Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2281

van Yves Buysse (Vlaams Belang) d.d. 6 mei 2011

aan de staatssecretaris voor Mobiliteit, toegevoegd aan de Eerste Minister

Verkeersboetes opgelopen in het buitenland - Communicatie - Taalgebruik

overtreding van het verkeersreglement
taalgebruik
politiŽle samenwerking (EU)
datatransmissie
geldboete

Chronologie

6/5/2011 Verzending vraag
14/6/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2281 d.d. 6 mei 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Een kennis die woonachtig is aan de Vlaamse kust en die een verkeersboete heeft opgelopen in Duitsland, deelde mij mee dat hij door de Duitse administratieve autoriteiten in het Frans werd aangeschreven over deze verkeersinbreuk. Dat wil zeggen: een uittrekstel van de vaststellingen van de verkeersovertreding was in het Duits opgesteld, maar de toelichtende nota in het Frans.

Vanzelfsprekend zijn de Duitse administraties niet onderhevig aan de Belgische taalregeling, maar het roept wel vragen op dat inwoners uit het Nederlandse taalgebied in BelgiŽ door de Duitse autoriteiten in het Frans worden aangeschreven.

Graag had ik antwoord gekregen op de volgende vragen:

1) Hoe geraken buitenlandse autoriteiten in het algemeen, en de Duitse autoriteiten in het bijzonder, die verkeersovertredingen van Belgen in hun land vaststellen, aan de identificatiegegevens van de betrokkenen? Door wie worden die verstrekt? Wordt daarbij melding gemaakt van het taalgebied waarin de betrokkene woont?

2) Acht de geachte staatssecretaris het normaal dat iemand die aan de Vlaamse kust woont door buitenlandse autoriteiten in dergelijke gevallen in het Frans worden aangeschreven? Wordt er ter zake een initiatief genomen om dergelijke toestanden in de toekomst in de mate van het mogelijke te vermijden?

Antwoord ontvangen op 14 juni 2011 :

Ik heb de eer het geachte lid het volgende te antwoorden:

De identificatiegegevens van Belgische onderdanen die verkeersovertredingen in het buitenland begaan, worden binnen Europa door de buitenlandse autoriteiten verkregen via politiesamenwerking of via de Dienst Inschrijvingen (DIV) van de Federale Overheidsdienst (FOD) Mobiliteit en Vervoer. Normaliter wordt bij elke gegevensoverdracht melding gemaakt van de taal waarin de persoon in kwestie staat ingeschreven, maar de aanvragende overheid is niet verplicht hiermee rekening te houden.

Het is gebruikelijk dat de bekeuring geschreven wordt in de taal van de plaats waar de verkeersovertreding plaatsvond. Als men bijvoorbeeld een overtreding in Duitsland begaat, zal men de bekeuring slechts in één officiële taal toegestuurd krijgen, namelijk het Duits. Hetzelfde principe geldt voor een Fransman die in Antwerpen een verkeersovertreding begaat: deze overtreder wordt officieel in het Nederlands aangeschreven. Als de bekeurende overheid daar een samenvatting in een andere taal aan wilt toevoegen, kan ze dat maar is ze daar geenszins toe verplicht.

Het is de bedoeling om dit euvel in de toekomst te verhelpen via de richtlijn van het Europees Parlement en de Raad ter facilitering van de grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen. Voor acht overtredingen (met name te snel rijden, niet stoppen voor een rood licht, geen veiligheidsgordel dragen, rijden onder de invloed van alcohol of drugs, het niet dragen van een helm, gebruikmaken van een verboden rijstrook en niet-handenvrij bellen) stelt Europa voor om in de Europese Unie (EU) een elektronisch netwerk voor de uitwisseling van gegevens op te zetten om de eigenaar van een voertuig te identificeren zodat de autoriteiten van een lidstaat waar een verkeersovertreding is begaan, een bekeuring kunnen sturen aan de houder van het voertuig waarmee de overtreding is begaan. Volgens het voorstel van richtlijn verstuurt de lidstaat van overtreding, met het oog op de eerbiediging van de grondrechten, de kennisgevingsbrief in de taal van het inschrijvingsdocument, voor zover deze beschikbaar is, of in één van de officiële talen van de lidstaat van inschrijving.

Er kan daarbij gebruik gemaakt worden van een Europese standaardbrief, die dan in alle officiële EU-talen voorhandig zou moeten zijn. Over het voorstel van richtlijn werd door alle ministers bevoegd voor Transport een akkoord bereikt op de door mij voorgezeten Transportraad van december 2010. Het Europees Parlement zal in de zomer haar standpunt over de richtlijn meedelen en dan moet de Raad er zich opnieuw over uitspreken. De publicatie zou binnen een jaar een feit moeten zijn, gevolgd door de omzetting in nationale wetgeving.