SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2011-2012 Zitting 2011-2012
________________
5 juin 2012 5 juni 2012
________________
Question écrite n° 5-6413 Schriftelijke vraag nr. 5-6413

de Peter Van Rompuy (CD&V)

van Peter Van Rompuy (CD&V)

à la ministre des Classes moyennes, des PME, des Indépendants et de l'Agriculture

aan de minister van Middenstand, KMO's, Zelfstandigen en Landbouw
________________
Taux d’entrepreneuriat - Esprit d'entreprise - Promotion - Plan « PME et indépendants 2012 » Ondernemerschapsgraad - Ondernemingsgeest - Bevordering - Plan "KMO's en zelfstandigen 2012" 
________________
petites et moyennes entreprises
aide aux entreprises
entrepreneur
esprit d'entreprise
profession indépendante
kleine en middelgrote onderneming
steun aan ondernemingen
ondernemer
ondernemingsgeest
zelfstandig beroep
________ ________
5/6/2012Verzending vraag
12/7/2012Antwoord
5/6/2012Verzending vraag
12/7/2012Antwoord
________ ________
Question n° 5-6413 du 5 juin 2012 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-6413 d.d. 5 juni 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Les chiffres montrent qu'en Belgique, le taux d'entrepreneuriat atteint 7 %. La Belgique se situe ainsi en dessous de la moyenne européenne, qui est de 12 %. Seuls 30 % des Belges se disent prêts à travailler pour leur propre compte, contre 45 % en moyenne dans l'Union européenne. De plus, 13 % des Belges seulement se jugent capables de devenir chef d'entreprise, contre 28 % dans l'Union européenne.

L'esprit d'entreprise est pourtant essentiel. Les PME sont en effet le moteur de l'économie belge. Elle génèrent près de 60 % de la valeur ajoutée de notre économie et plus de 65 % de l'emploi.

Je souhaiterais savoir quelles mesures du plan « PME et indépendants 2012 » visent à développer l'esprit d'entreprise en Belgique.

 

Uit cijfers blijkt dat de ondernemerschapsgraad in België 7 % bedraagt. Hiermee scoort België onder het Europees gemiddelde van 12 %. Slechts 30 % van de Belgen zegt bereid te zijn voor eigen rekening te willen werken, dit tegenover gemiddeld 45 % in de Europese Unie. Bovendien denkt slechts 13 % van de Belgen dat zij bekwaam zijn om bedrijfsleider te zijn, dit tegenover 28 % in de Europese Unie.

Ondernemingsgeest is nochtans belangrijk. KMO's zijn immers de motor van onze Belgische economie. Zij genereren bijna 60 % van de toegevoegde waarde van onze economie en meer dan 65 % van de tewerkstelling.

Graag had ik van de minister geweten welke concrete maatregelen in het plan "KMO's en zelfstandigen 2012" bedoeld zijn om de ondernemingsgeest in België te doen stijgen.

 
Réponse reçue le 12 juillet 2012 : Antwoord ontvangen op 12 juli 2012 :

Je peux confirmer que la Belgique continue à boitiller derrière l' Union européenne (UE) en matière d'esprit d'entreprise.

Depuis 2003, je n’ai de cesse d’encourager la création d'entreprises, en offrant aux plus audacieux une protection sociale digne de ce nom, ou en prenant des mesures visant le cadre dans lequel évoluent les entrepreneurs, tels que l'immunité pour la saisie de la résidence principale de l’indépendant ou la possibilité pour les professions libérales d’exercer leur profession dans le cadre d'une personne juridique.

Toutes ces mesures ont un objectif en commun: rendre le statut de l’entrepreneur plus attractif.

Le plan Petites et moyennes entreprises (PME) 2012 est une poursuite de ma politique et vise à répondre aux préoccupations majeures des entrepreneurs ou des candidats-entrepreneurs. Je pense à l’accès au financement dans des conditions équitables, à la réduction des charges administratives, au renforcement de la protection sociale, à l'esprit d'entreprise, à la deuxième chance. Le plan traite également une série de thèmes importants pour la compétitivité de nos entreprises qui, sans avoir un impact direct sur le désir d'entreprendre, aura un effet sur l’entreprise dans son ensemble, tels que permettre à des PME de recruter plus facilement et de leur donner les outils pour conquérir de nouveaux marchés.

Cependant, je dois évoquer l'éducation et la formation, qui mettent encore trop peu l'accent sur l'entrepreneuriat dans notre pays. Cela a sans aucun doute un effet négatif sur la création des vocations. Enfin, il me semble généralement nécessaire d’obtenir un changement dans les mentalités : les entrepreneurs qui réussissent sont encore trop souvent regardés de travers, tandis que, comme les PME, ils sont le moteur de notre économie.

Grâce à toutes ces mesures que je mets en œuvre, j’espère attirer autant de gens que possible vers l’entreprenariat. Ma politique en soi ne suffira cependant pas sans une mutation des perceptions culturelles à cet égard.

In antwoord op de vraag van het geachte lid, kan ik bevestigen dat België achterop blijft hinken in de Europese unie (EU) wat betreft ondernemingsgeest

Sinds 2003 zet ik me in voor de aanmoediging van de oprichting van ondernemingen, door de durvers een sociale bescherming te bieden die die naam waardig is, of door het nemen van maatregelen gericht op het kader waarbinnen de ondernemers ontwikkelen, zoals de onvatbaarheid voor beslag van de hoofdverblijfplaats van de zelfstandige of de mogelijkheid voor de vrije beroepen om hun beroep te beoefenen in het kader van een rechtspersoon.

Al deze maatregelen hebben een ding gemeen: het statuut van ondernemer aantrekkelijker maken.

Het Kleine en Middelgrote Ondernemingen (KMO)-plan 2012 ligt in het verlengde van mijn beleid en beoogt een antwoord te bieden op de belangrijkste zorgen van de ondernemers of de kandidaat-ondernemers. Ik denk daarbij aan de toegang tot financiering onder billijke voorwaarden, de vermindering van de administratieve lasten, de versterking van de sociale bescherming, het tweedekansondernemerschap. Het plan behandelt ook een reeks belangrijke thema’s voor de competitiviteit van onze ondernemingen die, zonder een directe impact op de zin om te ondernemen, een effect zullen hebben op de onderneming in haar geheel, zoals het mogelijk maken voor de KMO’s om gemakkelijker aan te werven en hen de tools te geven om nieuwe markten te veroveren.

Toch moet ik verwijzen naar het onderwijs en de opleiding, die nog te weinig de nadruk leggen op het ondernemerschap in ons land. Dit heeft ongetwijfeld een negatief effect op de creatie van roepingen. Tot slot lijkt het me globaal noodzakelijk om te komen tot een mentaliteitswijziging: ondernemers die succesvol zijn, worden nog al te vaak scheef aangekeken, terwijl zij net als de KMO’s de motor zijn van onze economie.

Via al deze maatregelen die ik invoer, hoop ik zoveel mogelijk mensen te lokken naar het ondernemerschap. Mijn beleid op zich zal echter niet volstaan om de culture lacunes in dit opzicht te vullen.