Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-5074

van Bart Tommelein (Open Vld) d.d. 28 december 2011

aan de staatssecretaris voor Asiel, Immigratie en Maatschappelijke Integratie, toegevoegd aan de minister van Justitie

Transitillegalen in Oostende - Readmissieakkorden met Algerije - Afstemmen terugkeerbeleid met Nederland en Frankrijk

illegale migratie
politiek asiel
controle van de migraties
verwijdering
remigratie
grensoverschrijdende samenwerking
Frankrijk
Nederland
asielzoeker

Chronologie

28/12/2011Verzending vraag
19/3/2012Antwoord

Herindiening van : schriftelijke vraag 5-3097

Vraag nr. 5-5074 d.d. 28 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Oostende vormt steeds meer een transitgebied voor illegalen die naar Groot-BrittanniŽ willen. De toevloed zorgt voor steeds meer problemen. Zowel lokaal als nationaal zullen binnenkort zware inspanningen worden gedaan om dit fenomeen terug te dringen. Zonder uw medewerking is dit echter onvoldoende. Vooral wat betreft illegalen vanuit Algerije stelt zich een probleem gezien men momenteel geen readmissieakkoord heeft met dit land en gezien vele illegalen in Oostende in het bijzonder alsook de andere havens hiermee te maken krijgt. De kwestie is hoogdringend en het is tijd om te handelen. Aan het huidige tempo zullen de scheepvaartpolitie en de lokale politie van Oostende tegen het einde van 2011 ongeveer 2 300 transitillegalen hebben aangetroffen. Dat is een absoluut record. 95,4 % van deze illegalen krijgt van de Dienst Vreemdelingenzaken een bevel om het grondgebied te verlaten. De meeste blijven echter rondhangen in Oostende en trachten alsnog de oversteek naar Groot-BrittanniŽ te maken.

Ik had hieromtrent dan ook graag volgende schriftelijke vragen voorgelegd:

1) Bent u bereid dringend overleg te organiseren tussen uzelf en de Franse instanties om te komen tot gemeenschappelijke acties en akkoord betreffende het terugkeerbeleid naar de landen van oorsprong en dan in bijzonder Algerije gezien het merendeel van de transit-illegalen in Oostende aangeven van Algerije te komen? Kan u dit gedetailleerd toelichten en aangeven wanneer u dit overleg plant?

2) Kan u aangeven met welke landen u heden in contact staat om illegalen daadwerkelijk te kunnen terugwijzen naar hun land van oorsprong? Kan u dit gedetailleerd toelichten en dan in het bijzonder wat betreft Algerije, Marokko, TunesiŽ, Egypte en andere landen van de Maghreb? Welke concrete resultaten hebt u reeds geboekt en kan u uw resultaten concreet toelichten?

3) Kan u gedetailleerd aangeven met welke landen er readmissieakkoorden werden gesloten en vooral met welke landen u readmissieakkoorden aan het onderhandelen bent?

4) Bent u bereid al of niet bij Europa aan te dringen op het dringend afsluiten van readmissieakkoorden met Algerije in het bijzonder gezien de grote toestroom van illegalen die beweren vanuit Algerije te komen? Kan u dit zeer concreet toelichten en aangeven waar u dit reeds hebt aangekaart alsook wat u verder hieromtrent gaat doen?

5) Bent u bereid inzake de coŲrdinatie en het onderling afstemmen van ons uitwijsbeleid en in het kader van de readmissieakkoorden samen te gaan zitten met Nederland en Frankrijk om een tot gezamenlijk aanpak te komen en de desbetreffende landen van oorsprong te wijzen op hun verantwoordelijkheid? Kan u dit zeer concreet toelichten en aangeven wanneer het volgende overleg concreet is voorzien en welke onderwerpen zullen worden besproken?

Antwoord ontvangen op 19 maart 2012 :

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vraag. 

