Diabetes bij de moeder - Neurologische ontwikkelingsstoornis - Maatregelen - Preventie - Opsporing - Sensibilisering
diabetes
moederschap
neurologie
gynaecologie
gezondheidsbeleid
voorkoming van ziekten
| 16/5/2025 | Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 19/6/2025) |
| 19/6/2025 | Antwoord |
Diabetes bij de moeder, vooral als de diabetes al aanwezig was voor de zwangerschap, zou het risico op neurologische ontwikkelingsstoornissen bij kinderen verhogen.
Dat verband tussen diabetes bij de moeder en neurologische ontwikkelingsstoornissen – onder andere autisme – werd vastgesteld op basis van een brede analyse van meer dan 56 miljoen moeder-kind-«paren» door Chinese onderzoekers.
Uit die analyse blijkt dat wanneer moeders diabetes hebben tijdens de zwangerschap, kinderen 28% meer kans hebben op de diagnose van een neurologische ontwikkelingsstoornis, waaronder autismespectrumstoornis.
Een diabetesdiagnose vóór de zwangerschap zou het risico op een of meerdere neurologische ontwikkelingsstoornissen bij het kind met 39% verhogen in vergelijking met zwangerschapsdiabetes (die optreedt tijdens de zwangerschap en nadien verdwijnt). Dat melden onderzoekers in «The Lancet Diabetes & Endocrinology».
Recente wetenschappelijke analyses hebben dus gewezen op een mogelijk verband tussen diabetes bij de moeder (namelijk zwangerschapsdiabetes) en een verhoogd risico op neurologische stoornissen en neurologische ontwikkelingsstoornissen.
1) Kunt u me in het licht daarvan meedelen of de federale regering, in overleg met de deelstaten, van plan is om het mogelijke verband tussen diabetes bij de moeder en neurologische (ontwikkelings)stoornissen te laten onderzoeken?
2) Zo ja, worden er in België maatregelen gepland om dat verband op te volgen en beter te begrijpen?
3) Plant de Belgische regering specifieke acties inzake preventie, opsporing of sensibilisering bij artsen en zwangere vrouwen die te maken hebben met diabetes?
Deze schriftelijke vraag behoort tot de bevoegdheid van de Senaat aangezien ze transversaal is. Volksgezondheid is federale materie en het preventiebeleid is een bevoegdheid van de deelstaten.
1) Ja, de federale regering is zich bewust van het mogelijke verband tussen moederlijke diabetes, met name zwangerschapsdiabetes, en een verhoogd risico op neurologische en neuro-ontwikkelingsstoornissen bij kinderen. Deze bezorgdheid sluit aan bij recente wetenschappelijke bevindingen en rapporten, waaronder de analyse van Chinese onderzoekers die een significant verband aantonen. Hoewel er in België momenteel geen specifieke grootschalige studie lopende is om dit verband in detail te onderzoeken, zijn er wel enkele initiatieven en stappen die hieraan raken of die relevant kunnen zijn in dit verband.
2) Er zijn op dit moment geen plannen om maatregelen op te stellen om dit verband beter te monitoren en te begrijpen. Wel neemt de overheid initiatieven naar vroegdetectie van zwangerschapsdiabetes om mogelijke complicaties in verband met deze aandoening op de baby te voorkomen.
3) Ja, de Belgische overheid, met name de federale overheid en de Vlaamse overheid, ondernemen gerichte acties op het vlak van preventie, screening en sensibilisering met betrekking tot zwangerschapsdiabetes en diabetes in het algemeen. Deze acties zijn erop gericht om de gezondheid van moeder en kind tijdens de zwangerschap te beschermen en het risico op latere gezondheidsproblemen te verminderen.
Volgens de richtlijnen van het Federaal Kenniscentrum voor de gezondheidszorg (KCE) en recente Vlaamse consensusadviezen wordt aanbevolen om zwangerschapsdiabetes tijdig op te sporen. Zwangere vrouwen met risicofactoren (zoals obesitas of een voorgeschiedenis van zwangerschapsdiabetes) worden aangeraden om vóór de twintigste week van de zwangerschap een nuchtere glucosebepaling te ondergaan. Bij zwangere vrouwen zonder risicofactoren wordt tussen de vierentwintigste en achtentwintigste week een tweestapsscreening uitgevoerd (50 g glucosetest gevolgd door een 75 g oral glucose tolerance test (OGTT) indien nodig). Dit beleid wordt breed ondersteund door onder meer de Diabetes Liga, vroedvrouwenverenigingen en huisartsen.
De opvolging van zwangerschapsdiabetes wordt geïntegreerd in de bredere opvolging van een normale zwangerschap, zoals beschreven op gezondheid.be. Naast standaardonderzoeken (zoals bloeddruk- en urinecontroles) ligt er nadruk op het vroegtijdig detecteren en opvolgen van risicofactoren, waaronder zwangerschapsdiabetes.
Op federaal niveau bestaan er drie zorgtrajecten voor personen met diabetes, die ook relevant zijn voor vrouwen met zwangerschapsdiabetes of zij met een verhoogd risico:
– voortraject diabetes type 2: voor alle personen met diabetes type 2 die niet in een zorgtraject of diabetesconventie zijn opgenomen. Hierin ligt de nadruk op diagnose, leefstijlbegeleiding en terugbetaling van consulten bij de podoloog en diëtist;
– zorgtraject diabetes type 2: gericht op patiënten die een insulinebehandeling volgen of overwegen. Het zorgplan omvat intensievere opvolging, terugbetaling van educatie, glucometers en consulten;
– diabetesconventie: specifiek voor patiënten (inclusief zwangerschapsdiabetes) die intensieve behandeling nodig hebben in een gespecialiseerd centrum, met terugbetaling van materiaal en consulten bij onder meer een diëtist en podoloog.
Deze zorgtrajecten ondersteunen een gepersonaliseerde aanpak, waarin ook aandacht is voor leefstijladvies en educatie.
Wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat degelijk leefstijladvies en educatie een belangrijke rol spelen bij het voorkomen en beheersen van diabetes, inclusief zwangerschapsdiabetes. Vlaamse partnerorganisaties zoals het Vlaams Instituut voor gezond leven en eetexpert dragen actief bij aan deze sensibilisering en educatie.
Het «Zoet Zwanger»-project, gecoördineerd door de Diabetes Liga en gesubsidieerd door de Vlaamse overheid, richt zich op vrouwen die zwangerschapsdiabetes hebben doorgemaakt. Het biedt opvolging en advies om het risico op het ontwikkelen van type 2 diabetes na de zwangerschap te verkleinen. Dit initiatief toont aan hoe samenwerking tussen overheden en middenveldorganisaties bijdraagt aan preventie en bewustwording.
Tot slot, zetten we in op de preventie van obesitas via wetenschappelijk onderbouwde voedingsrichtlijnen, campagnes rond gezonde leefstijl, en zorgtrajecten.
Hoewel er reeds veel initiatieven bestaan, blijft er binnen het Belgische federale model een uitdaging om preventie en educatie maximaal en efficiënt in te zetten, zodat middelen eerlijk en doelgericht worden besteed. De federale overheid blijft in overleg met de deelstaten zoeken naar manieren om een beleid te voeren dat personen met een verhoogd risico op diabetes – zoals zwangere vrouwen – zo goed mogelijk ondersteunt.