SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2010-2011 Zitting 2010-2011
________________
29 décembre 2010 29 december 2010
________________
Question écrite n° 5-796 Schriftelijke vraag nr. 5-796

de Bart Laeremans (Vlaams Belang)

van Bart Laeremans (Vlaams Belang)

au ministre de la Justice

aan de minister van Justitie
________________
Profession de notaire - Réservée aux candidats de nationalité belge - Contestation Ambt van notaris - Voorbehouden voor kandidaten met de Belgische nationaliteit - Aanvechting 
________________
notaire
nationalité
accès à la profession
droit d'établissement
notaris
nationaliteit
toegang tot het beroepsleven
recht van vestiging
________ ________
29/12/2010 Verzending vraag
21/2/2011 Antwoord
29/12/2010 Verzending vraag
21/2/2011 Antwoord
________ ________
Question n° 5-796 du 29 décembre 2010 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-796 d.d. 29 december 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

L'auditeur de la Cour de Justice conteste le fait que la profession de notaire soit réservée en Belgique aux candidats de nationalité belge. Il s'agit pourtant d'une fonction de Justice.

J'aimerais obtenir une réponse aux questions suivantes.

Dans les autres pays de l'Union européenne, cette profession est-elle ouverte aux ressortissants étrangers?

Quelle est l'attitude de la Belgique dans cette procédure? L'Union ne s'immisce-t-elle pas une fois de plus dans des questions qui ne relèvent pas de ses compétences?

 

Het Auditoraat bij het Hof van Justitie vecht het reserveren van het ambt van notaris in België voor de kandidaten met Belgische nationaliteit aan. Nochtans is dit ambt een functie van Justitie.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

Wordt dit ambt in de andere landen van de Europese Unie (EU) opengesteld voor kandidaten die de eigen nationaliteit niet bezitten?

Wat is de houding van België in dit geding? Mengt de EU zich niet eens te meer in aangelegenheden die niet tot haar bevoegdheid behoren?

 
Réponse reçue le 21 février 2011 : Antwoord ontvangen op 21 februari 2011 :

Selon les dernières informations en ma possession, les États membres suivants prévoient une condition de nationalité pour les notaires : Belgique, France, Grand-Duché de Luxembourg, Allemagne, Autriche, Grèce, Bulgarie, Hongrie, Lettonie, Lituanie, Pays-Bas, Pologne, Portugal, Roumanie, République tchèque, Slovaquie et Slovénie. De tous les États membres qui connaissent un système notarial, seuls l’Espagne, l’Estonie et l’Italie l’ont actuellement aboli.

En février 2008, la Commission européenne (CE) a renvoyé le royaume de Belgique devant la Cour de Justice de l’Union européenne en lui demandant de déclarer que la condition de nationalité pour l’accès à la profession de notaire constitue une atteinte disproportionnée à la liberté d’établissement consacrée par l’article 43 Traité CE. Le pouvoir d’intenter une telle action appartient à la Commission européenne, en vertu du rôle de gardienne des traités que lui confèrent les textes européens.

Selon la Commission encore, l’article 45, paragraphe1er, du Traité CE, en ce qu’il prévoit une exception à la liberté d’établissement pour les activités participant à l’exercice de la puissance publique ne saurait s’appliquer aux notaires.

Le gouvernement belge conteste cette interprétation du Traité CE, qu’il estime excessivement restrictive, et soutient l’existence d’une condition de nationalité relativement à l’accès à la profession de notaire en Belgique.

Volgens de laatste informatie waarover ik beschik, voorzien de volgende lidstaten in een nationaliteitsvoorwaarde voor notarissen: België, Frankrijk, Groothertogdom Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Griekenland, Bulgarije, Hongarije, Letland, Litouwen, Nederland, Polen, Portugal, Roemenië, Tsjechische Republiek, Slovakije en Slovenië. Van alle lidstaten die een notarisssyteem kennen, hebben enkel Spanje, Estland en Italië de voorwaarde thans afgeschaft.

In februari 2008 heeft de Europese Commissie het Koninkrijk België voor het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (EG) gebracht met het verzoek te verklaren dat de nationaliteitsvoorwaarde voor de toegang tot het beroep van notaris bovenmatig afbreuk doet aan de vrijheid van vestiging, zoals bepaald in artikel 43 van het EG-Verdrag. De bevoegdheid een dergelijke rechtsvordering in te stellen ligt bij de Europese Commissie, gelet op haar rol om op grond van de Europese teksten toe te zien op de naleving van de verdragen.

Nog steeds volgens de Commissie zou artikel 45, eerste lid, van het EG-Verdrag, niet van toepassing kunnen zijn op de notarissen aangezien het voorziet in een uitzondering op de vrijheid van vestiging voor de werkzaamheden ter uitoefening van het openbaar gezag.

De Belgische regering betwist deze interpretatie van het EG-Verdrag dat zij bovenmatig beperkend acht, en ondersteunt het bestaan van een nationaliteitsvoorwaarde met betrekking tot de toegang tot het beroep van notaris in België.