1) Overleg met Frankrijk is essentieel. Het volgend strategisch comité voor de Frans-Belgische Politie- en Douanesamenwerking zal in het voorjaar van 2012 georganiseerd worden. Ook zijn er praktische afspraken gemaakt met de PAF (Police aux Frontières) in verband met de overnames en verwijderingen. Ik zal niet nalaten u op de hoogte te houden van het vervolg van dit overleg. 

2) – 3) Bijgevoegd vindt u een lijst van de landen waarmee België een readmissie-akkoord heeft gesloten.

Ik herinner het geachte lid eraan dat er wat betreft terugname-akkoorden, drie niveaus van onderhandelingen zijn. Ten eerste betreft het een bevoegdheid van de Europese Unie waarvoor de Europese Commissie een mandaat tot het voeren van onderhandelingen met betrekking tot dergelijke akkoorden met derde landen heeft. Indien dit mandaat niet bestaat, dan kan België onderhandelen hetzij in het kader van de Benelux, hetzij in een nationaal kader met derde staten. Deze akkoorden zijn niettemin niet de enige oplossing en afhankelijk van de goede wil van de derde landen. Het is dus fout te beweren dat het onmogelijk is samen te werken zonder terugname-akkoord. Ik denk ik met name aan Nigeria en Turkije. We hebben zo protocolakkoorden (MOU) of andere conventies goed werken, afgesloten, zoals MOU DR Congo en Ecuador. Integendeel, de samenwerking met andere landen waarmee wel een terugname-akkoord werd afgesloten, verloopt moeizamer, bijvoorbeeld met Pakistan. 

Wat betreft de landen die u vermeld:

Algerije : Mijn administratie heeft terug contact opgenomen met de Algerijnse autoriteiten in januari 2012 na een blokkade van meer dan 2 jaar. Op basis van deze recente gesprekken, hebben we enkele vooruitgangen kunnen boeken op het vlak van de samenwerking. De realisatie  in de praktijk blijft te evalueren.

Marokko : De samenwerking met de autoriteiten is bevredigend. Marokko staat zelfs in de top-5 van gedwongen verwijderingen, namelijk 267 (zonder de Dublindossiers). Momenteel staat een administratief akkoord inzake elektronische uitwisseling van vingerafdrukken op stapel. Enkel de technische uitvoering en de veiligheidsvoorwaarden van het doorzenden moeten nog door België verzekerd worden. Na finalisering van het administratief akkoord zullen ter identificatie vingerafdrukken rechtstreeks kunnen gestuurd worden naar de bevoegde Marokkaanse diensten.

Tunesië : Dit punt zal door de minister van Buitenlandse Zaken op de agenda geplaatst worden tijdens een bezoek ter plaatse.

Egypte : Tijdens intercepties worden momenteel zeer weinig Egyptenaren aangetroffen. 

4) De stand van zaken en toekomst van de readmissie-akkoorden werden besproken worden tijdens een volgende vergadering van Europese experten, midden februari. Het belang van het aansnijden van de onderhandelingen voor de lopende mandaten (Marokko, Algerije, China, enz.) werd benadrukt, maar de Commissie wacht de reactie van de derde staten af. 

5) België is actief betrokken in het EURINT-project, onder leiding van Nederland, met Duitsland en Roemenië. Het is de bedoeling te komen tot een structurele samenwerking tussen Europese Unie (EU)-lidstaten en de consulaire autoriteiten van derde landen in het kader van de terugkeer. Dit gebeurt via het verbeteren van de contacten en samenwerking tussen de projectpartners en de autoriteiten van derde landen met het oog op een beter identificatieproces en het vaststellen van de juiste nationaliteit.

Dankzij deze samenwerking worden “best practices” uitgewisseld tussen de betrokken lidstaten en worden ook maatregelen getroffen voor een blijvende terugkeer. België werkt eveneens actief samen in het kader van de Benelux. Wat Frankrijk betreft, verwijs ik naar punt 1.