SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2024-2025 Zitting 2024-2025
________________
8 septembre 2025 8 september 2025
________________
Question écrite n° 8-306 Schriftelijke vraag nr. 8-306

de Özlem Özen (PS)

van Özlem Özen (PS)

au vice-premier ministre et ministre des Affaires sociales et de la Santé publique, chargé de la Lutte contre la pauvreté

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Armoedebestrijding
________________
Établissements pénitentiaires - Détenus - Santé mentale - Amélioration - Mesures entreprises et envisagées - Personnel soignant - Chiffres - Évolution - Présence psychiatrique dans les prisons - Norme européenne - Accès - Suicide - Plan de prévention Penitentiaire inrichtingen - Gedetineerden - Geestelijke gezondheid - Verbetering - Genomen en geplande maatregelen - Zorgpersoneel - Cijfers - Evolutie -Aanwezigheid van psychiaters in gevangenissen - Europese norm - Toegang - Zelfmoord - Preventieplan 
________________
santé publique
psychiatrie
détenu
établissement pénitentiaire
internement psychiatrique
santé mentale
suicide
Organisation mondiale de la santé
volksgezondheid
psychiatrie
gedetineerde
strafgevangenis
opname in psychiatrische kliniek
geestelijke gezondheid
zelfmoord
Wereldgezondheidsorganisatie
________ ________
8/9/2025Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 9/10/2025)
1/12/2025Antwoord
8/9/2025Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 9/10/2025)
1/12/2025Antwoord
________ ________
Question n° 8-306 du 8 septembre 2025 : (Question posée en français) Vraag nr. 8-306 d.d. 8 september 2025 : (Vraag gesteld in het Frans)

Le 30 juillet 2024, le Conseil central de surveillance pénitentiaire (CCSP) et l'Institut fédéral pour la protection et la promotion des droits humains (IFDH) ont conjointement tiré la sonnette d'alarme au sujet du manque structurel de soins psychiatriques pour les personnes détenues en Belgique. Leur constat s'appuie sur des données préoccupantes et souligne une défaillance persistante du système carcéral en matière de santé mentale.

Selon les derniers chiffres du Conseil de l'Europe, la Belgique enregistrait en 2023 un taux de suicide en prison de 11,6 pour 10 000 détenus, soit plus de 25 % supérieur à la médiane européenne, fixée à 7,3. Ce chiffre, préoccupant en soi, s'inscrit dans une tendance inquiétante révélatrice d'un mal-être profond dans les établissements pénitentiaires.

De plus, d'après les chiffres de l'Organisation mondiale de la santé (OMS) (2020), la Belgique ne comptait que 0,2 psychiatre disponible pour 1 000 personnes incarcérées, contre une moyenne européenne de 1,3. Cette pénurie chronique de personnel spécialisé compromet gravement l'accès aux soins psychiatriques et la prévention des crises.

Les deux institutions dénonçaient également le manque de formation pratique du personnel pénitentiaire en matière de prévention du suicide et de respect des droits humains, qui peut entraîner des réactions inadaptées face à des personnes en détresse psychologique.

Face à ce constat, le CCSP et l'IFDH recommandaient notamment:

– de systématiser la présence de psychiatres dans chaque établissement pénitentiaire;

– d'abandonner l'utilisation des cellules dites «nues»;

– et d'organiser des formations spécifiques sur les droits humains et la prévention du suicide pour le personnel.

Ces recommandations ont été transmises au Comité des ministres du Conseil de l'Europe. L'État belge, par la voix de ses représentants, a salué ce travail et s'est engagé à présenter un plan d'action prenant en compte ces remarques et propositions.

Dans ce contexte:

1) Quelles actions concrètes le gouvernement fédéral a-t-il prises depuis le début de la législature pour améliorer la prise en charge de la santé mentale dans les établissements pénitentiaires?

2) Quels sont les effectifs actuels (psychiatres, psychologues, infirmiers spécialisés) affectés à la santé mentale en milieu carcéral, et comment ont-ils évolué ces cinq dernières années? Disposez-vous de chiffres précis ventilés par prison?

3) La Belgique entend-elle se rapprocher de la norme européenne en matière de présence psychiatrique dans les prisons? Si oui, selon quel calendrier?

