SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2024-2025 Zitting 2024-2025
________________
18 septembre 2025 18 september 2025
________________
Question écrite n° 8-315 Schriftelijke vraag nr. 8-315

de Peter Van Rompuy (cd&v)

van Peter Van Rompuy (cd&v)

au vice-premier ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, chargé de la Lutte contre la pauvreté

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Armoedebestrijding
________________
Incapacité de travail - Contrôles - Fin d'incapacité - Chiffres - Évolution - Évaluation Arbeidsongeschiktheid - Controles - Intrekking - Cijfers - Evolutie - Evaluatie 
________________
incapacité de travail
sécurité sociale
statistique officielle
arbeidsongeschiktheid
sociale zekerheid
officiële statistiek
________ ________
18/9/2025Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 23/10/2025)
18/9/2025Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 23/10/2025)
________ ________
Question n° 8-315 du 18 septembre 2025 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 8-315 d.d. 18 september 2025 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Justification du caractère transversal de la question écrite: l'activation des personnes en congé de maladie est une responsabilité partagée entre l'autorité fédérale et les entités fédérées.

Lorsqu'un travailleur tombe malade, son médecin traitant lui délivre un certificat médical. Lorsque le congé de maladie d'un ouvrier se prolonge au-delà de deux semaines, celui-ci bénéficie d'une indemnité d'incapacité de travail. Pour les employés, une telle indemnité est versée à partir d'une durée d'un mois de maladie. La décision de mettre fin à l'incapacité de travail relève de la compétence des médecins-conseils des mutualités.

Je souhaiterais dès lors vous poser les questions suivantes :

1) À combien de contrôles d'incapacité de travail les médecins-conseils des mutualités ont-ils procédé en 2025? J'aimerais obtenir les données suivantes:

a) les chiffres ventilés entre ouvriers et employés;

b) les chiffres pour les travailleurs, ventilés en fonction de la durée de leur incapacité pour maladie: jusqu'à six mois de maladie, jusqu'à un an, jusqu'à un an et six mois, jusqu'à deux ans et durant plus de deux ans;

c) les chiffres ventilés par mutualité;

d) les chiffres comparables pour les dix années écoulées, avec une ventilation par année.

2) À combien de reprises a-t-il été mis fin à une incapacité de travail en 2025? J'aimerais obtenir les données suivantes:

a) les chiffres ventilés entre ouvriers et employés;

b) les chiffres pour les travailleurs, ventilés en fonction de la durée de leur incapacité pour maladie: jusqu'à six mois de maladie, jusqu'à un an, jusqu'à un an et six mois, jusqu'à deux ans et durant plus de deux ans;

c) les chiffres ventilés par mutualité;

d) les chiffres comparables pour les dix années écoulées, avec une ventilation par année.

3) Comment évaluez-vous ces chiffres?

 

Motivering van het transversale karakter van de schriftelijke vraag: activeren van mensen vanuit ziekte is een gedeelde verantwoordelijkheid voor de federale overheid en de deelstaten.

Wanneer een werknemer ziek valt, bezorgt de behandelende arts een ziektebriefje voor de werknemer. Wanneer arbeiders uiteindelijk langer dan twee weken ziek blijven, ontvangen deze een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Voor bedienden is dat voorzien vanaf een maand ziekte. Het intrekken van deze arbeidsongeschiktheid is een taak van de adviserende artsen bij de ziekenfondsen.

Daarom volgende vragen:

1) Hoeveel controles op arbeidsongeschiktheid werden door de adviserende artsen bij de ziekenfondsen in 2025 uitgevoerd? Graag kreeg ik:

a) de opdeling tussen arbeider en bediende;

b) de opdeling voor werknemers die tot zes maanden ziek zijn, tot een jaar, tot een jaar en zes maanden, tot twee jaar of langer dan twee jaar;

c) de opdeling per ziekenfonds;

d) de vergelijkbare cijfers voor de afgelopen tien jaar, per jaar.

2) Hoeveel keer werd in 2025 een arbeidsongeschiktheid ingetrokken? Graag kreeg ik:

a) de opdeling tussen arbeider en bediende;

b) de opdeling voor werknemers die tot zes maanden ziek zijn, tot een jaar, tot een jaar en zes maanden, tot twee jaar of langer dan twee jaar;

c) de opdeling per ziekenfonds;

d) de vergelijkbare cijfers voor de afgelopen tien jaar, per jaar.

3) Hoe evalueert de geachte minister deze cijfers?