| SÉNAT DE BELGIQUE | BELGISCHE SENAAT | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Session 2025-2026 | Zitting 2025-2026 | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| 25 novembre 2025 | 25 november 2025 | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Question écrite n° 8-353 | Schriftelijke vraag nr. 8-353 | ||||||||
de Kelly Van Tendeloo (Vooruit) |
van Kelly Van Tendeloo (Vooruit) |
||||||||
à la ministre de l'Asile et de la Migration, et de l'Intégration sociale, chargée de la Politique des Grandes villes |
aan de minister van Asiel en Migratie, en Maatschappelijke Integratie, belast met Grootstedenbeleid |
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Centres Fedasil - Infrastructure d'accueil et accompagnement de l'accueil pour les enfants et les jeunes - Normes de qualité - Manquements - Vlaams Kinderrechtencommissariaat (Commissariat flamand aux droits de l'enfant) - Rapport annuel - Préoccupations, | Fedasil-centra - Opvanginfrastructuur en -begeleiding voor kinderen en jongeren - Kwaliteitsnormen - Tekortkomingen - Vlaams Kinderrechtencommissariaat - Jaarverslag - Bezorgdheden, bevindingen en aanbevelingen - Opvolging | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| droit de l'individu asile politique Agence fédérale pour l'accueil des demandeurs d'asile enfant bien-être social |
rechten van het individu politiek asiel Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers kind sociaal welzijn |
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
|
|
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Question n° 8-353 du 25 novembre 2025 : (Question posée en néerlandais) | Vraag nr. 8-353 d.d. 25 november 2025 : (Vraag gesteld in het Nederlands) | ||||||||
Le dernier rapport annuel en date du Vlaams Kinderrechtencommissariaat (Commissariat flamand aux droits de l'enfant) révèle un grave problème structurel de qualité de l'accueil des enfants et jeunes demandeurs d'asile dans notre pays. Les signalements reçus par le commissariat font état de mauvaises conditions de vie, lesquelles ne respectent pas les normes minimales en la matière et sont lourdes de conséquences pour le bien-être des personnes concernées. Les manquements concernent les besoins de base les plus élémentaires: – qualité de logement et sécurité: manque d'intimité et de sécurité, manque d'hygiène (signalements d'excréments sur les murs, présence de caméras dans les douches, problèmes d'hygiène, cas de tuberculose), infrastructures défaillantes (avec délai d'intervention de deux ans), tapage nocturne et violence. Dans certains cas, plusieurs familles sont logées dans une même chambre en n'étant séparées que par un rideau ou des armoires; – soins et encadrement: manque de soins médicaux et psychologiques, encadrement pédagogique insuffisant (parfois un seul gardien de nuit pour quarante mineurs non accompagnés) et manque de vêtements et de nourriture; – enquête et suivi: les constats du Commissariat flamand aux droits de l'enfant sont confirmés par des audits internes de Fedasil selon lesquels les centres ne respectent pas leurs propres normes minimales sur plusieurs points, ainsi que par une enquête de satisfaction menée par Fedasil auprès de mineurs non accompagnés, laquelle enquête met en évidence des problèmes de nourriture, d'hygiène et de sécurité. Le Commissariat flamand aux droits de l'enfant déplore une insuffisance de suivi; les recommandations ne donnent pas systématiquement lieu à des améliorations structurelles. Fedasil a annoncé le plan d'action «Fix the basics» afin de garantir les conditions de base, mais on ne sait pas encore comment ni quand cela se traduira par des améliorations tangibles. En outre, le Commissariat flamand aux droits de l'enfant se dit préoccupé par le démantèlement des initiatives locales d'accueil (ILA), qui, grâce à leur petite taille et à leur atmosphère familiale, et contrairement aux centres collectifs dont les manquements sont actuellement soulignés, offrent un environnement sûr et stable, et favorisent un accompagnement personnalisé et une intégration rapide pour les mineurs. Je souhaiterais vous poser les questions suivantes: 1) Transparence parlementaire concernant les normes: êtes-vous disposée à rendre immédiatement et intégralement publiques, pour le Parlement et le grand public, les normes minimales internes appliquées par Fedasil en matière de qualité des infrastructures d'accueil, en particulier la qualité du logement? Si non, pourquoi? 