4) Quelle est l'évaluation du dispositif actuel de collaboration entre les services de santé mentale des prisons et les structures extérieures (centres de santé mentale, hôpitaux psychiatriques, etc.)?

5) Un plan national de prévention du suicide en milieu carcéral est-il envisagé ou déjà en préparation? Le cas échéant, pouvez-vous en détailler les grandes lignes?

6) Envisagez-vous une réforme structurelle de l'accès aux soins psychiatriques pour les personnes détenues, intégrant notamment le renforcement des équipes de santé mentale, un refinancement durable du secteur, et une formation systématique du personnel pénitentiaire à la santé mentale et à la prévention du suicide?

La transversalité de cette thématique est évidente: la question relève de la compétence du Sénat. En effet, les entités fédérées sont responsables en matière de promotion de la santé et de prévention, tandis que la santé publique relève des compétences du niveau fédéral.

 

Op 30 juli 2024 hebben de Centrale Toezichtsraad voor het gevangeniswezen (CTRG) en het Federaal Instituut voor de bescherming en de bevordering van de rechten van de mens (FIRM) gezamenlijk aan de alarmbel getrokken over het structurele tekort aan psychiatrische zorg voor gedetineerden in België. Hun bevinding is gebaseerd op verontrustende gegevens en wijst op een aanhoudend falen van het gevangenissysteem op het gebied van geestelijke gezondheid.

Volgens de recentste cijfers van de Raad van Europa bedroeg het zelfmoordcijfer in de Belgische gevangenissen in 2023 11,6 per 10 000 gedetineerden, ruim 25% boven het Europese gemiddelde van 7,3. Dit cijfer, dat op zich al zorgwekkend is, past in een verontrustende trend die wijst op een diepgeworteld onbehagen in de penitentiaire inrichtingen.

Bovendien telde België volgens cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 2020 slechts 0,2 psychiaters per 1 000 gedetineerden, tegenover een Europees gemiddelde van 1,3. Dit chronische tekort aan gespecialiseerd personeel brengt de toegang tot psychiatrische zorg en de crisispreventie ernstig in gevaar.

Beide instellingen hekelden ook het gebrek aan praktische opleidingen voor het gevangenispersoneel op het gebied van zelfmoordpreventie en eerbiediging van de mensenrechten, wat kan leiden tot inadequate reacties ten aanzien van personen in psychische nood.

Naar aanleiding van die vaststelling, formuleerden de CTRG en het FIRM deze aanbevelingen:

– ervoor zorgen dat in elke penitentiaire inrichting systematisch psychiaters aanwezig zijn ;

– het gebruik van zogenaamde «kale» cellen afschaffen ;

– en specifieke opleidingen organiseren over mensenrechten en zelfmoordpreventie voor het personeel.

Deze aanbevelingen werden overgemaakt aan het Comité van ministers van de Raad van Europa. De Belgische Staat heeft dit werk via zijn vertegenwoordigers positief onthaald en zich ertoe verbonden een actieplan voor te leggen dat met deze opmerkingen en voorstellen rekening houdt.

In deze context stel ik u volgende vragen:

1) Welke concrete acties heeft de federale regering genomen sinds het begin van de zittingsperiode om de geestelijke gezondheidszorg in de penitentiaire inrichtingen te verbeteren?

2) Hoeveel personeelsleden (psychiaters, psychologen en gespecialiseerde verpleegkundigen) staan momenteel in voor de geestelijke gezondheidszorg in het gevangeniswezen, en hoe is dit aantal de laatste vijf jaar geëvolueerd? Zijn er precieze cijfers per gevangenis beschikbaar?

3) Is België van plan dichter bij de Europese norm voor de aanwezigheid van psychiaters in de gevangenissen te komen? Zo ja, volgens welke termijnen?

4) Hoe wordt het huidige samenwerkingskader tussen de geestelijke gezondheidsdiensten in de gevangenissen en de externe structuren (centra voor geestelijke gezondheidszorg, psychiatrische ziekenhuizen, enz.) ingeschat?

5) Wordt er een nationaal plan voor zelfmoordpreventie in het gevangeniswezen gepland, of is er al één in voorbereiding? Zo ja, kunt u de grote lijnen daarvan toelichten?

6) Plant u een structurele hervorming van de toegang tot psychiatrische zorg voor gedetineerden, met name door de versterking van de teams voor geestelijke gezondheidszorg, een duurzame herfinanciering van de sector en een systematische opleiding van het gevangenispersoneel op het gebied van geestelijke gezondheid en zelfmoordpreventie?

