| SÉNAT DE BELGIQUE | BELGISCHE SENAAT | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Session 2008-2009 | Zitting 2008-2009 | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| 30 septembre 2009 | 30 september 2009 | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Question écrite n° 4-4594 | Schriftelijke vraag nr. 4-4594 | ||||||||
de Christine Defraigne (MR) |
van Christine Defraigne (MR) |
||||||||
au ministre des Affaires étrangères |
aan de minister van Buitenlandse Zaken |
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Organisation des Nations unies (ONU) - Conseil des droits de l'homme - Présence des États-Unis - Diplomates belges - Collaboration - Question des droits de l'homme en Egypte et au Pakistan - Position belge | Verenigde Naties (VN) - Raad voor de Mensenrechten - Aanwezigheid van de Verenigde Staten - Belgische diplomaten - Samenwerking - Probleem van de mensenrechten in Egypte en Pakistan - Belgisch Standpunt | ||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| droits de l'homme ONU États-Unis Égypte Pakistan |
rechten van de mens VN Verenigde Staten Egypte Pakistan |
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
|
|
||||||||
| ________ | ________ | ||||||||
| Question n° 4-4594 du 30 septembre 2009 : (Question posée en français) | Vraag nr. 4-4594 d.d. 30 september 2009 : (Vraag gesteld in het Frans) | ||||||||
Lors de l'ouverture de la 12e session ordinaire du Conseil des droits de l'homme à Genève, les États-Unis ont décidé de se faire représenter par leur sous-secrétaire d'État en charge des organisations internationales. Alors que Washington n'a pas encore nommé un représentant permanent à Genève, je voudrais connaître, à vos yeux, la portée politique de ce geste et si le discours des États-Unis a changé avec la présence de Madame Brimmer à Genève. La Belgique participe activement aux travaux du Conseil. Je voudrais connaître les dossiers sur lesquels nos diplomates peuvent travailler activement avec les États-Unis, ceux sur lesquels une implication plus grande de Washington peut modifier le rapport de force politique au sein du Conseil. Comment abordons-nous les questions liées au respect des droits de l'homme en Egypte ou au Pakistan, deux pays alliés de Washington mais dont la réputation en matière de respect des droits de l'homme est ternie ? |
Bij de opening van de 12de gewone zitting van de Raad voor de Mensenrechten te Genève hebben de Verenigde Staten zich laten vertegenwoordigen door hun adjunct-staatssecretaris belast met de internationale organisaties. Washington heeft nog geen permanente vertegenwoordiger in Genève aangesteld. In het licht daarvan zou ik graag weten welke politieke draagwijdte dat gebaar in uw ogen heeft en of het VS-discours in Genève bij monde van mevrouw Brimmer is veranderd. België neemt actief deel aan de werkzaamheden van de Raad. Ik zou willen weten in welke dossiers onze diplomaten kunnen samenwerken met de Verenigde Staten en welke dossiers door de betrokkenheid van Washington de politieke krachtsverhoudingen in de Raad kunnen veranderen. Hoe benaderen wij de problemen inzake mensenrechten in Egypte of Pakistan, twee bondgenoten van Washington met een kwalijke reputatie op dat vlak? |
||||||||
| Réponse reçue le 29 octobre 2009 : | Antwoord ontvangen op 29 oktober 2009 : | ||||||||
1. Le fait que les États-Unis s’engagent à nouveau au sein du Conseil des droits de l’homme, après avoir quitté leur siège d’observateur en juin 2008, ne peut bien évidemment que me réjouir. C’est précisément cet engagement renouvelé qui est déterminant. D'autre part, les États-Unis ne sont pas revenus en qualité d’observateur, mais ils ont été élus en juin en tant que membre ayant voix délibérative. Ajoutons qu’ils jouent un rôle influent au sein du Groupe des États occidentaux. La non-désignation à ce jour d’un représentant permanent américain auprès des Nations unies à Genève est une question purement interne qui ne présage en rien de l’engagement américain à Genève. 