2) Harmonisation avec les normes flamandes: les normes actuelles de Fedasil en matière de qualité de logement sont-elles conformes aux normes flamandes en la matière? Si ce n'est pas le cas, quelles mesures comptez-vous prendre pour harmoniser ces normes et garantir ainsi que les enfants soient accueillis dans un environnement sain et sûr? 3) Suivi du Commissariat flamand aux droits de l'enfant: quels plan d'action et calendrier concrets prévoyez-vous pour donner suite et apporter une solution, de manière structurelle, aux préoccupations, constats et recommandations formulés par le Commissariat flamand aux droits de l'enfant dans son dernier rapport annuel? Pouvez-vous détailler les mesures qui seront prises pour remédier aux lacunes en matière d'hygiène, de respect de l'intimité, de sécurité et de soins psychologiques ou médicaux? 4) Réorientation des ILA: compte tenu, d'une part, des informations préoccupantes quant aux conditions de vie dans les centres collectifs et, d'autre part, du fait que des mineurs non accompagnés disparaissent chaque année en Belgique, êtes-vous disposée à revoir votre décision de démantèlement des ILA et à réorienter et renforcer spécifiquement celles-ci en faveur des profils les plus vulnérables, à savoir les demandeurs d'asile mineurs isolés et les familles avec enfants? Si non, de quelle autre manière comptez-vous garantir que les besoins spécifiques de ces groupes vulnérables dans les centres d'accueil soient immédiatement et structurellement pris en compte? |
Uit het recentste jaarverslag van het Vlaams Kinderrechtencommissariaat blijkt een structureel en ernstig probleem met de kwaliteit van de asielopvang voor kinderen en jongeren in ons land. De meldingen die het commissariaat ontving, wijzen op schrijnende leefomstandigheden die onder de minimumnormen duiken en een ernstige impact hebben op het welzijn van de betrokkenen. De tekortkomingen betreffen de meest elementaire basisbehoeften: – woonkwaliteit en veiligheid: er is sprake van te weinig privacy en veiligheid, gebrek aan hygiëne (met meldingen van uitwerpselen aan muren, camera's in douches, en hygiëneproblemen zoals tuberculose), slechte infrastructuur (waarbij ingrepen twee jaar in beslag nemen), en nachtlawaai en geweld. Er zijn situaties waarbij gezinnen door enkel een gordijn of kasten gescheiden van andere gezinnen in één kamer verblijven; – zorg en omkadering: er is een tekort aan medische en psychologische zorg, onvoldoende pedagogische omkadering (soms één nachtwaker voor veertig niet-begeleide minderjarigen), en tekorten aan kleren en eten; – onderzoek en opvolging: de bevindingen van het Kinderrechtencommissariaat worden bevestigd door interne audits van Fedasil zelf, die stellen dat centra op verschillende punten hun eigen minimumnormen niet halen, en door een eigen Fedasil-tevredenheidsmeting bij niet-begeleide minderjarigen die voor «eten, sanitair en veiligheid» de knipperlichten op rood zet. Het Kinderrechtencommissariaat stelt dat het ontbreekt aan voldoende gevolg; aanbevelingen worden niet systematisch omgezet in structurele verbeteringen. Fedasil heeft het actieplan «Fix the basics» aangekondigd om de basisvoorwaarden te garanderen, maar hoe en wanneer dit tot tastbare verbeteringen zal leiden, is nog onduidelijk. Bovendien spreekt het Kinderrechtencommissariaat haar bezorgdheid uit over de afbouw van de lokale opvanginitiatieven (LOI's), die net dankzij hun kleinschalige en huiselijke sfeer een veilige