Dit is duidelijk een transversaal thema, waardoor deze vraag onder de bevoegdheid van de Senaat valt. De deelstaten zijn immers bevoegd voor gezondheidsbevordering en preventie, terwijl volksgezondheid een federale bevoegdheid is.

 
Réponse reçue le 1 décembre 2025 : Antwoord ontvangen op 1 december 2025 :

Depuis le début de ma législature, nous avons mis en place différents projets pilotes dans dix prisons afin notamment de renforcer le dépistage et la prise en charge de le santé mentale dans les prisons. Veuillez trouver ci-dessous les différentes initiatives en cours:

a) engagement de treize psychologues dans les services médicaux des prisons de Haren, Lantin, Jamioulx, Andenne, Leuze, Dendermonde, Antwerpen, Gent, Leuven-Centraal et Hasselt;

b) extension du projet Drogues et Détention aux dix prisons pilotes;

c) extension de la convention des psychologues de première ligne à toutes les prisons;

d) extension de la médiation interculturelle dans les hôpitaux aux prisons pilotes et depuis 2025, à toutes les prisons;

e) développement d’un screening et d’un instrument BelRAI permettant de mieux orienter le détenu vers les soins adéquats, notamment la santé mentale;

f) développement d’un programme de formations destinées au personnel soignant des prisons et aux accompagnateurs de détention avec comme thématique la prise en charge de la santé mentale des détenus: Compétences en communication et entretien motivationnel, Stigma et vulnérabilités et Usages de substances;

g) soutien et évaluation scientifique des projets pilotes.

Par ailleurs, depuis le 1er janvier 2023, tous les détenus et internés sont repris dans l’assurance maladie obligatoire pour les soins réalisés en-dehors des établissements pénitentiaires. Dans un premier temps, les soins en dehors de l’établissement pénitentiaire seront remboursés comme pour les personnes dans la société libre.

Le service public fédéral (SPF) justice a de son côté également développé des projets afin de renforcer ses cadres avec des psychologues et des assistants sociaux. Je vous renvoie vers ma collègue, la ministre de la Justice pour de plus amples d’informations sur ces engagements.

1) Concernant la situation actuelle, je vous renvoie à la ministre de la Justice.

2) Concernant la situation actuelle, je vous renvoie à la ministre de la Justice.

3) Concernant la situation actuelle, je vous renvoie à la ministre de la Justice.

4) Concernant la situation actuelle, je vous renvoie à la ministre de la Justice.

5) Je vous remercie d’attirer à juste titre l’attention sur les besoins en matière de soins de santé mentale dans nos établissements pénitentiaires, une préoccupation que je partage pleinement. Comme vous pouvez le constater, j’ai déjà pris plusieurs initiatives ces derniers temps afin d’améliorer le soutien psychosocial apporté aux détenus. Je souhaite poursuivre dans cette voie, mais je pense que cela n’est pas encore suffisant.

Étant partisan d’une approche holistique des problèmes de santé et de la collaboration entre les prestataires de soins (internes et externes), j’ai chargé mon administration d’élaborer, en collaboration avec mes collègues du ministère de la Justice, une proposition de projet intégré dans une prison pilote. Cette réflexion se fera dans les prochains mois en étroite collaboration avec la Justice. Mais les entités fédérées seront également associés à cette réflexion, surtout si nous voulons également mettre suffisamment l’accent sur la prévention et la promotion de la santé, soins ambulatoires, etc.

L’approche du suicide en prison et l’élaboration d’une politique de prévention du suicide peuvent certainement en faire partie. La lutte contre le suicide dans les prisons et l’élaboration d’une politique en matière de suicide en feront certainement partie. Nous souhaitons également réfléchir davantage à la composition du personnel afin de pouvoir fournir des soins de qualité, car il reste particulièrement difficile d’attirer du personnel soignant dans les prisons. Un bon soutien aux prestataires de soins est donc pour moi un point important. Je pense notamment à la mise en place d’une formation ou d’un accompagnement supplémentaire pour le personnel soignant, en particulier pour mieux apprendre à gérer les problèmes de santé mentale, y compris les problèmes de dépendance.

