SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2011-2012 Zitting 2011-2012
________________
19 octobre 2011 19 oktober 2011
________________
Question écrite n° 5-3524 Schriftelijke vraag nr. 5-3524

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles

aan de vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen
________________
Successions en déshérence - Recherche des héritiers légitimes - Notaire - Avocat - Généalogiste - Statut - Fédération royale du notariat belge Niet toegewezen erfenis - Opsporing gerechtigde erfgenamen - Notaris - Advocaat - Genealoog - Statuut - Koninklijke Federatie van het Belgische Notariaat 
________________
héritage
droit successoral
administration fiscale
notaire
avocat
erfenis
erfrecht
belastingadministratie
notaris
advocaat
________ ________
19/10/2011Verzending vraag
1/12/2011Antwoord
19/10/2011Verzending vraag
1/12/2011Antwoord
________ ________
Question n° 5-3524 du 19 octobre 2011 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-3524 d.d. 19 oktober 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le Service public fédéral (SPF) Finances a révélé qu'un montant de plus de dix millions d'euros, provenant de successions en déshérence, a été versé dans les caisses de l'État en 2010. Cela confirme une tendance à la hausse observée au cours des dernières années. La réaction des généalogistes est critique. On consacre manifestement trop peu d'énergie à la recherche d'éventuels héritiers légitimes. Tout d'abord, les notaires et les avocats auraient trop peu d'expérience en la matière et se consacreraient rarement sérieusement à ces recherches. Les généalogistes seraient bien mieux à même d'effectuer de telles recherches mais ils ne disposent d'aucun statut et ne peuvent dès lors pas consulter les archives publiques, en particulier celles des communes. La Fédération royale du notariat belge rejette cette analyse et affirme au contraire qu'aujourd'hui les recherches sont beaucoup plus efficaces et que le rôle des généalogistes perd de son importance.

Voici mes questions à ce sujet.

1) Dans quelle mesure le ministre partage-t-il l'analyse des généalogistes, selon laquelle la recherche des héritiers n'est pas réalisée de manière compétente et avec suffisamment d'enthousiasme par les notaires et les avocats ? Ou bien défend-il plutôt la position de la Fédération royale du notariat belge qui prétend au contraire que la recherche des héritiers se fait avec une efficacité de plus en plus grande et que le rôle des généalogistes perd de son importance ?

2) En fonction du point de vue qu'il adopte, le ministre est-il disposé à reconnaître aux généalogistes un profil professionnel et à réglementer celui-ci ?

 

De Federale Overheidsdienst (FOD) Financiën meldde dat in 2010 een bedrag van ruim tien miljoen euro aan de staatskas toekwam vanuit niet toegewezen erfenissen. Dit blijkt de bevestiging van een stijgende trend in de voorbije jaren. Genealogen reageerden kritisch. Blijkbaar wordt er te weinig energie besteed aan het opspeuren van eventuele gerechtigde erfgenamen. Notarissen en advocaten zouden vooreerst over weinig ervaring ter zake beschikken, maar eveneens van zo'n speurtocht zelden ernstig werk maken. Genealogen zouden dit veel beter kunnen, maar ze beschikken niet over een statuut en kunnen daardoor onder andere niet zomaar in de overheidsarchieven, vooral van gemeenten, terecht. De Koninklijke Federatie van het Belgische Notariaat wijst deze analyse af en stelt integendeel dat opzoekingen vandaag veel efficiënter verlopen en de rol van genealogen vermindert.

Hierover de volgende vragen:

1) In welke mate volgt de geachte minister de analyse van de genealogen, dat het opspeuren van erfgenamen te weinig deskundig en ook met te weinig enthousiasme wordt aangepakt door notarissen en advocaten? Of onderschrijft hij eerder de stelling van de Koninklijke Federatie van het Belgische Notariaat, die andersom beweert dat de opzoekingen inzake erfgenamen steeds efficiënter verlopen en de rol van de genealogen in belang vermindert?

2) Afhankelijk van de stellingneming van de geachte minister, is hij bereid om aan genealogen een beroepsprofiel toe te kennen en dit in een gereglementeerd kader op te nemen?

 
Réponse reçue le 1 décembre 2011 : Antwoord ontvangen op 1 december 2011 :

1) Il ne m’appartient pas de prendre position concernant l’analyse faite par les généalogistes ou celle faite par les notaires et les avocats et ce, d’autant plus que je ne connais pas les éléments, circonstances ou faits sur lesquels est fondé leur point de vue respectif.