en stabiele omgeving bieden, persoonlijke begeleiding en snelle integratie bevorderen voor minderjarigen, wat in schril contrast staat met de huidige tekorten in de collectieve centra. Graag had ik van u een antwoord gekregen op de volgende vragen: 1) Parlementaire transparantie over normen: bent u bereid om de door Fedasil gehanteerde interne minimumnormen voor de kwaliteit van de opvanginfrastructuur, met name de woonkwaliteit, onmiddellijk integraal openbaar te maken voor het Parlement en het brede publiek? Zo neen, waarom niet? 2) Harmonisatie met Vlaamse normen: zijn de huidige Fedasil-normen voor woonkwaliteit in overeenstemming met de Vlaamse woningkwaliteitsnormen? Zo neen, welke stappen zal u ondernemen om deze harmonisatie te bewerkstelligen en zo te garanderen dat kinderen in een gezonde en veilige leefomgeving worden opgevangen? 3) Opvolging Kinderrechtencommissariaat: wat is uw concrete en tijdgebonden actieplan om de bezorgdheden, bevindingen en aanbevelingen die het Vlaams Kinderrechtencommissariaat in haar laatste jaarverslag heeft gedeeld, structureel op te volgen en op te lossen? Kunt u in detail ingaan op de maatregelen die genomen zullen worden om de tekorten op het gebied van hygiëne, privacy, veiligheid, en psychologische of medische zorg aan te pakken? 4) Heroriëntatie LOI's: bent u, gezien de verontrustende gegevens over de leefomstandigheden in de collectieve centra en de problematiek van het jaarlijkse verdwijnen van alleenstaande minderjarige kinderen in België, bereid om uw beslissing tot afbouw van de LOI's te herzien en deze in plaats daarvan specifiek te heroriënteren en te versterken ten gunste van de meest kwetsbare profielen: alleenstaande minderjarige asielzoekers en gezinnen met kinderen? Zo neen, op welke andere manier zal u garanderen dat de specifieke noden van deze kwetsbare groepen in de opvang onmiddellijk en structureel worden geremedieerd? |
||||||||
| Réponse reçue le 12 janvier 2026 : | Antwoord ontvangen op 12 januari 2026 : | ||||||||
1) Les normes minimales d’accueil font partie d’un système de qualité plus large comprenant le suivi, les audits internes, les recommandations et les plans d’action. Les normes ne peuvent être dissociées des processus de soutien et de contrôle au sein du système global de qualité. Compte tenu de cette interdépendance avec ces autres instruments, je ne peux pas divulguer les normes de qualité en tant que telles. Il s’agit de directives internes qui doivent permettre à Fedasil d’exercer ses activités en toute sérénité. 2) L’accueil des demandeurs de protection internationale relève de la compétence fédérale. Les normes minimales s’appliquent dès lors à toutes les structures d’accueil en Belgique. La législation régionale en matière de logement a constitué une base importante lors de l’élaboration des normes minimales. Toutefois, celles-ci s’écartent parfois légèrement de la législation régionale sur le logement d’une ou de plusieurs Régions, compte tenu également des différences entre les trois codes du logement. En outre, certaines normes sont moins strictes que la législation sur le logement en raison de la durée relativement courte du séjour dans un place d'accueil (par exemple, un point d’eau dans la chambre d’un résident isolé n’est pas repris comme norme minimale). À l’inverse, l’Agence estime que certains risques de sécurité sont plus importants (par exemple en matière de sécurité incendie) en raison de la cohabitation de plusieurs résidents isolés ou familles et de la connaissance limitée, au départ, de notre langue et de nos usages. 3) À la suite du projet «Enfant dans un centre d’asile», financé par le fonds européen AMIF (Asylum, Migration and Integration Fund, Fonds asile, migration et intégration), un plan d’action est en cours de finalisation afin de renforcer les opportunités et les droits des mineurs dans les structures d’accueil. Il s’agira d’actions concernant l’infrastructure des centres, des protocoles de prévention et de suivi des situations dangereuses dans les centres, la formation des collaborateurs, etc. L’une des principales priorités de l’Agence pour 2026 reste «fix the basics». 