Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-4519

van Bert Anciaux (sp.a) d.d. 23 december 2011

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen

Federale overheidsdiensten (FOD's) - Programmatorische overheidsdiensten (POD's) - Beleidscellen en secretariaten - Participatie van mensen met een beperking

ministerie
werknemer met een beperking
integratie van gehandicapten
gehandicapte

Chronologie

23/12/2011Verzending vraag
30/3/2012Antwoord

Herindiening van : schriftelijke vraag 5-1431

Vraag nr. 5-4519 d.d. 23 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Elk beleid dat op gelijke kansen is gericht, beoogt een optimale participatie van mensen met beperkingen aan het maatschappelijke leven in het algemeen en aan de arbeidsmarkt in het bijzonder. Om die essentiŽle doelstelling te halen mag worden verwacht dat alle overheden een inspirerend voorbeeld geven en een voortrekkersrol spelen. Dat kan onder meer door een proactief en expliciet personeelsbeleid dat prioriteiten vastlegt en concrete instrumenten ontwikkelt.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen.

1) Hoeveel mensen met een beperking, zowel absoluut als relatief, zijn binnen hun competenties tewerkgesteld bij de beleidscellen, het ministeriŽle secretariaat en de administratieve eenheden? Wat is de verdeling op basis van het soort beperking (fysiek, sensorisch, mentaal, Ö)? In welke functies en op welke niveaus zijn die mensen tewerkgesteld? Hoe evolueerde die kwalitatieve en kwantitatieve aanwezigheid in de periode 2006 -2010? Hoe evalueert de eerste minister die ontwikkeling?

2) Heeft de eerste minister specifieke initiatieven genomen om meer mensen met beperkingen aan te werven in de beleidscel, het secretariaat en de administratieve eenheden? Zo ja, welke initiatieven en wat was het effect? Zo niet, waarom heeft hij geen initiatief genomen?

3) Plant hij nog specifieke initiatieven? Zo ja, welke, wanneer en met welke doelstellingen en verhoopte effecten?

Antwoord ontvangen op 30 maart 2012 :

A. Voor de Federale Overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu:

1. Eind 2011 werkten er bij de FOD Volksgezondheid op een totaal van 1 126 medewerkers 24 personen met een handicap. Dat vertegenwoordigt dus een percentage van 2,40 % van onze ambtenaren. Dit percentage baseert zich op de bepalingen van het koninklijk besluit tot organisatie van de werving van personen met een handicap in sommige federale overheidsdiensten (koninklijk besluit (KB) van 5 maart 2007) en dus op het feit dat bepaalde handicaps, met autonomieverlies van minstens 12 punten, dubbel tellen.

De verdeling is als volgt:

Handicap :


Visuele handicap

2

Auditieve handicap

5

Motorische handicap

11

Intellectuele handicap

1

Overige

6


2006

2009

2010

2011

Niveau A

2

3

5

4

Niveau B

1

2

2

2

Niveau C

2

7

8

10

Niveau D

9

7

9

9

Hier volgt de evolutie voor de jaren 2006-2011 van het aantal personen met een handicap dat in dienst werd genomen.

Jaar

Aantal personen met een handicap

%

2006

14 personen/1346

1,04%

2007

14 personen/1320

1,06%

2008

26 personen/1313

1,97%

2009

16 personen/1261

1,26%

2010*

24 personen/1298

2,10%

2011*

25 personen/1126

2,40%

* dossiers die dubbel tellen in VTE: verlies van autonomie van 12 punten

2. Ik ben niet op de hoogte van initiatieven die de eerste minister in 2011 genomen heeft.

3. Om naar de voorgeschreven 3 % te streven werden verschillende acties ondernomen:

a) “diversiteitplan” 2010: De FOD werkte een actieplan “diversiteit” uit waarbij hij een aantal mensen met een handicap wil aanwerven;

b) systematisch raadplegen van de specifieke reserve van SELOR bij het zoeken of aanwerven van nieuwe medewerkers;

c) volgen van het aantal medewerkers met een handicap, dankzij een maandelijkse analyse (KPI) van de evolutie van het aantal medewerkers met een handicap, zodat er nieuwe acties kunnen worden ondernomen indien de norm niet wordt nageleefd.

Het actieplan 2011 gaat nog verder en voorziet in:

a) de inschrijving in de gegevensbank Wheelit;

b) de specifieke begeleiding van nieuwe medewerkers met een handicap en een geïndividualiseerde begeleiding tijdens de volledige tewerkstelling van die medewerker;

c) een mediacampagne om de FOD aantrekkelijk te maken, meer bepaald wat het onthaal van personen met een handicap betreft;

d) het systematisch (en zoals altijd al het geval is geweest) aanpassen van de werkposten voor diegenen die dat wensen. Dit jaar heeft de FOD een werkpost aangepast voor een persoon met visuele problemen, en werd voor een persoon met motorische problemen een post met een apparaat voor spraakherkenning uitgerust;

e) het opstarten van verschillende werkgroepen (chronische ziekten, enz. ).

