Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-4758

van Bert Anciaux (sp.a) d.d. 28 december 2011

aan de minister van Overheidsbedrijven, Wetenschapsbeleid en Ontwikkelingssamenwerking, belast met Grote Steden

Zelfmoord - Bpost - Cijfers - Evolutie - Maatregelen

zelfmoord
officiŽle statistiek
postdienst

Chronologie

28/12/2011Verzending vraag
21/2/2012Antwoord

Herindiening van : schriftelijke vraag 5-3813

Vraag nr. 5-4758 d.d. 28 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Zelfmoord (sommigen prefereren zelfdoding) blijkt een dramatisch maatschappelijk fenomeen dat zich in alle geledingen van de samenleving manifesteert. BelgiŽ behoort bij de internationale koplopers inzake het aantal zelfmoorden.

Hierover de volgende vragen:

1) Hoeveel zelfmoorden bij personeelsleden van BPost stelde men jaarlijks vast in de periode 2006-2010?

2) Hoe evolueerde dit aantal en welke conclusies, duidingen of hypotheses kan men bij deze ontwikkelingen plaatsen? Bestaan er opvallende verschillen naargelang het de regio of het geslacht?

3) Wijkt het fenomeen zelfmoord bij BPost af van wat men maatschappelijk gemiddeld vaststelt? Zo ja, welke afwijkingen en met welke oorzaken?

4) Bestaan er bijzondere maatregelen om zelfmoorden bij BPost te voorkomen?

5) Bestaan er bijzondere maatregelen om collegae in deze tragische gevallen bij te staan en te begeleiden?

Antwoord ontvangen op 21 februari 2012 :

1) De cijfers van zelfdodingen bij personeelsleden van bpost , voor zover bij bpost bekend, zijn: zeven in 2006; acht in 2007, zeven in 2008, acht in 2009 en zeven in 2010.

2) Het aantal zelfdodingen per jaar kenden in de periode van 2006 tot en met 2010 ongeveer een status quo. In 2011 daarentegen zijn er slechts drie zelfdodingen.

Er is een opvallend verschil met betrekking tot het geslacht: van de zevenendertig zelfdodingen in de periode 2006 - 2010 zijn er vijf gepleegd door vrouwen tegenover tweeëndertig door mannen.

De regionale verdeling is als volgt: vijftien in Vlaanderen, zeventien in Wallonië en vijf in Brussel.

Het hoogste aantal zelfdodingen in de referteperiode komt voor in de provincie Luik (7), het laagste aantal in Waals-Brabant (0).

3) Neen, er zijn geen opvallende afwijkingen met de maatschappelijke gemiddelden. Ter vergelijking: in België zijn er achttien zelfdodingen per 100 000 inwoners of 5,5 zelfdodingen per dag (volgens de meest recente cijfers die dateren van 2006).

Wat het verschil in geslacht betreft, wijzen de Belgische cijfers uit dat twee op de drie zelfdodingen door mannen gebeuren.

4 en 5) binnen bpost is er een dienst Psychosociale Preventie die is samengesteld uit maatschappelijke assistenten die vanuit hun basisopleiding en ervaring reeds over een ruime kennis en deskundigheid beschikken in deze materie. Bovendien genieten de medewerkers van deze dienst van bijkomende gespecialiseerde opleidingen in samenwerking met onder meer het Centrum van Crisispsychologie van het Belgisch Leger, de Koninklijke Militaire School en het “Centrum ter preventie van zelfdoding”.

In het kader van het Globaal Preventieplan en de concrete uitwerking hiervan in het Jaaractieplan van de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk wordt getracht op een structurele wijze het welzijnsbeleid te promoten. Suïcidepreventie maakt daar deel van uit maar is geen alleenstaande topic. Dit thema wordt geïntegreerd in de initiatieven die in het kader van het welzijnsbeleid worden genomen (zie hieronder).

Volgende acties werden systematisch uitgewerkt en worden tot op heden op periodieke wijze herhaald of bijgesteld :

- Sensibilisatie en responsabilisering van de leidinggevenden door middel van :

Aanbod van consultancy in verband met stressreductie:

Verhoging van de coping van medewerkers door :

- Optimaliseren van steun bij langdurig afwezigen door synergieën uit te bouwen met Human Resources , hiërarchische lijn, Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk, cel absenteïsme.

- Beschikbaarheid van de maatschappelijk werkers verder verhogen door het systeem van ‘lokale antennes’ (regionale contactpunten voor medewerkers) laagdrempelig te houden.