4) Les mesures de crise que j’ai fait approuver cet été visent précisément à permettre une meilleure organisation et un accueil plus efficace des demandeurs de protection internationale (DPI). En réduisant la pression sur les centres d’accueil, notamment par des mesures de retour volontaire et une priorisation des bénéficiaires de l’accueil (familles avec enfants ou mineurs étrangers non accompagnés – MENA), nous allégeons le réseau d’accueil et le rendons plus efficace et conforme aux normes établies. En outre, conformément à l’accord de gouvernement, nous souhaitons miser davantage sur des centres d’accueil collectifs plus petits, destinés spécifiquement à l’accueil de groupes vulnérables tels que les mineurs non accompagnés. De tels centres existent déjà, notamment à Overijse et Dilbeek. La réduction progressive prévue du réseau d’accueil sera poursuivie, comme prévu dans l’accord de gouvernement. |
1) De minimale normen van opvang zijn een onderdeel van een ruimer kwaliteitssysteem met monitoring, interne audits, aanbevelingen en actieplannen. De normen kunnen niet los gezien worden van de ondersteunende en controlerende processen binnen het globale kwaliteitssysteem. Gezien deze onlosmakelijkheid met deze andere instrumenten, kan ik de kwaliteitsnormen op zich niet openbaar maken. Het gaat om interne richtlijnen die het voor Fedasil mogelijk moeten maken hun werk in alle sereniteit uit te voeren. 2) De opvang van verzoekers van internationale bescherming is een federale bevoegdheid. De minimale normen zijn bijgevolg van toepassing op alle opvangstructuren in België. De regionale woonwetgeving was een belangrijke basis bij het opstellen van de minimale normen. Echter, de normen wijken soms licht af van de regionale woonwetgeving van één of meerdere Gewesten, gezien ook de onderlinge verschillen tussen de drie wooncodes. Verder zijn sommige normen minder strikt dan de woonwetgeving gezien de relatief korte verblijfsduur in een opvangplaats (bijvoorbeeld een waterpunt op de slaapkamer van een alleenstaande bewoner wordt niet opgenomen als minimale norm), anderzijds oordeelt het Agentschap dat bepaalde veiligheidsrisico’s groter zijn (bijvoorbeeld inzake brandveiligheid) door het samenleven van verschillende alleenstaande bewoners of families en de bij aanvang beperkte kennis van onze taal en gebruiken. 3) Naar aanleiding van het project «Kind in een asielcentrum» dat gefinancierd werd door het Europese AMIF fonds (Asylum, Migration and Integration Fund), wordt momenteel een actieplan gefinaliseerd om de kansen en rechten van de minderjarigen in de opvangstructuren te versterken. Het betreft acties met betrekking tot de infrastructuur van de centra, protocollen ter preventie en opvolging van onveilige situaties in de centra, opleiding voor medewerkers, enz. Een van de belangrijkste prioriteiten van het Agentschap voor 2026 blijft «fix the basics». 4) De crisismaatregelen die ik deze zomer heb laten goedkeuren, zijn er juist op gericht een betere organisatie en een efficiëntere opvang van de verzoekers om internationale bescherming (VIB) mogelijk te maken. Door de druk op de opvangcentra te verminderen, onder meer via vrijwillige terugkeermaatregelen en een prioritering van de begunstigden van de opvang (gezinnen met kinderen of niet-begeleide minderjarige vreemdelingen – NBMV), ontlasten wij het opvangnetwerk en maken wij het efficiënter en conform aan de vastgestelde normen. Verder willen we meer inzetten, conform het regeerakkoord, op kleinere collectieve opvangcentra, specifiek voor de opvang van kwetsbare groepen zoals alleenstaande minderjarigen. Dergelijke centra bestaan reeds in onder meer Overijse en Dilbeek. De geplande gefaseerde afbouw van het opvangnetwerk zal, zoals bepaald in het regeerakkoord, worden verdergezet. |