Ik vestig de aandacht op twee punten:

Met betrekking tot de doelmatigheid van deze genomen maatregelen, die gehandhaafd of gevolgd blijven, kan men het volgende vaststellen:

B. Wat de FOD Sociale Zekerheid betreft:

1. Er werken bij de FOD veertien personen met een handicap, wat overeenstemt met 1,18 % van de medewerkers. Deze personen (zeven mannen en zeven vrouwen) behoren tot het vastbenoemd personeel.

Tewerkstellingsplaats

Plaats

Aantal

Beleidscellen

1

Ministerieel secretariaat

0

Bestuursentiteiten

13

Soort handicap

Soort handicap

Aantal

Mentale/intellectuele handicap

3

Motorische handicap

2

Visuele handicap

3

Auditieve handicap

1

Visuele en auditieve handicap

1

Overige

4

Niveau en functie

Niveau

A

B

C

D

Functie





Juridisch adviseur

2




Maatschappelijk assistent


1



Sociale controleur


1



Administratieve ondersteuning



4

4

Administratieve ondersteuning budgetbeheer




1

Administratieve ondersteuning dossierbeheer



1


In de periode 2006-2010 werden vier personen met een handicap aangeworven:één in niveau A, één in niveau B, één in niveau C en één in niveau D. In dezelfde periode verlieten vier personen met een handicap de FOD wegens pensionering.

Met moet voorgaande wel nuanceren door eraan toe te voegen dat er tot op heden geen enkel wettelijk kader bestaat waarin men de mensen met een handicap buiten hun weten en zonder hun toestemming als zodanig mag registreren. De FOD beschikt alleen over cijfers betreffende personen die krachtens het KB van 11 augustus 1972 ter bevordering van de tewerkstelling van mindervaliden in de rijksbesturen tewerkgesteld zijn, afkomstig van het onderzoek dat de Begeleidingscommissie voor de aanwerving van personen met een handicap in het federaal openbaar ambt (BCAPH) in 2009 uitvoerde - die zo een eerste meting van de tewerkstellingsgraad van de personen met een handicap in het federaal openbaar ambt wilde uitvoeren - en cijfers betreffende medewerkers met een handicap die in de laatste jaren zijn aangeworven. 1,14 % van de medewerkers van de FOD heeft een handicap dat beantwoordt aan de criteria van het KB van 5 maart 2007 tot organisatie van de werving van personen met een handicap in sommige federale overheidsdiensten. Aangezien de registratie facultatief was en sommige arbeidshandicaps niet in het voornoemde koninklijk besluit voorkomen, moet men echter opmerken dat er in de FOD personen met een handicap werken die niet als personen met een handicap geregistreerd werden en/of niet als personen met een handicap wilden geregistreerd worden.

2. en 3. In 2010 werd een project gestart om de bestaande P&O-processen te analyseren, met de bedoeling om mensen met een handicap voor de FOD aan te trekken en hen er een plaats te geven. In dat verband legde men de klemtoon op de aanwerving, selectie, integratie en onthaal van de personen met een handicap en op het creëren van een organisatiecultuur die zich voor mensen met een handicap openstelde.

Door dat onderzoek en het formuleren van concrete actiepunten om de huidige processen te optimaliseren, wil de FOD de tewerkstelling en integratie van personen met een handicap in zijn organisatie bevorderen.

De FOD werkte eveneens een actieplan "Personen met een handicap" uit dat dit en volgend jaar zal worden uitgevoerd. Dit plan spitst zich toe op de aanwerving, de selectie, de integratie, de communicatie en de veiligheid.

Daarnaast is de FOD Sociale Zekerheid van plan om:

1. Zo snel mogelijk in zijn aanwervingsplan 2011 de personeelsbehoeften in kaart te brengen en die met de databanken “kandidaten met een handicap” van Selor te kruisen;

2. In de komende weken het aanwervingsplan 2012, dat momenteel bij Begroting ligt, te onderzoeken, de personeelsbehoeften in kaart te brengen en die met de databanken “kandidaten met een handicap” van Selor te kruisen.

Voor die twee doelstellingen zullen mijn diensten en die van de heer staatssecretaris Ph. Courard, FOD P&O en Selor met elkaar samenwerken.

C. Openbare socialezekerheidsinstellingen onder mijn voogdij.

Mijn collega, staatssecretaris Ph. Courard, oefent de voogdij uit over de RKW en het FBZ.

