SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2019-2020 Zitting 2019-2020
________________
22 septembre 2020 22 september 2020
________________
Question écrite n° 7-666 Schriftelijke vraag nr. 7-666

de Willem-Frederik Schiltz (Open Vld)

van Willem-Frederik Schiltz (Open Vld)

au vice-premier ministre et ministre de la Justice, chargé de la Régie des bâtiments, et ministre des Affaires européennes

aan de vice-eersteminister en minister van Justitie, belast met de Regie der gebouwen, en minister van Europese Zaken
________________
Notaire-liquidateur - Respect des délais - Contrôle par le juge - Chiffres - Contrôle d'office possible - Article 1220 du Code judiciaire - Adaptation Notaris-vereffenaar - Naleving van de termijnen - Controle door de rechter - Cijfers - Mogelijke ambtshalve controle - Artikel 1220 van het Gerechtelijk Wetboek - Aanpassing 
________________
notaire
procédure judiciaire
liquidation de société
faillite
notaris
rechtsvordering
liquidatie van een onderneming
faillissement
________ ________
22/9/2020Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 22/10/2020)
1/10/2020Dossier gesloten
22/9/2020Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 22/10/2020)
1/10/2020Dossier gesloten
________ ________
Réintroduite comme : question écrite 7-783 Réintroduite comme : question écrite 7-783
________ ________
Question n° 7-666 du 22 septembre 2020 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 7-666 d.d. 22 september 2020 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

L'article 1220 du Code judiciaire dispose ce qui suit: «Si le notaire-liquidateur n'agit pas dans les délais convenus en application de l'article 1217 ou fixés par la loi, chacune des parties peut, par simple lettre déposée ou adressée au tribunal ayant désigné le notaire-liquidateur, solliciter la convocation du notaire-liquidateur et des parties.»

En effet, le législateur a omis de prévoir le membre de phrase précisant que le juge contrôle d'office le respect des délais par le notaire (article 1220 du Code judiciaire). À l'heure actuelle, ce sont exclusivement les parties qui contrôlent le respect des délais par le notaire. Or, cela va totalement à l'encontre de la finalité de la loi.

En effet, les parties n'osent pas se montrer insistantes – cela peut se comprendre – de peur que cela ne pèse sur le contenu des décisions du notaire concerné. Elles ne disposent de surcroît d'aucun moyen de pression. En France, en revanche, ce contrôle d'office est une réalité, la législation comme le notariat obéissant au même modèle. Dans le système français, l'efficience du calendrier est importante, ce qui devrait également être le cas en Belgique.

En ce qui concerne le caractère transversal de la question : il s'agit d'une compétence transversale partagée avec les Communautés. Différentes instances sont compétentes pour la politique en matière de justice. Les Communautés sont responsables de la politique de poursuites, du droit sanctionnel de la jeunesse, de l'aide juridique de première ligne et des maisons de justice. C'est en revanche l'autorité fédérale qui est chargée de l'organisation de la Justice belge. Le ministre fédéral de la Justice a ainsi dans ses attributions les établissements pénitentiaires, les juridictions administratives et l'ordre judiciaire.

Je souhaiterais dès lors poser les questions suivantes :

1) Pourquoi le juge ne peut-il pas contrôler d'office le respect des délais par les notaires?

2) Comptez-vous modifier la législation à cette fin? Dans l'affirmative, quand? Dans la négative, pourquoi? Examinerez-vous la manière dont d'autres pays règlent ce problème, comme la France?

3) Combien de fois des parties ont-elles fait convoquer un notaire par le juge au cours de l'année 2019 pour non-respect des délais? Je souhaiterais connaître le nombre par arrondissement judiciaire.

 

Artikel 1220 van het Gerechtelijk Wetboek stelt dat: «Indien de notaris-vereffenaar niet binnen de met toepassing van artikel 1217 overeengekomen of wettelijk bepaalde termijnen handelt, kan elk van de partijen bij gewone brief neergelegd bij of gericht aan de rechtbank die de notaris-vereffenaar heeft aangesteld, om de oproeping van de notaris-vereffenaar en de partijen verzoeken.»

De wetgever heeft immers nagelaten de zinsnede te voorzien dat de rechter ambtshalve de naleving van de termijnen door de notaris controleert (artikel 1220 van het Gerechtelijk Wetboek). Nu gebeurt deze controle op het respecteren van de termijnen door de notaris enkel door partijen. Dit ondergraaft evenwel volledig de bedoeling van de wet. Partijen durven – begrijpelijkerwijze – immers niet aandringen uit schrik dat dit zou doorwerken op de inhoud van de beslissingen van de betrokken notaris. Bovendien beschikken zij niet over enig drukkingsmiddel. Deze ambtshalve controle is er ten andere wel in Frankrijk, waar zowel de wetgeving als het notariaat op dezelfde leest geschoeid zijn. In het Franse model wordt de efficiëntie van de kalender bevorderd, dit zou ook zo in België kunnen zijn.

Wat betreft het transversaal karakter van de vraag: het betreft een transversale aangelegenheid met de Gemeenschappen. Er zijn verschillende instanties bevoegd voor het justitiebeleid. De Gemeenschappen zijn namelijk bevoegd voor het vervolgingsbeleid, jeugdsanctierecht, eerstelijns juridische bijstand en justitiehuizen. Het is echter de federale overheid die bevoegd is voor de organisatie van het Belgische gerecht. Zo is de federale minister van Justitie bevoegd voor het gevangeniswezen, de administratieve rechtscolleges en de rechterlijke orde.

Graag had ik hieromtrent dan ook een antwoord gekregen op volgende vragen:

1) Waarom mag de rechter ambtshalve de naleving van de termijnen door notarissen niet controleren?

2) Gaat u dit in de wetgeving veranderen? Zo ja, wanneer? Zo neen, waarom niet? Zal u kijken naar hoe andere landen dit probleem aanpakken zoals het Franse model?

3) Hoeveel keer hebben partijen in 2019 een notaris door de rechter laten oproepen daar die zijn termijn heeft overtreden? Graag kreeg ik het aantal per gerechtelijk arrondissement.