SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2021-2022 Zitting 2021-2022
________________
2 juin 2022 2 juni 2022
________________
Question écrite n° 7-1660 Schriftelijke vraag nr. 7-1660

de Maud Vanwalleghem (cd&v)

van Maud Vanwalleghem (cd&v)

au vice-premier ministre et ministre de la Justice et de la Mer du Nord

aan de vice-eersteminister en minister van Justitie en Noordzee
________________
Guerre en Ukraine - Crimes de guerre - Collecte de preuves - Dénonciations faites par des réfugiés ukrainiens en Belgique - Mécanismes de signalement Oorlog in Oekraïne - Oorlogsmisdaden - Bewijsvergaring - Aangifte door Oekraïense vluchtelingen in België - Aangiftemechanismes 
________________
guerre
Ukraine
Russie
crime de guerre
victime de guerre
violence sexuelle
collecte de données
oorlog
Oekraïne
Rusland
oorlogsmisdaad
oorlogsslachtoffer
seksueel geweld
verzamelen van gegevens
________ ________
2/6/2022Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 7/7/2022)
8/9/2022Antwoord
2/6/2022Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 7/7/2022)
8/9/2022Antwoord
________ ________
Question n° 7-1660 du 2 juin 2022 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 7-1660 d.d. 2 juni 2022 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Justification du caractère transversal de la question écrite : la présente question porte sur des compétences transversales. La dénonciation de faits répréhensibles concerne le niveau fédéral alors que le système d'asile belge s'inscrit dans un cadre régional et européen.

Depuis le début de l'invasion russe en Ukraine nous parviennent de terribles images et témoignages sur de possibles crimes de guerre commis en Ukraine. Des milliers de réfugiés sont déjà arrivés chez nous et d'autres suivront. Chacun d'entre eux a sa propre histoire et a peut-être été victime ou témoin de crimes de guerre. Les crimes de guerre sont des faits répréhensibles qui violent le droit international. Les belligérants qui ne respectent pas les règles élémentaires de la guerre peuvent être traduits devant la Cour pénale internationale de La Haye. Il est donc capital de collecter des preuves. Il importe, à cette fin, que les réfugiés de guerre aient également la possibilité de déposer plainte contre les auteurs en Belgique.

Mes questions à ce sujet sont les suivantes.

1) Quels mécanismes de signalement existants permettent aux réfugiés ukrainiens qui ont été victimes de crimes de guerre de signaler les faits dans notre pays ?

2) Les mécanismes de signalement existant actuellement dans notre pays sont-ils suffisants pour alimenter l'enquête internationale sur des crimes de guerre commis en Ukraine ?

3) De quelle manière les mécanismes de signalement actuels ou futurs tiennent-ils compte du crime de guerre spécifique que constituent les violences sexuelles ?

 

Motivering van het transversale karakter van de schriftelijke vraag: deze vraag raakt aan transversale bevoegdheden: de aangifte van strafbare feiten situeert zich op federaal niveau, terwijl het Belgische asielsysteem kadert in een gewestelijke en Europese context.

Sinds de start van de Russische invasie in Oekraïne bereiken ons gruwelijke beelden en getuigenissen over mogelijke oorlogsmisdaden die in Oekraïne gepleegd zouden zijn. Duizenden vluchtelingen kwamen al onze richting uit en er zullen er nog volgen. Elk van hen heeft zijn of haar eigen verhaal en werd mogelijks slachtoffer of getuige van oorlogsmisdaden. Oorlogsmisdaden zijn strafbare feiten en gaan in tegen het internationaal recht. Partijen die zich niet aan de basisregels van oorlogsvoering houden, kunnen voor het Internationaal Strafhof in Den Haag gebracht worden. Het belang van bewijsgaring is hierbij essentieel. In dit opzicht is het belangrijk dat oorlogsvluchtelingen ook in België klacht kunnen neerleggen tegen de daders.

Hierover volgende vragen:

1) Welke aangiftemechanismes bestaan er om Oekraïense vluchtelingen die het slachtoffer werden van oorlogsmisdaden de kans te bieden om ook in ons land aangifte te doen?

2) Voldoen de huidige aangiftemechanismes in ons land om te kunnen bijdragen aan het internationaal onderzoek naar oorlogsmisdaden die in Oekraïne worden gepleegd?

3) Op welke manier wordt in de huidige of toekomstige aangiftemechanismes rekening gehouden met de specificiteit van seksueel geweld als oorlogsmisdaad?

 
Réponse reçue le 8 septembre 2022 : Antwoord ontvangen op 8 september 2022 :

Afin de participer à la récolte des preuves que les réfugiés ukrainiens installés en Belgique possèderaient, une réflexion a été menée au plan national, au sein de la Belgian Task Force for International Criminal Justice, quant à l’envoi d’un formulaire au personnes ayant fui le territoire Ukrainien et sollicité la protection temporaire en Belgique. Cette discussion a été menée en parallèle et en tenant compte des discussions sur le même sujet au sein d’Eurojust.

Ainsi, un formulaire en plusieurs langues a été établi par le parquet fédéral, avec l’aide de la police judiciaire fédérale, et adressé aux «réfugiés» ukrainiens via l’administration communale de leur lieu de résidence. Ce formulaire permet à ceux qui le souhaitent de répondre à différentes questions visant à déterminer s’ils ont été témoins ou victimes de crimes de guerre, la nature de ces crimes, la localisation de ceux-ci et s’ils disposent d’éléments matériels liés à ces faits.

À ce stade, il est encore tôt pour tirer des conclusions opérationnelles. Il convient, par ailleurs, de souligner que les éléments récoltés par le parquet fédéral dans le cadre de son enquête sont strictement confidentiels. Il peut néanmoins être précisé qu’il a été tenu compte, dans la formulation des questions, des spécificités des violences sexuelles comme crimes de guerre et des crimes fondés sur le genre, et qu’il en sera de même lors du traitement des réponses obtenue et de l’approche des victimes potentielles de tels crimes.

Om mee te werken aan de verzameling van bewijzen die de in België gevestigde vluchtelingen zouden bezitten, werd op nationaal vlak in de Belgian Task Force for International Criminal Justice nagedacht over het versturen van een formulier aan de personen die het Oekraïense grondgebied ontvlucht zijn en om tijdelijke bescherming in België hebben verzocht. Deze discussie gebeurde tegelijkertijd met de discussies over hetzelfde onderwerp binnen Eurojust en hield daarmee rekening.

Uiteindelijk werd er door het federaal parket, met behulp van de federale gerechtelijke politie, een formulier in verschillende talen opgesteld dat aan de Oekraïense «vluchtelingen» wordt verzonden via de gemeentelijke administratie van hun verblijfplaats. Dit formulier biedt degenen die dat wensen de mogelijkheid om te antwoorden op verschillende vragen die nagaan of zij getuigen of slachtoffers van oorlogsmisdaden zijn geweest, wat de aard en de plaats van die misdaden is, en of zij over materiële elementen in verband met die feiten beschikken.

In dit stadium is het nog te vroeg om operationele conclusies te trekken. Er moet bovendien worden onderstreept dat de elementen die het federaal parket in het kader van zijn onderzoek verzamelt, strikt vertrouwelijk zijn. Er kan niettemin worden verduidelijkt dat er bij de formulering van de vragen rekening is gehouden met de specifieke kenmerken van seksueel geweld als oorlogsmisdaad en van gendergerelateerde misdaden, en dat dit ook het geval is voor de verwerking van de verkregen antwoorden en de benadering van de potentiële slachtoffers van zulke misdaden.