SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2011-2012 Zitting 2011-2012
________________
26 juillet 2012 26 juli 2012
________________
Question écrite n° 5-6800 Schriftelijke vraag nr. 5-6800

de Danny Pieters (N-VA)

van Danny Pieters (N-VA)

au secrétaire d'État à l'Environnement, à l'Énergie et à la Mobilité, adjoint à la ministre de l'Intérieur et de l'Égalité des Chances, et secrétaire d'État aux Réformes institutionnelles, adjoint au premier ministre

aan de staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit, toegevoegd aan de minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen, en staatssecretaris voor Staatshervorming, toegevoegd aan de eerste minister
________________
Signalisation routière - Code de la route - Installation de signaux routiers non réglementaires - Légalité - Conséquences Verkeerstekens - Verkeersreglement - Aanbrengen van niet-opgesomde verkeerstekens - Wettigheid - Gevolgen 
________________
signalisation
code de la route
sécurité routière
véhicule à deux roues
bebakening
verkeersregels
verkeersveiligheid
tweewielig voertuig
________ ________
26/7/2012Verzending vraag
28/9/2012Antwoord
26/7/2012Verzending vraag
28/9/2012Antwoord
________ ________
Question n° 5-6800 du 26 juillet 2012 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-6800 d.d. 26 juli 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le secrétaire d'État considère-t-il légal le fait qu'une autorité non fédérale installe des signaux routiers qui ne figurent pas dans le Code de la route, comme le panneau autorisant les cyclistes à tourner à droite à un feu rouge ?

Dans la négative, compte-t-il entreprendre une démarche pour faire enlever ces panneaux ?

 

Beschouwt de geachte staatssecretaris het als wettig dat een niet-federale overheid verkeerstekens aanbrengt die niet opgesomd zijn in het Verkeersreglement, zoals het bord dat fietsers toelaat bij een rood licht rechts af te slaan?

Is hij bij een negatief antwoord van plan iets te ondernemen om de borden te laten verwijderen?

 
Réponse reçue le 28 septembre 2012 : Antwoord ontvangen op 28 september 2012 :

L’honorable membre trouvera ci-après la réponse à sa question :

Les signaux B22 et B23 introduits dans le code de la route par la loi du 28 décembre 2011 peuvent être placés par les différents gestionnaires de la voirie.

Pour ce qui est de la validité de ces signaux combinés avec des feux lumineux opérationnels, je rappelle encore une nouvelle fois que, conformément au principe d’interprétation juridique, les règles d’exception spécifiques priment sur la règle générale. Il est dès lors permis d’affirmer que ces signaux doivent bel et bien être respectés lorsque les feux de signalisation sont opérationnels.

Je rappelle en outre qu'une adaptation de l'article 6.3 du code de la route visant à exclure toute ambigüité, reste néanmoins recommandée. Comme la loi en question est une initiative émanant du parlement, il appartient à celui-ci de procéder aux adaptations. La proposition de loi 2063/001 du 14 février 2012 modifiant l’article 6.3 de l’arrêté royal du 1er décembre 1975 portant règlement général sur la police de la circulation routière et de l’usage de la voie publique afin d’introduire une dérogation au principe général de primauté des signaux lumineux de circulation en ce qui concerne les signaux routiers relatifs à la priorité pour les cyclistes, convient parfaitement pour y remédier.

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vraag:

De verkeersborden B22 en B23 die bij wet van 28 december 2011 in het verkeersreglement werden geïntroduceerd, mogen door de respectievelijke wegbeheerders worden geplaatst.

Met betrekking tot de geldigheid van deze borden in combinatie met verkeerslichten die in gebruik zijn, herhaal ik nogmaals dat overeenkomstig het juridisch interpretatieprincipe de specifieke uitzonderingsregels voorrang hebben op de algemene regel. Bijgevolg kan worden gesteld dat deze verkeersborden wel degelijk gelden op het moment dat de verkeerslichten in gebruik zijn.

Ik herhaal tevens dat een aanpassing van artikel 6.3 van het verkeersreglement, om dubbelzinnigheid uit te sluiten, niettemin aangewezen blijft. Omdat de bewuste wet het gevolg is van een parlementair initiatief is het aan datzelfde parlement om de aanpassingen te doen. Het wetsvoorstel 2063/001 van 14 februari 2012 tot wijziging van artikel 6.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg teneinde te voorzien in een afwijking op het algemene voorrangsbeginsel voor de verkeerslichten, in geval van verkeersborden die voorrang verlenen aan de fietsers, is uitermate geschikt om hieraan te verhelpen.