Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-654

van Bert Anciaux (sp.a) d.d. 29 mei 2015

aan de minister van Mobiliteit, belast met Belgocontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische spoorwegen

Luchthaven van Zaventem - Geluidshinder door opstijgende vliegtuigen - Vermindering

luchthaven
lawaai
volksgezondheid
luchtverkeer

Chronologie

29/5/2015 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 2/7/2015 )
2/9/2015 Antwoord

Vraag nr. 6-654 d.d. 29 mei 2015 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het is voor iedereen duidelijk dat het dossier van de in Zaventem opstijgende en landende vliegtuigen een rechtstreekse impact heeft op de bevoegdheden van de federale regering, van de Vlaamse regering en van de Brusselse hoofdstedelijke regering. De luchthaven, de vliegroutes en het baangebruik zijn de bevoegdheid van de federale overheid. Leefmilieu en de geluidsnormen zijn de bevoegdheid van de Gewesten (hier het Vlaamse en het Brusselse Gewest) en de uitstoot en lawaaihinder zijn dan weer een gedeelde bevoegdheid voor Volksgezondheid federaal én binnen de Gemeenschappen.

Geen ander dossier grijpt bovendien zo in op het leven van de honderdduizenden bewoners rond de luchthaven en op het leven in de gemeenten rond de luchthaven.

Het is opvallend dat er grote verschillen bestaan bij de vliegtuigen die opstijgen vanop baan 25R, die zeer vaak gebruikt wordt en waarbij vele duizenden bewoners dag in, dag uit, nacht in, nacht uit, worden geterroriseerd. Sommige vliegtuigen vliegen na enkele minuten op zeer grote hoogte, andere vliegtuigen vliegen rakelings boven de huizen, zelfs boven huizen die vele kilometers verwijderd liggen van de luchthaven.

Bij de bocht naar links wordt er al afgedraaid op een hoogte van nauwelijks 700 voet. Dat is bijzonder laag. Bij de bocht naar rechts wordt er pas afgedraaid op een hoogte van 1700 voet. Dat maakt een wereld van verschil.

Een vliegtuig dat al begint met bochten te maken op een hoogte van 700 voet, zal maar zeer geleidelijk hoogte kunnen winnen. Bovendien is het rechtdoor vliegen veruit de veiligste manier om op te stijgen.

1. Waarom houdt de minister vast aan een verschil in hoogte bij het gebruik van baan 25R, afhankelijk of het om een bocht naar rechts, dan wel naar links gaat?

2. Waarom aanvaardt de minister dat sommige vliegtuigen bewust laag blijven vliegen en daardoor véél meer geluidshinder veroorzaken dan andere?

3. Is het budget van de luchtvaartmaatschappijen voor de minister belangrijker dan het levensgenot en de veiligheid en gezondheid van duizenden bewoners rond de luchthaven?

4. Wil de minister overwegen om de vliegtuigen te verplichten zo snel mogelijk hoogte te maken om zo de hinder voor de omwonenden te verminderen?

5. Zal de minister overwegen om de opstijgende vliegtuigen te verplichten rechtdoor te vliegen totdat ze een hoogte van 1700 voet hebben bereikt alvorens een bocht naar rechts te maken? Op deze wijze wordt het in beide gevallen verplicht om op een gelijke hoogte beginnen te manoeuvreren.

6. Beseft de minister dat opstijgende vliegtuigen, zowel tijdens de dag als tijdens de nacht, bijzonder veel gezondheidsschade veroorzaken door hun uitstoot en door hun lawaai?

7. Zal de minister werk maken van het verminderen van deze uitstoot en dat lawaai aan de bron, dus bij de vliegtuigen zelf?

8. Beseft de minister dat de luchthaven van Zaventem, ten noordoosten van een grootstad en met overwegende zuidwestenwind, zowat de slechts gelegen luchthaven van Europa is?

9. Zal de minister zoeken naar een optimale vermindering van de enorme schade door de luchthaven, onder meer door het verder verminderen van het aantal opstijgende vliegtuigen tijdens de dag en tijdens de nacht?

10. Zal de minister boetes opleggen aan de luchtvaartmaatschappijen die bewust hun vliegtuigen verplichten om maar zeer geleidelijk hoogte te winnen?

11. Beseft de minister dat het sneller hoogte winnen een belangrijke oplossing kan zijn voor het probleem van de geluidshinder rond de luchthaven van Zaventem?

12. Is de minister bereid om hierover overleg te voeren met de omliggende gemeenten en met de bevoegde Gewesten en Gemeenschappen?

Antwoord ontvangen op 2 september 2015 :

1) De hoogte bij het nemen van de bocht is afhankelijk van de risicoanalyse die bij de invoering van de vliegroute werd uitgevoerd.

2) De prestaties van de vliegtuigen die opstijgen vanuit Brussel-Nationaal variëren en hangen niet af van de bevoegde minister.

3) Het aantal en de aard van de exploitatiebeperkingen die op de luchthaven van kracht zijn, zorgen voor een evenwicht tussen de impact van deze vluchten op de gezondheid en de economische verplichtingen die deze beperkingen opleggen. Bovendien worden alle maatregelen inzake veiligheid steeds nageleefd.

4) Door de geluidsbeperkende opstijgprocedures 1, Noise Abatment Departure Procedure (NADP) opnieuw in te voeren, wordt dit idee verdedigd.

5) Bij opstijgingen vanuit de baan 25 R, zou het vliegtuig met een dergelijke later genomen bocht, dichter bevolkte zones overvliegen.

6) De impact van het lawaai en van de uitstoot van de vliegtuigen op de gezondheid is bewezen maar nog tamelijk miskend.

7) Een vermindering bij de bron, zoals u het in uw vraag overweegt, vereist bijkomende exploitatiebeperkingen op de luchthaven van Brussel-Nationaal. Ik werk momenteel aan een wetgeving ter vastlegging van regels om deze beperkingen te kunnen wijzigen.

8) Het is duidelijk dat de ligging van de luchthaven dicht bij de stad en de heersende winden niet in ons voordeel spelen om de hinder van de vliegtuigen boven het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de omliggende gemeenten te verminderen. Andere grote luchthavens uit West-Europa, zoals Paris–Charles de Gaulle en Luxembourg–Findel hebben nochtans dezelfde configuratie.

9) De beperking van het aantal dag- en nachtvluchten moet gebeuren met oog voor een evenwicht tussen de economische ontwikkeling van Brussels Airport Company (BAC) en de impact op de buurtbewoners.

10) De niet-naleving van de aeronautical information publication (AIP)-bepalingen, met inbegrip van de geluidsbeperkende opstijgprocedures, zal door de bevoegde diensten van het directoraat-generaal Luchtvaart (DGLV) worden beboet.

11) De snelheid waarmee een vliegtuig opstijgt, hangt af van de hem opgelegde beperkingen, maar ook van zijn vermogen. Het komt er dus niet zomaar op aan om zo snel mogelijk op te stijgen om alle lawaaiproblemen op te lossen.

12) Ik sta sedert het begin van mijn mandaat in contact met de bevoegde overheden en de verschillende betrokken partijen. Ik zet mijn opzoekings- en analysewerkzaamheden intensief voort om een globaal en duurzaam akkoord te bereiken.

Ook blijf ik sinds ruim één maand op regelmatig tijdstippen bezoek brengen aan de Brusselse gemeenten om de burgemeesters van de overvlogen gemeenten te ontmoeten en maximaal voorrang te geven aan het luisteren naar en het overleggen met de lokale overheden om de noden voor de buurtbewoners te lenigen.