A ce sujet, je peux seulement expliquer la méthode de travail de mon administration.

En l’absence de dépôt d’une déclaration de succession dans le délai légal, le bureau en charge des droits de succession réalise une recherche d’héritiers. Si cette recherche ne donne aucun résultat, le bureau en charge des droits de succession transmet le dossier au bureau des domaines qui réalise une enquête plus approfondie.

Le receveur des domaines peut s’informer auprès de la police ou bien auprès des voisins du défunt sur l’existence de membres de la famille.

Si, malgré ses recherches, le receveur ne trouve aucun héritier, il a alors le choix, en fonction de l’actif et du passif de la succession, de la revendiquer ou non au nom de l'État.

S’il revendique la succession, il est tenu, après la décision du tribunal de première instance qui envoie l'État en possession provisoire de la succession, de faire procéder, de trois en trois mois, à trois publications au Moniteur belge de la décision d’envoi en possession provisoire de la succession.

Ces publications au Moniteur belge sont régulièrement, si pas systématiquement, tenues à l’œil par les généalogistes qui, d’initiative et selon des critères qui leur sont propres, décident ou non de procéder à des recherches d’héritiers. En cas de découverte d’héritiers, ces derniers sont contactés par les généalogistes qui leur communiquent leur découverte moyennant accord préalable sur leur rémunération.

En cas de désignation d’un curateur à succession vacante, soit à la demande d’un créancier du défunt, soit suite à la décision du receveur des domaines de ne pas revendiquer la succession au nom de l'État, le curateur peut lui-même faire appel à un généalogiste pour trouver des héritiers. Cela vaut également pour les notaires ou les avocats qui sont confrontés à une succession.

2) La reconnaissance des généalogistes comme profession dépend de mon collègue qui est compétent pour les Classes moyennes.

1) Het is niet aan mij om een standpunt in te nemen over de analyse van de genealogen of deze van de notarissen en advocaten, temeer ik de elementen, omstandigheden of feiten niet ken waarop hun respectievelijk standpunt is gebaseerd.

In dit verband kan ik enkel de werkwijze van mijn administratie toelichten.

Indien geen aangifte van nalatenschap in de wettelijk voorziene termijn wordt ingediend, voert het kantoor der successierechten een onderzoek naar de erfgenamen. Indien dit onderzoek niets oplevert, stuurt het kantoor der successierechten het dossier naar het kantoor der domeinen dat een grondiger onderzoek zal voeren.

De ontvanger der domeinen kan zich informeren bij de politie of bij de buren van de overledene over het bestaan van familieleden.

Indien, ondanks zijn opzoekingen, de ontvanger geen erfgenamen vindt, heeft hij de keuze om, in functie van het actief en het passief van de nalatenschap, deze al dan niet op te eisen in naam van de Staat.

Indien hij de nalatenschap opeist, moet hij na de beslissing van de rechtbank van eerste aanleg die de Staat in het voorlopig bezit van de nalatenschap stelt, overgaan tot drie publicaties om de drie maanden in het Belgisch Staatsblad van de beslissing tot voorlopige inbezitstelling van de nalatenschap.

Deze publicaties in het Belgisch Staatsblad worden regelmatig, zelfs eerder stelselmatig, in het oog gehouden door de genealogen die op eigen initiatief en volgens hun eigen criteria beslissen om al dan niet op zoek te gaan naar erfgenamen. In het geval erfgenamen worden ontdekt, worden deze gecontacteerd door de genealogen die hen op de hoogte stellen van hun ontdekking na een voorafgaandelijk akkoord met betrekking tot hun bezoldiging.

In het geval van de aanduiding van een curator over de onbeheerde nalatenschap, ofwel op vraag van een schuldeiser van de overledene, ofwel ten gevolge van de beslissing van de ontvanger der domeinen om de nalatenschap niet op te eisen in naam van de Staat, kan de curator zelf een beroep doen op een genealoog om erfgenamen te vinden. Dit geldt eveneens voor notarissen of advocaten die met een nalatenschap worden geconfronteerd.

2) De erkenning van de genealogen als beroep hangt af van mijn collega die bevoegd is voor de Middenstand.