De hier volgende percentages weerspiegelen niet noodzakelijk de werkelijkheid. Aangezien een persoon met een handicap immers niet verplicht is om dat als dusdanig kenbaar te maken, is het onmogelijk om het echte cijfer van de betrokken personeelsleden te kennen. De cijfers liggen waarschijnlijk lager dan in werkelijkheid.

Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV).

1. Het RIZIV stelt momenteel 28 personen met een handicap tewerk. Het RIZIV registreert enkel de personen die op eigen initiatief een melding van een handicap indienen voor het verkrijgen van een vermindering van de bedrijfsvoorheffing. Men vraagt nooit naar de aard van de handicap (lichamelijk, zintuiglijk, mentaal, …) en die wordt nooit geregistreerd. De 28 personen zijn over de volgende niveaus en functies verdeeld:

Aantal

Niveau

Functie

4

A

Medische en juridische functie.

Vertaling

3

B

Administratief deskundige, technisch deskundige en ICT-deskundige

4

C

Administratief assistent

17

D

Administratief medewerker

In 2010 waren 13 Nederlandstalige en 15 Franstalige personeelsleden als dusdanig geregistreerd. Deze cijfers zijn volledig gelijk aan die voor 2006.

Taalrol

Personen met een handicap in 2010

Totale tewerkstelling

%

N

13

714

1,82

F

15

607

2,47

Totaal

28

1321

2,19

2. Het RIZIV voert geen actief registratiebeleid wat de verschillende personeelscategorieën betreft. Met andere woorden: de betrokkene wordt maar geregistreerd als persoon met een handicap als hij daartoe het initiatief neemt. Dit betekent niet dat het RIZIV niet open staat voor mensen met een handicap; ze krijgen in selectieprocedures evenveel kansen als andere kandidaten, en indien nodig wordt de werkplaats aangepast of in een specifieke begeleiding voorzien. Er worden van deze mensen echter geen aparte lijsten bijgehouden, aangezien de privacywetgeving niet toestaat om zonder redenen persoonlijke gezondheidsgegevens op te slaan.

3. In 2010 voerde het RIZIV een grote diversiteitscampagne. Er werden verschillende acties gestart met het oog op het sensibiliseren van het personeel met betrekking tot de verschillende groepen (personen met een handicap, personen van vreemde afkomst, …) in de maatschappij waarvan we een weerspiegeling zien in de werkomgeving. Bovendien loopt het aspect diversiteit, wanneer relevant, telkens als een rode draad door de HR-processen en -projecten.

Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (HZIV).

1. Op 31 december 2010 werkten bij de HZIV 311 personen. Het aantal personen dat officieel als personen met een handicap (66 % en meer) erkend is, bedraagt in de HZIV twee. Beide personen hebben de graad van administratief medewerker. Zij hebben een lichamelijke handicap. Dat aantal is in de HZIV tussen 2006 en 2010 niet veranderd. Dat is niet zo verwonderlijk, rekening houdend met het geringe aantal aanwervingen en de beperkte wervingsreserves bij SELOR van mensen met een handicap.

2. De HZIV gebruik stelselmatig de wervingsreserves die SELOR ter beschikking stelt, om de 3 %-norm zo snel mogelijk te bereiken. Maar omdat het aanbod klein is, blijft het resultaat minimaal.

3. De HZIV zal, met het oog op het verhogen van de diversiteit in zijn instelling, in de toekomst systematisch alle initiatieven volgen en gebruiken die de FOD Personeel en Organisatie en SELOR opstarten. In artikel 4 van het laatste personeelsplan van 6 januari 2010 worden de verschillende jobs die voor mensen met een handicap worden voorbehouden als volgt verdeeld: één persoon in niveau A, twee personen in niveau B, vier personen in niveau C en één persoon in niveau D.

Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten (RSZPPO).

1. In de RSZPPO werken vier personen met een handicap. Hun aandeel in het totale personeelsbestand bedraagt 1,08 % (4/370).

Personeelsid

Soort handicap

Niveau

Functie

W

Auditieve handicap

A

Diensthoofd

X

Motorische handicap

B

Sociale controleur

Y

Auditieve handicap

C

Administratief assistent

Z

Motorische handicap

C

Teamleider

In 2006 waren er op een totaal van 340 personeelsleden twee personen met een handicap in dienst, goed voor 0,58 %. Tussen 2006 en 2010 is hun aantal in absolute cijfers verdubbeld, of een relatieve stijging van 0,5 %.

Deze stijging is niet te wijten aan een intensief wervingsbeleid van personen met een handicap, maar wel het gevolg van een bewust non-discriminatiebeleid. Indien een persoon met een handicap als de beste kandidaat uit een selectie komt, zal zijn handicap geen belemmering vormen om in dienst te treden.