2. La Belgique participe en effet activement aux travaux du Conseil et travaille en étroite collaboration avec les États membres de l’Union européenne qui sont membres du Conseil des droits de l’homme. Au sein du Groupe des États Occidentaux, la collaboration est également de mise avec les pays non membres de l’Union européenne, comme par exemple avec les États-Unis. Nous œuvrons de concert, tout comme avec les Norvégiens par exemple, à la préservation de l’universalité des droits de l’homme, mise à mal par un certain nombre de pays. Nous plaidons également ensemble pour le maintien des mandats pays, l’indépendance du Haut Commissaire aux droits de l’homme et la préservation des Procédures spéciales auxquelles le Conseil peut recourir. 3. L’une des grandes nouveautés du Conseil des droits de l’homme est l’Examen Périodique Universel. Il s’agit d’un mécanisme de révision par les pairs, dans le cadre duquel des États évaluent la situation en matière de droits de l’homme dans un autre pays et formulent des recommandations. Son caractère universel rend ce mécanisme unique: d’ici 2011, la situation en matière des droits de l’homme aura été examinée dans les 192 États membres des Nations unies. Le groupe de travail chargé de l’EPU qui se réunira en février 2010 se penchera sur la situation en Égypte et notre pays ne manquera pas d’intervenir à cette occasion. La situation des droits de l'homme au Pakistan a déjà été abordée en mai 2008. L’intervention belge a porté d’une part sur la problématique des abus sexuels envers les enfants et du trafic d’enfants et d’autre part sur la situation des minorités non musulmanes. Durant chacune des sessions du Conseil des droits de l’homme, la situation en matière des droits de l’homme dans les pays tiers peut faire l’objet d’interventions par les membres, les observateurs et les représentants de la société civile, qui participent aux travaux du Conseil. |
1. Uiteraard ben ik zeer verheugd dat de Verenigde Staten zich opnieuw engageren in de Mensenrechtenraad, nadat ze hun stoel als waarnemer verlieten in juni 2008. Het is dit hernieuwde engagement dat van doorslaggevend belang is. Bovendien zijn de Verenigde Staten niet teruggekeerd als waarnemer, maar werden ze in juni verkozen als stemgerechtigd lid en zijn ze een belangrijke speler binnen de Westerse groep. Hier moet wel meteen aan worden toegevoegd dat het lidmaatschap van de Verenigde Staten de mathematische machtsverhoudingen ongewijzigd laat: de Verenigde Staten bekleden één van de zeven zetels die toekomen aan de Westerse groep. Het uitblijven van de aanstelling van een Amerikaanse permanente vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties in Genève is een louter interne kwestie en zegt niets over het Amerikaanse engagement in Genève. 2. België neemt inderdaad actief deel aan de werkzaamheden van de Raad en werkt nauw samen met de Europese lidstaten die lid zijn van de Mensenrechtenraad. Daarnaast wordt binnen de Westerse groep uiteraard ook samengewerkt met de niet-Europese Unie leden, zoals ook de Verenigde Staten Met hen, net zoals bijvoorbeeld met Noorwegen, waken we over de vrijwaring van de universaliteit van de mensenrechten, die een aantal landen trachten te ondermijnen. Samen zetten we ons ook in voor het behoud van de landenmandaten, de onafhankelijkheid van de Hoge Commissaris voor de Rechten van de Mens, de vrijwaring van de Speciale Procedures waar de Raad over beschikt. 3. Een van de grote nieuwigheden van de Mensenrechtenraad is het Universeel Periodiek Onderzoek (zogenaamde UPR). Het gaat om een zogenaamd ‘peer review mechanism’, waarbij Staten de mensenrechtensituatie in een ander land evalueren en aanbevelingen formuleren. Uniek aan het mechanisme is het universeel karakter: de mensenrechtensituatie in alle 192 Verenigde Naties-lidstaten wordt onderzocht tegen 2011. De mensenrechtensituatie in Egypte zal aan bod komen tijdens de UPR werkgroep in februari 2010 en ons land zal niet nalaten om tijdens de UPR werkgroep tussen te komen. De mensenrechtensituatie in Pakistan is reeds aan bod gekomen in mei 2008. De thematiek van de Belgische tussenkomst betrof enerzijds de problematiek van seksueel misbruik van kinderen en handel in kinderen en anderzijds de situatie van niet-moslim minderheden in Pakistan. Verder kan tijdens elke sessie van de Mensenrechtenraad tussengekomen worden met betrekking tot de mensenrechtensituatie in derde landen door de leden, waarnemers en vertegenwoordigers van de civiele maatschappij, die deelnemen aan de werkzaamheden van de Raad. |