SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2008-2009 Zitting 2008-2009
________________
9 juillet 2009 9 juli 2009
________________
Question écrite n° 4-3765 Schriftelijke vraag nr. 4-3765

de Geert Lambert (Indépendant)

van Geert Lambert (Onafhankelijke)

au ministre pour l'Entreprise et la Simplification

aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
________________
AB Inbev - Adaptation des modalités de paiement - Enquête - Arrêt de celle-ci AB Inbev - Aanpassing van de betalingsmodaliteiten - Onderzoek - Stopzetting 
________________
créance
facturation
délai de paiement
paiement
schuldvordering
facturering
betalingstermijn
betaling
________ ________
9/7/2009Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/8/2009)
3/11/2009Antwoord
9/7/2009Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/8/2009)
3/11/2009Antwoord
________ ________
Question n° 4-3765 du 9 juillet 2009 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 4-3765 d.d. 9 juli 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

En avril 2009, après que le ministre avait annoncé que l'on examinerait la décision unilatérale de l'AB Inbev de payer dorénavant les factures de ses fournisseurs après 120 jours au lieu de 30, nous avons appris que cette enquête avait été stoppée.

Je souhaiterais par conséquent connaître les raisons pour lesquelles cette enquête n'a pas été poursuivie.

 

Nadat de geachte minister in april 2009 had aangekondigd dat de eenzijdige beslissing van AB Inbev om de facturen van zijn leveranciers voortaan pas na honderd twintig dagen te betalen in plaats van dertig dagen voordien, zou worden onderzocht, werd later bericht dat dit onderzoek gestopt werd.

Ik vernam dan ook graag welke de redenen zijn voor het niet verder zetten van dit onderzoek.

 
Réponse reçue le 3 novembre 2009 : Antwoord ontvangen op 3 november 2009 :

Après une enquête informelle, vu les caractéristiques du marché sur lequel la prolongation de délais de paiement avait été décrite dans la presse comme une opération de distorsion de la concurrence (malt) et la manière ainsi que les délais avec lesquels AB Inbev va négocier les adaptations au contrat qui ont été souhaitées, il n'y avait vraiment aucune raison à ce moment pour estimer qu'il s'agissait d'un abus d'une position dominante au sens du droit de la concurrence.

La Direction générale de la Concurrence n'a, par ailleurs, hormis le communiqué de presse, reçu aucune plainte en la matière. Après vérification auprès d'une organisation de petites et moyennes entreprises, personne n'a déclaré avoir été lésé. L'établissement belge du fournisseur multinational de malt qui avait été présenté dans la presse comme plaignant a préféré ne pas participer à l'enquête.

Na een informeel onderzoek was er, gelet op de kenmerken van de markt waarop de verlenging van betalingstermijnen als een verstoring van de mededinging werd beschreven in de pers (mout) en de wijze waarop en de termijnen waarin AB Inbev de door hen gewenste contractaanpassingen zal onderhandelen, alleszins op dat ogenblik geen reden om te menen dat er sprake zou zijn van een misbruik van machtspositie in de zin van het mededingingsrecht.

De Algemene directie Mededinging heeft overigens behalve het persbericht geen enkele klacht ter zake ontvangen en ook uit een afchecken bij een organisatie van kleine en middelgrote ondernemingen bleek dat niemand zich als benadeelde had gemeld. De Belgische vestiging van de multinationale leverancier van mout die als klager vernoemd werd in de pers verkoos niet mee te werken aan het onderzoek.