijkheid - Collectieve opvangcentra - Inrichting - Lokale opvanginitiatieven (LOI) - Vervanging
Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers
asielzoeker
minderjarigheid
kind
OCMW
sociale bijstand
| 25/6/2025 | Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 24/7/2025) |
| 29/7/2025 | Antwoord |
De opvang van asielzoekers in België is een federale bevoegdheid, wat betekent dat de federale overheid, via Fedasil, verantwoordelijk is voor de organisatie en financiering van de opvang.
Volgens het Kinderrechtencommissariaat worden de huidige collectieve opvangcentra onder de minimumnormen ingericht, waardoor aan de basisbehoeften van kinderen, jongeren en gezinnen niet steeds voldoende wordt voldaan.
Een kwaliteitsvolle en zeer noodzakelijke aanvulling hierop zijn de lokale opvanginitiatieven (LOI). LOI's bieden materiële hulp aan asielzoekers, maar ze vallen niet onder de bevoegdheid van het Vlaamse gewest. Ze zijn een federale zaak, die door openbare centra voor maatschappelijk welzijn (OCMW) worden beheerd, in samenwerking met Fedasil.
De geplande afbouw van de LOI's met aangepaste begeleiding voor kwetsbare profielen roept daarom vragen op over de kwaliteit en duurzaamheid van de opvang voor deze jonge asielzoekers en de impact hiervan hun toekomstkansen.
Daarom volgende vragen:
1) Welke concrete plannen bestaan er voor de afbouw van LOI's en de overgang naar collectieve opvang, en binnen welke termijn worden deze uitgevoerd?
2) Hoe wordt gegarandeerd dat de afbouw van LOI's niet leidt tot een vermindering van de kwaliteit en toegankelijkheid van de opvang voor niet-begeleide minderjarige asielzoekers, vooral voor diegenen die nog geen erkende status hebben en nog geen woonst hebben gevonden? Deze kunnen namelijk nu nog opgevangen worden in een lokaal opvanginitiatief van dezelfde gemeente of stad maar dan voor volwassenen.
3) Hoe wordt gegarandeerd dat de basisbehoeften en het welzijn van niet-begeleide minderjarige asielzoekers tijdens en na deze overgang worden gewaarborgd, vooral gezien de meldingen over ondermaatse opvangomstandigheden?
4) Welke maatregelen worden genomen om te voorkomen dat jonge mensen die de leeftijd van achttien jaar bereiken zonder erkende status en zonder een stabiel opvangnetwerk, worden teruggestuurd naar minder geschikte collectieve centra, met mogelijk verlies van netwerk en toekomstperspectieven?
5) Hoe wordt de participatie van kinderrechtenorganisaties en andere relevante belanghebbende betrokken bij het vormgeven en evalueren van deze opvangmaatregelen?
Ik zie uw antwoord graag tegemoet, zodat wij samen kunnen zorgen voor een opvangbeleid dat de rechten en het welzijn van onze kwetsbare jongeren maximaal beschermt.
1) Op dit ogenblik zijn er nog geen concrete plannen om bestaande LOI («lokale opvang initiatieven»)-plaatsen te sluiten. De regering neemt eerst een aantal maatregelen om de instroom in het opvangnetwerk te verminderen en het aantal vertrekken te bevorderen.
Pas van zodra deze maatregelen hun effect zullen hebben op de bezettingsgraad van het opvangnetwerk, zal het overleg over de afbouw van LOI-plaatsen gestart worden.
2) De overgang naar een individuele opvangstructuur is gekoppeld aan verblijfsrecht, leeftijd en voldoende zelfredzaamheid. Niet-begeleide minderjarigen (NBMV) stromen niet door naar een specifieke, individuele opvangstructuur voor NBMV vooraleer ze verblijfsrecht hebben verkregen. Ze verblijven momenteel niet in een LOI voor volwassenen. Er is een transitieperiode voorzien voor onder andere het vinden van huisvesting.
In de collectieve centra zijn er ook plaatsen die specifiek bedoeld zijn voor niet begeleide minderjarige vreemdelingen, waar er een aangepast kader en begeleiding aanwezig is voor deze doelgroep. Het regeerakkoord voorziet dat deze kwetsbare profielen in de toekomst nog meer zullen opgevangen worden in kleinschalige collectieve centra met aangepaste begeleiding.
3) Alle minimale normen zijn van toepassing op de opvang van niet-begeleide minderjarigen ; sommige normen zijn specifiek voor deze doelgroep opgesteld.
De normen hebben betrekking op begeleiding, materiële hulp, infrastructuur, inboedel en veiligheid.
Het Agentschap doet er alles aan om de minimale opvangnormen na te leven hetgeen in de huidige opvangcontext geen evidentie is.
4) Gezien de doorstroom van niet-begeleide minderjarigen naar een LOI gekoppeld is aan verblijfsrecht blijven ze in een collectieve opvangstructuur tot het verkrijgen van een beslissing tot toekenning van de vluchtelingenstatus, subsidiaire bescherming, of een negatieve beslissing. Er is dus geen sprake van een terugsturen.
5) Er vinden op regelmatige basis uitwisselingen plaats met kinderrechtenorganisaties (bijvoorbeeld beide kinderrechtencommissariaten) en andere (opvang)partners met het oog op de verbetering van de opvangomstandigheden en een (meer) kindgericht opvangbeleid.