SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2025-2026 Zitting 2025-2026
________________
21 mai 2026 21 mei 2026
________________
Question écrite n° 8-475 Schriftelijke vraag nr. 8-475

de Thierry Witsel (PS)

van Thierry Witsel (PS)

au ministre de la Mobilité, du Climat et de la Transition environnementale, chargé du Développement durable

aan de minister van Mobiliteit, Klimaat en Ecologische Transitie, belast met Duurzame Ontwikkeling
________________
Pollution de l'eau - Directive européenne - Mise en œuvre - Concertation avec les Régions - Réduction des pollutions à la source - Mesures - Nouvelles substances polluantes - Intégration - Coût de dépollution - Contribution des producteurs Watervervuiling - Europese richtlijn - Inwerkingtreding - Overleg met de Gewesten - Vermindering van vervuiling aan de bron - Maatregelen - Nieuwe vervuilende stoffen - Invoeging - Saneringskost - Bijdrage van de producenten 
________________
________ ________
21/5/2026Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 25/6/2026)
21/5/2026Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 25/6/2026)
________ ________
Question n° 8-475 du 21 mai 2026 : (Question posée en français) Vraag nr. 8-475 d.d. 21 mei 2026 : (Vraag gesteld in het Frans)

Une nouvelle directive européenne sur la pollution de l'eau met à jour les règles existantes pour mieux intégrer les substances émergentes. Elle révise les listes de polluants, les normes de qualité et introduit de nouvelles définitions, notamment celle de la dégradation de l'état des eaux et des seuils fondés sur les effets des polluants.

Ce texte élargit les substances surveillées, incluant notamment les PFAS (substances perfluoroalkylées et polyfluoroalkylées), certains pesticides, le bisphénol A et des produits pharmaceutiques, tout en renforçant les normes associées. Il prévoit aussi une surveillance accrue, des programmes de mesures progressifs et des échéances à long terme (jusqu'en 2039) pour atteindre un bon état chimique des eaux.

La directive instaure des révisions régulières des listes de polluants, une liste de vigilance pour les nouvelles substances (dont microplastiques et résistance aux antimicrobiens), et renforce la transparence des données de surveillance.

Elle privilégie la lutte contre la pollution à la source, tout en introduisant certaines dérogations au principe de non-détérioration. Elle améliore également la coopération entre États membres en cas de crise, prévoit une possible responsabilité des producteurs, et garantit un meilleur accès à la justice pour le public.

Les États membres doivent transposer ces règles d'ici à la fin de 2027.

La directive illustre une approche transversale en combinant enjeux environnementaux, sanitaires et économiques face aux pollutions émergentes (PFAS, pesticides, médicaments). Elle mobilise plusieurs politiques publiques: surveillance scientifique, régulation industrielle et gestion des ressources en eau.

Elle implique aussi différents acteurs (États, industries, agences européennes, collectivités).

Elle articule prévention (lutte à la source) et contrôle (normes, suivi des polluants). Ainsi, elle repose sur une action coordonnée et intersectorielle pour protéger durablement l'eau.

1) Comment la Belgique compte-t-elle assurer une mise en œuvre cohérente et coordonnée de la directive d'ici 2027, malgré la répartition des compétences entre niveaux fédéral et régional?

2) Quelles mesures seront prises pour améliorer la coopération entre Régions, notamment en cas de pollution transfrontalière ou de crise?

3) Quelles politiques concrètes seront mises en œuvre pour réduire les pollutions à la source (industrie, agriculture, médicaments) plutôt que de traiter l'eau en aval?

4) Comment le gouvernement compte-t-il intégrer rapidement les nouvelles substances polluantes (PFAS, résidus pharmaceutiques) dans les dispositifs nationaux de surveillance, alors que certaines ne sont pas encore pleinement suivies?

5) Les échéances fixées (jusqu'en 2039 pour atteindre le bon état des eaux) ne sont-elles pas trop tardives au regard des risques sanitaires actuels liés à la pollution de l'eau?

6) Quelles actions le gouvernement prévoit-il pour garantir que les producteurs de polluants contribuent réellement aux coûts de dépollution, aujourd'hui largement supportés par les autorités publiques?

 

Een nieuwe Europese richtlijn over watervervuiling actualiseert de bestaande regels om nieuwe stoffen er beter in op te nemen. De richtlijn herziet de lijsten van vervuilende stoffen en de kwaliteitsnormen en introduceert nieuwe definities, met name die van de verslechtering van de toestand van het water en de drempels gebaseerd op de effecten van vervuilende stoffen.

Deze tekst breidt de lijst van stoffen waarop toezicht wordt gehouden uit, met name met PFAS (per- en polyfluoralkylstoffen), bepaalde pesticiden, bisfenol A en farmaceutische producten, en verscherpt tegelijkertijd de bijbehorende normen. De tekst voorziet ook in verscherpt toezicht, programma's met stapsgewijze maatregelen en langetermijndoelstellingen (tot 2039) om een goede chemische toestand van het water te bereiken.

De richtlijn voorziet in regelmatige herzieningen van de lijsten met vervuilende stoffen, in een lijst voor nieuwe stoffen (waaronder microplastics en antimicrobiële resistentie) waarvoor waakzaamheid is geboden en zorgt voor meer transparantie van de gegevens waarop toezicht wordt gehouden.

De richtlijn geeft voorrang aan de strijd tegen de vervuiling aan de bron en voert tegelijkertijd enkele afwijkingen in op het principe van niet-afwijking. Ze verbetert ook de samenwerking tussen Lidstaten bij een crisis, voorziet in een mogelijke verantwoordelijkheid van de producenten, en garandeert een betere toegang tot justitie voor de bevolking.

De Lidstaten moeten die regels omzetten tegen eind 2027.

De richtlijn is een voorbeeld van een transversale benadering door uitdagingen op het vlak van milieu, gezondheid en economie te combineren in de aanpak van nieuwe vormen van vervuiling (PFAS, pesticiden, medicijnen). De richtlijn doet een beroep op verschillende beleidsmaatregelen: wetenschappelijk toezicht, industriële regelgeving en beheer van de watervoorraden.

De richtlijn heeft ook betrekking op verschillende actoren (Staten, industrie, Europese agentschappen, gemeenschappen).

Ze combineert preventie (strijd aan de bron) met controle (normen, opvolging van vervuilende stoffen). Zo is ze gebaseerd op een gecoördineerde en intersectoriële actie om het water duurzaam te beschermen.

1) Hoe denkt België te zorgen voor een coherente en gecoördineerde uitvoering van de richtlijn tegen 2027, gelet op de verdeling van de bevoegdheden tussen het federale en het gewestelijke niveau?

2) Welke maatregelen zullen worden genomen om de samenwerking tussen de Gewesten, in het bijzonder bij grensoverschrijdende vervuiling of crisis, te verbeteren?

3) Welk concreet beleid zal er worden gevoerd om de vervuiling aan de bron (industrie, landbouw, medicijnen) te verminderen in plaats van het water achteraf te behandelen?

4) Hoe denkt de regering snel de nieuwe vervuilende stoffen (PFAS, farmaceutisch afval) op te nemen in de nationale richtlijnen voor toezicht, terwijl sommige van die stoffen nog niet volledig worden opgevolgd?

5) Zijn de termijnen (tot 2039 om een goede toestand van het water te bereiken) niet te lang vanuit het oogpunt van de huidige gezondheidsrisico's als gevolg van waterverontreiniging?

6) Welke acties plant de regering om te verzekeren dat de vervuilers echt bijdragen in de saneringskosten, die vandaag in grote mate worden gedragen door de overheid?