SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2010-2011 Zitting 2010-2011
________________
22 février 2011 22 februari 2011
________________
Question écrite n° 5-1411 Schriftelijke vraag nr. 5-1411

de Bert Anciaux (sp.a)

van Bert Anciaux (sp.a)

à la ministre de l'Intérieur

aan de minister van Binnenlandse Zaken
________________
Monuments - Vulnérabilité face au vol - Manneken Pis Liberation Front Monumenten - Kwetsbaarheid voor diefstal - Manneke Pis Liberation Front 
________________
monument
sculpture
protection du patrimoine
vol
monument
beeldhouwwerk
bescherming van het erfgoed
diefstal
________ ________
22/2/2011Verzending vraag
5/4/2011Antwoord
22/2/2011Verzending vraag
5/4/2011Antwoord
________ ________
Question n° 5-1411 du 22 février 2011 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 5-1411 d.d. 22 februari 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le terrorisme international épargne souvent notre pays. Nous savons pourtant que la Belgique compte aussi de très nombreux foyers de terrorisme, ainsi que l'a encore montré récemment le vol audacieux de la statue du Manneken Pis de Grammont. Il apparaît, une fois de plus, que le terrorisme ne connaît pas de frontières éthiques, esthétiques ni morales. En outre, le Manneken Pis Liberation Front (MPLF) se profile de plus en plus comme phénomène insaisissable, mais partout présent et extrêmement menaçant. Non seulement un tel acte blesse nos citoyens au plus profond de leur être, mais il démontre en même temps la surprenante absence de nos services de sécurité. Apparemment, un tel enlèvement n'avait jamais été jugé possible. Aucune surveillance n'a été organisée, de sorte que ce Manneken Pis présentait une extrême vulnérabilité. Cela ne vaut pas seulement pour ce Manneken Pis ; de nombreuses autres statues partagent cette terrible fragilité et notamment le Manneken Pis de Bruxelles. Apparemment, le vol commis à Grammont n'est que la pointe de l'iceberg constitué par des associations secrètes dont la capacité d'ébranler notre société est de plus en plus forte.

D'où les questions suivantes :

1) Comment la ministre explique-t-il l'exceptionnelle vulnérabilité du Manneken Pis de Grammont ? Confirme-t-elle, dans le cadre de ce fait tragique, l'incapacité de nos services de sécurité à protéger les représentants les plus symboliques de notre société contre le terrorisme international ? Que compte-t-elle faire concrètement pour protéger toutes les statues de même type et notamment le Manneken Pis de Bruxelles ?

2) A-t-elle débattu avec les services de sécurité de cette évolution inquiétante du terrorisme ? La création d'une “unité de protection du Manneken Pis” au sein de la police fédérale lui semble-t-elle une bonne idée ? A-t-elle mis cette menace de plus en plus claire à l'encontre des valeurs flamandes, belges et, par extension, européennes, à l'ordre du jour des négociations avec ses collègues de l'Union européenne ?

3) Est-elle prête, dans le cadre de ce dossier exceptionnel, à envisager le paiement d'une rançon ? Partage-t-elle l'analyse selon laquelle Manneken Pis représente explicitement les valeurs fondamentales de notre histoire en tant que pays d'Europe occidentale, à savoir une superbe vulnérabilité au travers de laquelle notre petitesse accentue notre grandeur ?

 

Het wereldomvattend terrorisme gaat vaak ons land voorbij. Toch weten we dat ook in België heel wat haarden van onrustbarend terrorisme branden. Dit bleek recent uit de drieste ontvoering van het standbeeld Manneke Pis in Geraardsbergen. Eens te meer lijkt terrorisme niet gestoord door ethische, esthetische en morele grenzen en het Manneke Pis Liberation Front (MPLF) profileert zich steeds meer als ongrijpbaar maar alom aanwezig fenomeen met acute bedreiging. Niet alleen schokt dergelijke niets onziende ingreep onze burgers tot in het diepste van hun gemoed, het bewijst meteen ook de verrassende afwezigheid van onze veiligheidsdiensten. Blijkbaar werd dergelijke ontvreemding nooit als plausibel geacht. Toezicht, controle noch bewaking waren voorzien, zodat dit Manneke Pis op aandoenlijke, bijna naakte wijze een ontzettende kwetsbaarheid betoonde. Manneke Pis staat daarmee niet alleen, zoveel andere beelden delen deze ontzettende fragiliteit, waaronder ook Manneke Pis in Brussel. De ontvreemding in Geraardsbergen lijkt maar het topje van een ijsberg van heimelijke genootschappen met een steeds meer slagkrachtig vermogen onze samenleving te schokken.

Daarom de volgende vragen:

1) Hoe verklaart de geachte minister de uitzonderlijke kwetsbaarheid van Manneke Pis in Geraardsbergen? Beaamt zij in deze tragische zaak het onvermogen van onze veiligheidsdiensten om zelfs de meest zinnebeeldige exponenten van onze samenleving te beschermen tegen het internationale terrorisme? Wat zal zij nu concreet ondernemen om de vele soortgelijke beelden, niet in het minst het Manneke Pis van Brussel te beschermen?

2) Heeft zij deze verontrustende opmars van terrorisme besproken met de veiligheidsdiensten? Vindt zij het een goed idee om met prioriteit een Manneke Pis Beschermeenheid binnen de federale politie op te richten? Heeft zij deze steeds duidelijkere bedreiging van de Vlaamse, Belgische en bij uitbreiding Europese waarden geagendeerd op het overleg met haar collegae van de Europese Unie?

3) Is zij bereid om in dit uitzonderlijke geval de betaling van losgeld te overwegen? Deelt zij de analyse dat Manneke Pis staat voor een expliciete illustratie van de basiswaarden van onze West-Europese verlichting, namelijk een trotse naakte kwetsbaarheid waar de kleinheid onze grootsheid accentueert?

 
Réponse reçue le 5 avril 2011 : Antwoord ontvangen op 5 april 2011 :

L’honorable membre trouvera ci-dessous réponse à ses questions.

Des informations de la police locale de Grammont ont fait apparaître que le vol de la statue était une blague d’étudiants et que la statue a été remise.

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vragen.

Uit informatie van de lokale politie Geraardsbergen blijkt dat de diefstal van het beeld een studentengrap was en dat het werd terugbezorgd.