2. Er bestaan nog geen specifieke initiatieven om de aanwerving van mensen met een handicap te vergroten, en er is ter zake geen gericht beleid. Maar de RSZPPO voert wel een bewust non-discriminatiebeleid. Een handicap zal geen beletsel zijn om in dienst te treden, en de werkpost zal aan de specifieke behoeften van het personeelslid worden aangepast.

De belangrijkste reden waarom er geen specifieke initiatieven worden genomen ligt in het feit dat er voor de werving van personeel systematisch een beroep moet worden gedaan op de wervingsreserve of de gegevensbank van Selor, wat het in de praktijk bijna onmogelijk maakt om zich specifiek op de selectie van mensen met een handicap te richten.

3. De RSZPPO heeft op korte termijn geen specifieke initiatieven gepland om mensen met een handicap aan te werven.

Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden (HVKZ).

1. De HVKZ stelt 21 personen tewerk. Er werkt geen enkele persoon met een handicap. In de periode 2006-2010 heeft de HVKZ geen enkele persoon met een handicap tewerkgesteld.

2. De Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden is een zeer kleine OISZ, met slechts een twintigtal personeelsleden. Ze beschikt intern noch over de competenties noch de middelen om ter zake een aangepast beleid te voeren.

De kantoren van de HVKZ dateren van 1970 en zijn bijgevolg niet aangepast aan personen met een lichamelijke handicap. De kosten voor een volledige renovatie worden momenteel bestudeerd. Men houdt er in dat verband rekening mee dat het gebouw en de werkposten voor de klanten en het personeel toegankelijk zijn.

3. Omdat de Hulp- en Voorzorgskas momenteel geen diensthoofd heeft, kon er ter zake helaas geen beleid ontwikkeld worden.

Dienst voor overzeese sociale zekerheid (DOSZ).

1. De DOSZ stelt momenteel 146 personen tewerk. De DOSZ heeft in de voornoemde periode geen enkele persoon met een handicap aangeworven.

2.) De DOSZ bespreekt de aanwerving van personen met een handicap. Zo vroeg men tijdens de personeelsbehoeftenstudie voor 2011 de verschillende diensten in hoeverre ze klaar waren om personeelsleden met een handicap te onthalen. Op basis daarvan nam men contact op met het team "diversiteit" van SELOR om de precieze aanwervingsmogelijkheden te kennen. De DOSZ zal er voor zorgen dat hij de verschillende mogelijkheden om personen met een handicap aan te werven zal onderzoeken, door de hiervoor eventueel nodige aanpassingen grondig te bekijken.

3. Het is de bedoeling om, onder voorbehoud van de goedkeuring van het personeelsplan 2011, minstens één persoon met een handicap aan te werven, in zoverre de werkpost aan zijn handicap kan worden aangepast.

Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen (CDZ).

1. De CDZ telde op 1 maart 2011 36 personeelsleden. Het personeelsbestand telt momenteel geen enkele persoon met een handicap. In de periode 2006-2010 werd er geen enkele persoon met een handicap aangeworven.

2. en 3. De CDZ, een orgaan met een beperkt personeelsbestand, heeft tot op heden geen enkel specifiek initiatief genomen om personen met een handicap aan te werven en plant voorlopig geen dergelijke initiatieven.

Kruispuntbank voor sociale zekerheid (KSZ) en eHealth-platform.

1. Het personeelsbestand van de Kruispuntbank voor sociale zekerheid en van het eHealth-platform telt momenteel geen enkele persoon met een handicap. In de periode 2006-2010 werd er geen enkele persoon met een handicap aangeworven.

2. Tijdens de organisatie van een overheidsopdracht met betrekking tot de levering van diensten voor het archiveren van papieren documenten heeft de KSZ echter wel bijzondere aandacht geschonken aan de problematiek van de integratie van personen met een handicap en hun deelname aan het sociale leven. Als openbare instelling voor sociale zekerheid wenst zij de tewerkstelling van personen met een handicap te bevorderen. Daarom heeft ze de mate waarin de aannemer voor de uitvoering van de overheidsopdracht een beroep doet op personen met een handicap in de gunningscriteria opgenomen. De overheidsopdracht ging uiteindelijk naar een bedrijf dat zich in het sociaal werk specialiseerde. Twee personen met een lichamelijke handicap zullen de betrokken afdelingen van de KSZ gedurende verschillende jaren bijstaan om hun papieren documenten te archiveren.

3. Wat de toekomstige aanwervingen betreft, zullen, zodra de 3 %-norm van het personeelsbestand minstens één eenheid haalt en voor de functies waar het mogelijk is, de KSZ en het eHealth-platform bij voorrang uit de wervingsreserves van personen met een handicap putten die op dat moment in de gegevensbank van Selor steken.