La délimitation du champ d’application et l’élaboration plus détaillée du planning de ce projet se feront dans les prochains mois en étroite collaboration avec ma collègue, le ministre de la Justice.

1) Sinds het begin van mijn ambtstermijn hebben we verschillende proefprojecten opgezet in tien gevangenissen, met name om de screening en behandeling van geestelijke gezondheidsproblemen in gevangenissen te verbeteren. Hieronder vindt u de verschillende lopende initiatieven:

a) aanwerving van dertien psychologen in de medische diensten van de gevangenissen van Haren, Lantin, Jamioulx, Andenne, Leuze, Dendermonde, Antwerpen, Gent, Leuven-Centraal en Hasselt;

b) uitbreiding van het project Drugs en Detentie naar de tien proefgevangenissen;

c) uitbreiding van de overeenkomst met eerstelijnspsychologen naar alle gevangenissen;

d) uitbreiding van interculturele bemiddeling in ziekenhuizen naar de proefgevangenissen en vanaf 2025 naar alle gevangenissen;

e) ontwikkeling van een screening en een BelRAI-instrument om gedetineerden beter te kunnen doorverwijzen naar de juiste zorg, met name op het gebied van geestelijke gezondheid;

f) ontwikkeling van een opleidingsprogramma voor het zorgpersoneel van de gevangenissen en de begeleiders van gedetineerden met als thema de geestelijke gezondheidszorg voor gedetineerden: communicatieve vaardigheden en motiverende gespreksvoering, stigma en kwetsbaarheden en middelengebruik;

g) ondersteuning en wetenschappelijke evaluatie van proefprojecten.

Bovendien zijn sinds 1 januari 2023 alle gedetineerden en geïnterneerden opgenomen in de verplichte ziekteverzekering. In een eerste fase wordt de zorg buiten de penitentiaire inrichting terugbetaald zoals voor personen in de vrije samenleving.

Ook de federale overheidsdienst (FOD) Justitie heeft projecten ontwikkeld om haar kaders te versterken met psychologen en maatschappelijk werkers. Ik verwijs naar mijn collega minister van Justitie voor meer informatie over deze initiatieven.

2) Voor wat betreft de huidige stand van zaken dien ik u ter verwijzen naar de minister van Justitie.

3) Voor wat betreft de huidige stand van zaken dien ik u te verwijzen naar de minister van Justitie.

4) Voor wat betreft de huidige stand van zaken dien ik u te verwijzen naar de minister van Justitie.

5) Voor wat betreft de huidige stand van zaken dien ik u te verwijzen naar de minister van Justitie.

6) Ik dank u voor de aandacht die u terecht vestigt op de noden op het vlak van geestelijke gezondheidszorg in onze penitentiaire inrichtingen, een bezorgdheid die ik zeker deel. Zoals u ziet heb ik de voorbije periode al een aantal initiatieven genomen, gericht op meer psychosociale ondersteuning van gedetineerden. Ik wil hierop blijven inzetten, maar ik denk dat dit nog onvoldoende is.

Omdat ik een voorstander ben van een holistische benadering van gezondheidsproblemen en samenwerking tussen (interne en externe) zorgverleners, heb ik mijn administratie de opdracht gegeven om, samen met de collega’s van Justitie, een voorstel van geïntegreerd project uit te werken in een pilootgevangenis. Maar ook de deelstaten zullen hierbij betrokken worden, omdat we ook voldoende willen inzetten op preventie en gezondheidsbevordering, ambulante zorgen, enz.

De aanpak van suïcide in gevangenissen en het uitwerken van een suïcidebeleid kan hier zeker ook deel van uitmaken. Tevens willen we ook verder nadenken over de invulling van het personeelskader om die kwaliteitsvolle zorg te kunnen verlenen, want het blijft bijzonder moeilijk om zorgpersoneel aan te trekken binnen de gevangenissen. Een goede ondersteuning van de zorgverleners is voor mij dan ook een belangrijk aandachtspunt. Ik denk hierbij onder meer aan het voorzien van extra vorming of begeleiding van het zorgpersoneel, in het bijzonder voor het beter leren omgaan met geestelijke gezondheidsproblemen, inclusief verslavingsproblemen.

De afbakening van de scope en de planning van dit project wordt de komende maanden verder uitgewerkt in nauwe samenwerking mijn collega, de minister van Justitie.