Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-6048

van Piet De Bruyn (N-VA) d.d. 5 april 2012

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken

LibiŽ - Heropbouw - Rol BelgiŽ - Beloftes - Projecten

LibiŽ
hulp aan het buitenland
hulpprogramma

Chronologie

5/4/2012Verzending vraag
10/10/2012Antwoord

Vraag nr. 5-6048 d.d. 5 april 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Ons land heeft in het verleden, onder impuls van de Verenigde Naties, beloofd dat het zijn bijdrage zou leveren aan een vredevolle overgang in LibiŽ. Zo besliste het kernkabinet op 21 maart 2011 om deel te nemen aan de NAVO-operatie Operation Unified Protector tegen het Kadhafi-regime. Gedurende deze interventie heeft ons land een belangrijke rol gespeeld in de strijd tegen de troepen van kolonel Kadhafi.

Het einde van deze militaire interventie betekent echter niet dat er vandaag sprake is van een duurzame vrede en stabiliteit. Zo weigeren de Thuwwar-brigades, de burgermilities die Kadhafi's troepen overwonnen hebben, om de wapens neer te leggen. Dit betekent dat er vandaag nog steeds sprake is van een grote instabiliteit en onzekerheid. Volgens Amnesty International heeft de Nationale Overgangsraad nog niets gedaan om het geweld van de verschillende milities aan banden te leggen. De organisatie vraagt dan ook terecht om de druk op de Nationale Overgangsraad op te voeren.

De overgang naar een stabiel en vredevol LibiŽ is zeker nog niet voltrokken. De omverwerping van het Kadhafi-regime betekent geen voltooiing van de Belgische engagementen. De Belgische regering moet haar gemaakte beloftes waarmaken.

Met dit in het achterhoofd stelde ik de minister graag volgende vragen:

1) Kan hij een duidelijk overzicht geven van de reeds gestarte en nog te starten civiele projecten en initiatieven rond de heropbouw van de Libische staat waarvan de Belgische staat de initiatiefnemer of coŲrdinator is?

2) Kan hij een duidelijk overzicht geven van andere internationale projecten en initiatieven die bijdragen tot de heropbouw van de Libische staat en waarbij er sprake is van een Belgische bijdrage?

3) Kan hij zowel voor de initiatieven die onder vraag 1 als onder vraag 2 vallen, een overzicht geven van de (eventuele) kostprijs en looptijd?

4) Kan hij verduidelijken hoe de samenwerking met de gemeenschappen en gewesten rond dit thema verloopt?

Antwoord ontvangen op 10 oktober 2012 :

1. Zoals u terecht opmerkt is het Libisch democratisch overgangsproces nog niet afgerond. Het stappenplan dat de Nationale Overgangsraad in augustus 2011 goedkeurde, maakt trouwens melding van juni of juli 2013 als einddatum.   

Dit stappenplan wordt, in zijn geheel genomen, goed opgevolgd: in oktober 2011 werd een interimregering aangesteld, de eerste democratische verkiezingen hadden plaats in juli 2012, het verkozen parlement legde in augustus 2012 de eed af en een eerste minister werd aangesteld op 12 september 2012. Het is de technocraat Mustafa Abushagur. De volgende stappen zijn: de vorming van een regering, de opstelling van een grondwet en de goedkeuring ervan bij referendum. Vervolgens zullen nieuwe verkiezingen worden gehouden conform de nieuwe grondwet.   

2. België steunt het Libische overgangsproces via verschillende kanalen en op velerlei gebieden.  

2.1 Op multilateraal niveau nam ons land de volgende initiatieven : 

Sinds het einde van het conflict nam de EU ook een aantal maatregelen ter ondersteuning van het overgangsproces en van de stabilisatie van het land in de volgende sectoren : civiele samenleving en openbaar bestuur, onderwijs, gezondheid, verkiezingsondersteuning, veiligheid, migratie. In juli 2012 werd 38 miljoen euro uitgetrokken voor deze projecten.  

2.2 Op bilateraal niveau begeleidt België het overgangsproces als volgt : 

Onze ambassade in Tripoli verstrekt de nodige ondersteuning voor de verschillende initiatieven en bilaterale projecten.